Subsidie voor originele en innoverende stadsprojecten

De Vlaamse overheid verleent verenigingen en instellingen subsidies voor innoverende en experimentele projecten die bijdragen tot duurzame en creatieve steden. Deze subsidies dienen als ondersteuning van vernieuwende en experimentele ideeën en praktijken die de creatieve krachten in steden bundelen. Daarvoor moet er wel een duidelijk verband zijn tussen een project en de stad.

De projectsubsidie is éénmalig en geldt voor een beperkte periode.

De beoogde projecten richten zich op de volgende thema’s:

  • het aantrekkelijker maken van het wonen in de stad
  • het stimuleren van een open en warme samenleving in de steden
  • steden doen uitgroeien tot belangrijke centra van creativiteit en ondernemerschap
  • de vergroening van de steden
  • een slimme mobiliteit in de steden
  • het stimuleren van inspraak en betrokkenheid van bewoners
  • het promoten van de steden
  • het bevorderen van interstedelijke samenwerking.

Voorwaarden

Verenigingen of instellingen met rechtspersoonlijkheid (behalve handelsvennootschappen en openbare instanties) kunnen een aanvraag indienen:

  • als de maatschappelijke zetel in Vlaanderen of Brussel ligt
  • en als de statuten in het Nederlands in het Belgisch Staatsblad zijn verschenen.

De projecten moeten plaats vinden in één van de volgende steden:

  • Aalst
  • Antwerpen
  • Brugge
  • Genk
  • Gent
  • Hasselt
  • Kortrijk
  • Leuven
  • Mechelen
  • Oostende
  • Roeselare
  • Sint-Niklaas
  • Turnhout
  • of in het Brussels Gewest (enkel projecten m.b.t. een gemeenschapsmaterie).

De projecten moeten:

  • een publieksgericht en openbaar karakter hebben
  • en bijdragen tot stedelijkheid:
    • ze zijn inspirerend en kunnen ook waardevol zijn voor andere steden en zo een multiplicatoreffect vervullen
    • ze bevorderen de samenwerking tussen de Vlaamse steden, en dit als steun voor een innovatief, effectief en efficiënt lokaal stedelijk beleid
    • ze werken aan kennisuitwisseling en kennisopbouw op vlak van stedenbeleid.

Initiatieven die alleen op eigen leden of eigen gebruikers van de instelling zijn gericht, komen dus niet in aanmerking.

De aankondiging en alle communicatie over de projecten moet in het Nederlands gebeuren. Het Nederlands wordt ook gebruikt tijdens het verloop van het project. Bij de communicatie over de projecten moet de steun van de Vlaamse overheid vermeld worden. De logo’s van de Vlaamse overheid en ‘Thuis in de stad’ moeten duidelijk zichtbaar zijn.

Wat de kosten betreft:

  • moet het project voor een deel via eigen inkomsten of een inbreng van anderen tot stand komen
  • moeten alle middelen effectief in de betrokken subsidieperiode worden besteed
  • mag de subsidie geen aanleiding geven tot het maken van winst.

Procedure

De subsidies worden verstrekt na een oproep. Een publieke aankondiging bepaalt wanneer en waar de projectaanvragen moeten worden ingediend. De bevoegde administratie maakt vervolgens een selectie uit de ingediende projecten.

De oproep 2014 'Kindvriendelijke Stad' richtte zich net als het voorgaande jaar op projecten waarbij kinderen en jongeren (van 0 tot 18 jaar) opgenomen zijn als een vanzelfsprekende deelnemer in de stedelijke ruimte. Daarmee worden projecten bedoeld die zich bv. richten op:

  • een zo vlot en autonoom mogelijke mobiliteit van kinderen
  • een multifunctionele kind- en jeugdvriendelijke inrichting van de publieke ruimte
  • participatie van kinderen en jongeren in het stedelijk debat
  • kwaliteitsvolle invulling van de woonomgeving
  • ontwikkelingskansen voor maatschappelijk kwetsbare kinderen en jongeren.

Verenigingen uit de 13 centrumsteden en Brussel konden ten laatste op 10 maart 2014 een subsidieaanvraag voor hun project indienen.

Bedrag

De subsidies bedragen minstens 7.500 euro en maximum 30.000 euro. Ze zijn beperkt tot maximum 90% van de uitgaven die in aanmerking worden genomen. De projecten moeten dus voor een deel via eigen inkomsten of een inbreng van anderen tot stand komen.

Loutere investeringsuitgaven komen niet in aanmerking.