Overslaan en naar de inhoud gaan
Cultuur Cultuur

Beleid

Sinds 1 januari 2018 zijn de provincies niet langer bevoegd voor de persoonsgebonden materies, zoals cultuur, jeugd, welzijn, gelijke kansen en sport. Op 9 november 2016 werd hiervoor het decreet betreffende de nieuwe taakstelling van de provincies goedgekeurd in het Vlaams Parlement. Om een duurzame overdracht te bereiken, werd 2018-2019 een overgangsperiode waarin de provinciale werkingsmiddelen gecontinueerd werden en het transitiereglement projectmatige ondersteuning bood. Daarnaast werd ook de ondersteuning van het bibliotheekbeleid meegenomen naar Vlaanderen. 

Na de overgangsperiode in 2018 en 2019, ging het bovenlokaal cultuurdecreet in werking. Dit decreet heeft tot doel een kwalitatieve, duurzame, diverse en geïntegreerde bovenlokale cultuurwerking uit te bouwen, te stimuleren en te optimaliseren; en cultuurparticipatie te bevorderen en te versterken. Hiervoor focust het nieuwe decreet op de ontwikkeling en verspreiding van praktijken en projecten van culturele organisaties in de bovenlokale context.

Transitiereglement

Eén van de maatregelen in het kader van de duurzame overdracht was het transitiereglement voor de subsidiëring van culturele projecten met een bovenlokale uitstraling. Dit reglement moest de subsidiëring van culturele projecten die het lokale niveau overstijgen, waarborgen in 2018 en 2019.

Organisaties die subsidies krijgen voor projecten die liepen tijdens de laatste indienronde (1 april 2019, voor projecten die aanvangen van start gingen op 1 juli 2019), bezorgen hun verantwoording uiterlijk 30 september 2020 via de KIOSK-applicatie.

Continuering provinciale werkingsmiddelen

Een tweede maatregel was de continuering van de provinciale werkingsmiddelen. Organisaties die werkingssubsidies voor cultuur of jeugdwerk ontvingen van de provincies in 2014, ontvingen in 2018 en 2019 dezelfde subsidie van de Vlaamse overheid. Voor het bedrag werd het subsidiejaar 2014 als referentie genomen. Voor de amateurkunstenorganisaties werd de subsidie bepaald volgens de ranking van de laatste wedstrijd waaraan deze organisaties deelnamen.