Overslaan en naar de inhoud gaan
Cultuur Cultuur

Werkingssubsidies voor sociaal-culturele organisaties met werking in specifieke regio’s

Wat

Per beleidsperiode subsidieert de Vlaamse Regering sociaal-culturele volwassenenorganisaties met een werking in een specifieke regio (of groep van gebieden).

De gesubsidieerde organisaties zijn pluralistisch en ontwikkelen een sociaal-culturele werking rond de vier functies:

  • hun werking richt zich op sociaal-culturele participatie en het bereiken van zoveel mogelijk inwoners van de regio, met een focus op specifieke gemeenschappen, doelgroepen en kansengroepen;
  • hun werking is afgestemd op de culturele en maatschappelijke context van de regio;
  • ze zetten in op relevante thema’s voor de regio;
  • en zijn zoveel mogelijk complementair aan de werking van andere organisaties en spelers in het veld.

Voor wie

De Vlaamse Regering ondersteunt één sociaal-culturele volwassenenorganisatie per regio. De organisatie heeft een werking in die specifieke regio (of groep van gebieden).

De regio’s zijn:

  • het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad;
  • de arrondissementen Antwerpen, Mechelen, Turnhout, Halle-Vilvoorde, Leuven, Aalst-Oudenaarde, Sint-Niklaas-Dendermonde, Gent-Eeklo, Brugge, Ieper-Veurne-Oostende, Kortrijk-Roeselare-Tielt
  • de provincie Limburg.

Alleen hogescholen die erkend en gesubsidieerd zijn op basis van het decreet van 4 april 2003, kunnen een subsidieaanvraag indienen.

Hoe en wanneer aanvragen

Om in aanmerking te komen voor de steun, dien je als organisatie een subsidieaanvraag in, één jaar voor de start van een nieuwe beleidsperiode. Voor de beleidsperiode 2021-2025 kan je geen aanvraag meer indienen.

Je subsidieaanvraag wordt beoordeeld door een beoordelingscommissie

De beoordelingscommissie is gebonden aan het beoordelingsprotocol dat de Adviescommissie Sociaal-cultureel Volwassenenwerk uitwerkte. 

Beoordelingsproces – bezoek ter plaatse

In het eerste kwartaal van het vijfde jaar van de beleidsperiode komt een beoordelingscommissie op bezoek. Die commissie bestaat uit externe deskundigen en deskundigen van de administratie. Ze evalueren en beoordelen de werking van je organisatie op basis van het beleidsplan, het voortgangsrapport, de begrotingen, de financiële verslagen en algemene gegevens over de werking.

Deze bezoeken ter plaatse zijn belangrijke evaluatie- en leermomenten voor alle gesubsidieerde sociaal-culturele volwassenenorganisaties.
 

Hoe verloopt een bezoek ter plaatse?

De bezoeken ter plaatse gebeuren op basis van de beoordelingselementen en -criteria uit het decreet en het uitvoeringsbesluit. De beoordelingscommissie spreekt zich per criterium uit en bepaalt of de werking van je organisatie ‘voldoet’, ‘ten dele voldoet’, of ‘onvoldoende is’. In de memorie van toelichting bij het decreet worden de beoordelingselementen en criteria gekaderd.

De beoordelingscommissies zijn gebonden aan het beoordelingsprotocol dat de Adviescommissie Sociaal-cultureel Volwassenenwerk uitwerkte.
 

Na het bezoek ter plaatse: remediëringsrapport en plan van aanpak

Als je organisatie na een bezoek ter plaatse een negatieve beoordeling met aanbevelingen kreeg, dien je ten laatste één jaar na dat definitieve advies een remediëringsrapport in. Op basis van dat rapport, word je opnieuw gevisiteerd. De commissie evalueert de kwaliteit en doeltreffendheid van de acties die je hebt ondernomen naar aanleiding van hun aanbevelingen.

Als je organisatie een positieve evaluatie met aanbevelingen ontving, dien je een plan van aanpak in bij het voortgangsrapport.

Na toekenning - Verantwoording

Elk jaar voert het departement Cultuur, Jeugd en Media toezicht uit op de werking van de erkende sociaal-cultureel volwassenenorganisaties, aan de hand van deze documenten, die je jaarlijks voor 1 april indient:

  1. een financieel verslag met:
    1. de afrekening
    2. de balans 
    3. een begroting
  2. een verslag van een erkende accountant of bedrijfsrevisor die niet betrokken is bij de dagelijkse werking van je organisatie, met commentaar bij de waarheidsgetrouwe weergave van de afrekening en de balans;
  3. een overzicht van de individuele bezoldigingen, met vermelding van de totale loonkosten per werknemer.

We stellen daarvoor een sjabloon en een handleiding ter beschikking:

 

Dien de documenten met zorg in. Wanneer we tekortkomingen vaststellen na dit jaarlijkse toezicht, maken we een ontwerp op tot beslissing van sanctionering.

Vragen

Team Sociaal-cultureel Werk en Jeugdwerk
Subsidiëren en erkennen
02 553 06 30