Overslaan en naar de inhoud gaan
Jeugd Jeugd

Geprofessionaliseerd jeugdwerk met jeugd met een handicap

Wat

De Vlaamse Regering kent elke vier jaar werkingssubsidies toe aan geprofessionaliseerde jeugdwerkorganisaties om een bovenlokaal jeugdwerkaanbod met kinderen en jongeren met een handicap te organiseren tijdens de schoolvakanties en het schooljaar. Deze subsidielijn valt onder het decreet bovenlokaal jeugdwerk, jeugdhuizen en jeugdwerk voor bijzondere doelgroepen.

Als initiatiefnemer kan je ook gesubsidieerd worden als je een brugfunctie hebt, en er met andere woorden voor zorgt dat de betrokken kinderen en jongeren aansluiting vinden bij instellingen of organisaties die hen kunnen helpen te integreren in de samenleving - om zo hun achterstelling of uitsluiting weg te werken.

Je kan ook subsidies aanvragen wanneer je als organisatie een signaalfunctie opneemt en sensibiliseert over mechanismen die afbreuk doen aan de rechten en gelijke kansen van kinderen en jongeren, op basis van je eigen praktijkervaring.

Voor wie

Je kan een aanvraag starten wanneer je geprofessionaliseerde jeugdwerkorganisatie op het moment van indienen:

  • is gevestigd in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad;
  • zowel tijdens het schooljaar als tijdens de schoolvakanties een jeugdwerkaanbod organiseert;
  • een beleidsplan indient voor een periode van vier jaar;
  • beschikt over privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid met niet-commercieel karakter;
  • en tenminste één beroepskracht met een inhoudelijke taakstelling tewerkstelt.

Indiendata

Aanvragen kunnen vierjaarlijks ingediend worden. De eerstvolgende aanvragen moeten uiterlijk 1 juni 2023 binnen zijn. 

Hoe aanvragen

Dien je aanvraag in via KIOSK

Voor het financieel luik moet je het begrotingsdocument geprofessionaliseerde werkingen kinderen en jongeren met een handicap (xslx) opladen in de KIOSK-applicatie.

In het beleidsplan neem je de volgende elementen op:

  • de doelgroep die je bereikt, met vermelding van leeftijd en geografische spreiding;
  • de plannen om het jeugdwerkaanbod te organiseren;
  • de wijze waarop je het personeels- en vrijwilligersbeleid vorm geeft;
  • de wijze waarop je de participatie voor kinderen en jongeren stimuleert, waardoor de betrokken kinderen en jongeren aansluiting vinden bij instellingen of organisaties die hen kunnen helpen te integreren in de samenleving om zo hun achterstelling of uitsluiting weg te werken (brugfunctie);
  • de wijze waarop je sensibiliseert voor mechanismen die afbreuk doen aan de rechten en gelijke kansen van kinderen en jongeren, op basis van zijn eigen praktijkervaring (signaalfunctie).

Beoordeling van je aanvraag

Nadat je dossier werd ingediend en ontvankelijk verklaard, wordt het door de administratie beoordeeld. Tegen 1 september van datzelfde jaar bezorgt die haar advies aan de minister.

Op uiterlijk 1 oktober laat de minister zijn of haar beslissing weten. Bij een gunstige beslissing, krijg je ook meteen het subsidiebedrag meegedeeld.

Toekenning en uitbetaling

Tijdens het eerste en derde jaar van de vierjarige periode, wordt per kwartaal 25% van het toegezegde subsidiebedrag uitbetaald. Tijdens het tweede en vierde jaar wordt per kwartaal 20% van het bedrag betaald. Het resterende saldo van 20% krijg je uitgekeerd voor 1 juli van het jaar dat daarop volgt, indien wordt voldaan aan de elementen beschreven onder ‘Na toekenning’.

Na toekenning

Je bezorgt de administratie een voortgangsrapport, uiterlijk op 31 maart van het derde jaar van de vierjarige periode. Dit rapport omvat een financieel en inhoudelijk verslag van de werking van de voorbije twee jaar, en een concreet uitgewerkte inhoudelijke en financiële planning voor het derde en vierde jaar. Je stelt dit rapport op en dient het in conform de leidraad van de administratie.

Als uit het voortgangsrapport blijkt dat de toegekende subsidies hoger zijn dan de uitgaven die je als jeugdwerkinitiatief kan verantwoorden, houden we het teveel in van het nog uit te keren saldo. Het bedrag dat daarna eventueel nog overblijft, wordt in mindering gebracht op de nog uit te betalen subsidies, tot maximaal het bedrag van de subsidie dat toegekend is voor het tweede jaar van de vierjarige periode.

Op uiterlijk 31 maart van het jaar dat volgt op de vierjarige periode, bezorg je de administratie een werkingsverslag. Dat verslag omvat een financieel en inhoudelijk verslag van de werking van de voorbije twee jaar. Je stelt het op en dient het in conform de leidraad van de administratie.

Als uit het werkingsverslag blijkt dat de toegekende subsidies hoger zijn dan de uitgaven die je als jeugdwerkinitiatief kan verantwoorden, houden we het teveel in van het nog uit te keren saldo van de subsidie. Het bedrag dat daarna eventueel nog overblijft, wordt in mindering gebracht op de nog uit te betalen subsidies, tot maximaal het bedrag van de subsidie dat toegekend is voor het vierde jaar van de vierjaarlijkse periode.

Toegekende werkingssubsidies 2020-2023

Minister van Jeugd Benjamin Dalle besliste om jaarlijks voor 1.308.150 euro werkingssubsidies toe te kennen aan 14 bovenlokale werkingen met kinderen en jongeren met een handicap. Het gaat om een jaarlijkse subsidie voor de beleidsperiode 2020-2023.

In 2019 konden geprofessionaliseerde werkingen met kinderen en jongeren met een handicap voor het eerst een vierjarige werkingssubsidie aanvragen op basis van het decreet bovenlokaal jeugdwerk. Er werden 15 ontvankelijke dossiers ingediend. Het gaat in de eerste plaats om subsidies voor de organisatie van een eerstelijnsjeugdwerkaanbod. Verscheidene organisaties ontvangen een bijkomende subsidie voor het opnemen van een brug- en signaalfunctie.

> Download het overzicht van toegekende werkingssubsidies

Vragen

Voor technische informatie over de KIOSK-applicatie kan je terecht bij kiosk@vlaanderen.be.
Voor inhoudelijke informatie contacteer je het team Transversaal en Bovenlokaal.

Team Transversaal en bovenlokaal
Subsidiëren en erkennen
02 553 42 27