Overslaan en naar de inhoud gaan
Protocollen Protocollen

Protocollen

Verstrengde maatregelen

- Laatste update: 2 december 2020 - 

De slechte coronacijfers hebben gezorgd voor alsmaar strengere maatregelen vanuit de federale regering. Inrichtingen die behoren tot de culturele, feestelijke, sportieve, recreatieve en evenementensector, theaters en bioscopen zijn daarom gesloten voor het publiek.

Er gelden uitzonderingen voor bibliotheken, spelotheken en mediatheken, culturele plaatsen voor kinderen jonger t.e.m. 12 jaar, en musea.

> Lees er meer over in het document met veelgestelde vragen van Cultuurloket.

Deze maatregelen overstijgen het basisprotocol Cultuur.

Heropening musea

Volgens het Ministerieel Besluit  van 28 november 2020 houdende wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken, mogen de musea en kunsthallen die door de federale regering of een deelstaat erkend zijn, heropenen.

Een overzicht van de musea die door de Vlaamse Gemeenschap erkend zijn, vind je in het register of in deze lijst. De musea moeten het tienpuntenplan volgen voor een veilige heropstart.

 

Basisprotocol cultuur

Sinds 8 juni mag de cultuursector haar activiteiten zonder publiek hervatten. Intussen mogen activiteiten mét publiek ook doorgaan. Dat moet zo veilig mogelijk gebeuren, zowel voor de deelnemers als voor het personeel. Daarvoor zijn protocollen opgemaakt die de sector helpen om veilig op te starten. Deze protocollen worden bepaald door de bevoegde minister en in overleg met de sector.

Vanaf 24 oktober geldt code rood voor de cultuursector.

 

De cultuursector is enorm divers: van de professionele muzieksector tot de lokale harmonie, van de professionele theatergezelschappen tot de plaatselijke toneelvereniging, van de grote culturele instellingen en musea tot het kleinere culturele erfgoed verspreid over heel Vlaanderen, van circus en kermis tot de plaatselijke afdeling van natuurpunt, enz.

Het is dus een enorme uitdaging om voor deze diverse sector een set met heldere en gedragen richtlijnen op te stellen. Daarom is er gekozen voor een generiek basisprotocol. Aanvullend en binnen de krijtlijnen van dit basiskader kunnen de verschillende subsectoren, organisaties en instellingen hun eigen, dikwijls specifiekere richtlijnen, uitwerken en verspreiden.

Dit basisprotocol kwam tot stand na overleg met verschillende vertegenwoordigers uit de cultuursector en in nauw overleg met professor Erika Vlieghe. Het bouwt verder op het vele voorbereidende werk en goede praktijkvoorbeelden van de cultuursector zelf.

Basisprotocol met kleurencodes  - nieuwe versie

Sinds september 2020 hebben we in het basisprotocol een gefaseerde aanpak opgenomen, gekoppeld aan de kracht van de pandemie. We gebruiken daarvoor kleurencodes, die telkens de ernst van de situatie en bijhorende maatregelen voor onze sector vastleggen. In oktober 2020 werd deze gefaseerde aanpak ook gekoppeld aan de Nationale Barometer, waar men met gevarenlevels werkt.

Wat is nieuw?

Sinds 1 september geldt een gefaseerd basisprotocol cultuur met kleurencodes die elk een pandemiescenario voorstellen. Op basis van nieuwe inzichten kan dit protocol tussentijds aangepast worden. We belichten hieronder steeds de belangrijkste nieuwigheden.
 

Nieuw vanaf 24 oktober

Het nieuwe basisprotocol behoudt de kleurencodes en koppelt deze aan de vier alarmfases van de coronabarometer. Er werden een aantal regels toegevoegd, vooral met het oog op een schakeling naar fase rood. We zetten de belangrijkste op een rij:

  • Het aantal toegelaten personen wordt gekoppeld aan densiteit (p/m²). Deze maatregel is strenger bij risico-activiteiten.
  • Activiteiten met ‘contact’, zoals theater, worden an sich niet verboden in code rood, maar er gelden wel strenge voorwaarden.
  • Voor evenementen is het kader aangepast aan de verschillende kleurencodes.

    Aanvullende sectorgidsen en protocollen

    Hieronder vind je een lijst van andere sectorgidsen en protocollen uit onze sectoren. Sommige sectorgidsen vertrekken vanuit preventie binnen een arbeidscontext. Er is dus een verschil tussen een professionele context en een niet-professionele context.