De dossiers die besproken werden waren de herziening van de ITS-richtlijn, de richtlijn stabiliteitsvereisten Roro-passagiersschepen alsook drie Fit For 55-transportdossiers (het voorstel tot verordening voor alternatieve brandstoffeninfrastructuur ter herziening van de huidige richtlijn (AFIR), Refuel EU Aviation en FuelEU Maritime).

België stemde in met vier van de voorliggende algemene benaderingen maar onthield zich in het dossier Refuel EU Aviation met steun aan een verklaring van Duitsland waarin het verzet tegen opname van Synthetic Low Carbon Fuels (SLCF) in het voorstel wordt benadrukt.

Ook voor Fuel EU Maritime sloot België aan bij een verklaring om een verhoogd ambitieniveau te bepleiten.

TEN-T verordening: voortgangsverslag en beleidsdebat

De Europese Commissie (COM) wijst op de oorlog in Oekraïne die heeft geleid tot verschuivingen binnen de EU en de fragiliteit van het netwerk heeft blootgelegd. Er moet dus een tandje worden bijgestoken om te komen tot een vlot, slim en veerkrachtig transportnetwerk. Focus op meer spoor, meer binnenvaart en meer short sea shipping moet leiden tot verduurzaming.

COM is blij dat de lidstaten de algemene prioriteiten en principes van het nieuwe voorstel kunnen steunen met de aanpak in drie fasen. De spoorsector heeft duidelijk het signaal gegeven dat de vereisten moeten worden uitgebreid naar het hele netwerk. Interoperabiliteit is cruciaal samen met een treinnetwerk dat alle hoofdsteden verbindt. Voor binnenvaart moet er ruimte zijn voor de verschillende geografische omstandigheden en een betere coördinatie onder de lidstaten. Korte vaart wordt nu op gelijke voet behandeld als andere modi zowel binnen de EU als naar derde landen.

Financiering kan gebeuren via innovatieve instrumenten, subsidies en RRF. Ook beheer en opvolging is belangrijk en het is positief dat de rol van de coördinatoren bevestigd wordt door de lidstaten. Voor het netwerk is er een objectieve methodiek waaraan we moeten houden, het netwerk moet ook stabiel zijn. De nieuwe geopolitieke context moet worden meegenomen: via het initiatief van de solidarity lanes zal COM werk maken van nieuwe connecties met Oekraïne.

Enkele interventies van het beleidsdebat:

  • Denemarken, Oostenrijk en Nederland zijn blij met de grotere focus op verdere vergroening en de Green Deal in het voorstel.
  • Verschillende delegaties, waaronder België wijzen op de nood aan voldoende financiering en op de noodzaak om de beperkte middelen efficiënt in te zetten.
  • België en Luxemburg hebben nog vragen bij de afstemming tussen TEN-T en de RFC.
  • Oostenrijk vraagt aandacht voor de instandhouding van de infrastructuur.
  • België, Luxemburg, Nederland en Ierland vragen om ook een focus op zachte mobiliteit mee te nemen in de toekomstige TEN-T netwerken.
  • Zweden en Finland vragen aandacht voor de verschillen binnen de EU en vragen een algemene vrijstelling voor dunbevolkte gebieden.
  • Denemarken maakt zich zorgen om de ambitieuze vereisten voor beveiligde parkings, dit is een taak voor de industrie.
  • Ierland, België en Griekenland benadrukken het belang van bepaalde havens in de energiebevoorrading.

Lunchdebat Oekraïne

Tijdens de lunch maakten de ministers de balans op van de lopende inspanningen om de uitvoer van landbouw- en andere goederen uit Oekraïne mogelijk te maken. Commissaris Adina Vălean herinnerde aan de dringend genomen maatregelen op het gebied van mobiliteit om de impact van de crisis te verminderen, zowel voor de opvang van vluchtelingen als om de connectiviteit voor het goederenvervoer te vergroten.

Het platform dat eind mei door de Commissie is opgericht en de door de lidstaten op te zetten solidariteitscorridors zijn in de eerste plaats gericht op de landbouwsector, maar hebben een bredere invloed op de bilaterale handel van Oekraïne. Alleen al in de landbouw is de meest urgente uitdaging om 20 miljoen ton graan die momenteel in Oekraïne is opgeslagen, te kunnen evacueren voor de volgende oogst deze zomer. Voor de crisis kon Oekraïne 5 miljoen ton per maand exporteren via de havens aan de Zwarte Zee. Dit alles moet nu via weg en spoor worden omgeleid. Om de uitdaging aan te gaan, moet de transportsnelheid worden verdubbeld (van de huidige 2 miljoen ton per maand naar 3 tot 4 miljoen) en moet er extra opslagcapaciteit worden gecreëerd.

Het door de Commissie beheerde platform verbindt vraag en aanbod. De Commissie heeft de juiste gesprekspartners in Oekraïne geïdentificeerd en de lidstaten gevraagd contactpunten aan te wijzen die verantwoordelijk zijn voor de contacten met de nationale actoren voor alle logistieke aspecten.

De Commissie drong aan op vier punten:

  1. De invoering van vereenvoudigde grensprocedures
  2. Het aanwijzen door de lidstaten van nationale contactpunten (voor degenen die dit nog niet hebben gedaan) en het machtigen van deze contactpunten om de beschikbare capaciteiten te identificeren en een echte coördinatie tussen de actoren te bewerkstelligen.
  3. Mobilisatie van de particuliere sector en de industrie. Een eerste netwerkbijeenkomst georganiseerd door de Commissie vond plaats en bracht 300 industriële deelnemers samen.
  4. Versnelling van bilaterale overeenkomsten met buurlanden van Oekraïne, met name om bufferopslag te creëren.