Corona en opzegtermijn

Alle verhuizingen zijn opnieuw toegestaan, niet alleen dringende verhuizingen. Maar verhuizen onder de beperkende coronamaatregelen is niet eenvoudig. Als de huurder niet op het voorziene tijdstip kan verhuizen, laat hij dat zo snel mogelijk weten aan zijn verhuurder en geeft hij de redenen aan waarom hij niet kan verhuizen. De huurder en verhuurder proberen op basis daarvan tot een akkoord te komen.

De bijzondere maatregelen rechtvaardigen in bepaalde gevallen dat de huurder op het einde van de huurovereenkomst langer in de huurwoning blijft:

  • De huurder kan aan de verhuurder de verlenging van de huurovereenkomst wegens buitengewone omstandigheden vragen:
    • Tijdens de beperkende coronamaatregelen kan de huurder de aanvraag best per mail richten aan de verhuurder (de huurder vraagt om bewijsredenen best wel een ontvangstbevestiging en een leesbevestiging).
    • Tijdens de beperkende maatregelen kan de huurder deze aanvraag ook minder dan een maand voor het einde van de huurovereenkomst doen.
  • De huurder en de verhuurder kunnen ook een tijdelijke bezetting ter bede overeenkomen voor de periode na het aflopen van de huurovereenkomst. De eigenaar kent dan een tijdelijk verblijfsrecht toe aan de voormalige huurder, in afwachting van de opheffing van de beperkende maatregelen die de verhuizing van de voormalige huurder verhinderen. Het akkoord tussen de eigenaar en de voormalige huurder kan blijken uit duidelijk mailverkeer tussen deze partijen. Tijdens de verlenging blijft de huurder de huurprijs of een bezettingsvergoeding, gelijk aan de huurprijs, betalen.

Vermijd in geval van verhuizing zo veel mogelijk ‘overlapping’ tussen de opeenvolgende huurders. Maak duidelijke afspraken met de vertrekkende en de nieuwe huurders. De Vlaamse overheid vraagt huurders en verhuurders om soepel te zijn (bv. niet op de laatste dag van het contract verhuizen).

Op de website van Wonen-Vlaanderen vindt u antwoorden op een aantal vragen over de invloed van de coronamaatregelen op woninghuur (opent in nieuw venster) (o.a. plaatsbeschrijving, overhandiging van sleutels) in het Vlaamse Gewest.

Bij huurconflicten naar aanleiding van de coronacrisis moeten huurder en verhuurder eerst samen proberen een oplossing te vinden voor het probleem. Lukt dat niet, dan kunnen huurder en verhuurder tot en met 30 september 2020 terecht bij de Vlaamse Ombudsdienst voor bemiddeling.

Opzeg van een huurovereenkomst van 3 jaar of minder

Voor contracten afgesloten vóór 1 januari 2019 verloopt de opzeg volgens de federale huurwet (opent in nieuw venster):

  • Een huurovereenkomst van 3 jaar of minder kan door geen enkele partij eenzijdig vervroegd worden opgezegd.
  • Beide partijen kunnen de overeenkomst wel in onderling akkoord opzeggen tegen het einde van de afgesproken korte duurtijd (3 jaar of minder), met een opzegtermijn van 3 maanden.
  • Ongeacht de datum van opzeg: het contract eindigt hoe dan ook pas op het einde van de afgesproken huurtijd van 3 jaar of minder.

Voor contracten afgesloten vanaf 1 januari 2019 verloopt de opzeg volgens het Vlaamse woninghuurdecreet (opent in nieuw venster). In dat geval mag de huurder de overeenkomst wel altijd eenzijdig opzeggen zonder reden:

  • met een opzeggingstermijn van 3 maanden
  • met een opzeggingsvergoeding van
    • anderhalve maand huur in het eerste jaar
    • een maand huur in het tweede jaar
    • een halve maand huur in het derde jaar.

Stilzwijgende verlenging

Aangezien laattijdige opzeg resulteert in een stilzwijgende verlenging tot 9 jaar, verstuurt u de opzeg het best tijdig per aangetekende brief (3 maanden + een of meerdere weken voor het einde van de huur).

Opzeg van een huurovereenkomst van 9 jaar

Zowel huurder als verhuurder kunnen de overeenkomst op eender welk tijdstip eenzijdig opzeggen. Dat geldt ook voor contracten van korte duur (3 jaar of minder) die stilzwijgend werden verlengd.

Opzeg door de huurder

  • De huurder kan altijd (best schriftelijk) met de verhuurder overeenkomen om de overeenkomst in onderling akkoord te beëindigen.
  • De huurder kan een huurovereenkomst van 9 jaar op ieder tijdstip beëindigen door eenvoudig een opzeg te geven.
  • Hij moet een opzegtermijn van 3 maanden in acht nemen. Dit betekent dat de huur na de opzeg nog 3 maanden verder loopt en de huurder dus nog 3 maanden huur moet betalen, ongeacht of hij daar gedurende die maanden blijft wonen of niet.

Als de huurder de huurovereenkomst beëindigt tijdens de eerste driejarige periode, heeft de verhuurder recht op een opzegvergoeding van 3, 2 of 1 maand huur naargelang het contract een einde neemt in het eerste, tweede of derde jaar. De vergoeding wordt verrekend bij de vrijgave van de huurwaarborg op het einde van de huur.

Opzeg door de verhuurder

De verhuurder kan een huurovereenkomst van 9 jaar vroegtijdig beëindigen met een opzeggingstermijn van 6 maanden, bijvoorbeeld om er zelf te gaan wonen, naar aanleiding van verbouwingen of zelfs zonder motief. De huurder kan wel een tegen-opzeg geven met een opzegtermijn van 1 maand, zonder opzegvergoeding, ook al gebeurt dit tijdens de eerste 3 jaar van zijn contract.

Opzegging voor eigen gebruik of bewoning door familieleden

Als de verhuurder de overeenkomst beëindigt om er zelf te gaan wonen of om er familieleden (van de verhuurder of dienst echtgenoot) te laten wonen (afstammelingen, aangenomen kinderen, bloedverwanten in de opgaande lijn en bloedverwanten in de zijlijn tot de derde graad), moet hij aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • De opzegging vermeldt de identiteit van de persoon die het goed zal betrekken en de band van verwantschap met de verhuurder. De huurder kan vragen aan de verhuurder dat het bewijs van de verwantschap wordt voorgelegd.
  • De verhuurder of de familieleden zijn verplicht om er binnen het jaar te gaan wonen en moeten daar gedurende minstens 2 jaar effectief verblijven.

Wanneer de voorwaarden niet worden nageleefd, riskeert de verhuurder aan de huurder een schadevergoeding van 18 maanden huur te moeten betalen.

Opzegging voor verbouwingswerken

Aan het einde van een driejarige huurperiode kunt u als verhuurder het huurcontract opzeggen om de woning te verbouwen of te renoveren:

  • Het moet daarbij gaan om grondige verbouwingswerken die bewoning tijdelijk onmogelijk maken. Een gewone opknapbeurt is dus geen motief voor opzegging.
  • U moet bij de opzeg een bewijs voegen van de geplande werken (bouwvergunning, gedetailleerde beschrijving van de werken of bestek, aannemingsovereenkomst).
  • De werken moeten ten laatste 6 maanden na het einde van de opzegperiode aanvangen.

Komt u die verplichting niet na, dan heeft de huurder recht op een schadevergoeding van 18 maanden huur.

Opzegging zonder motief

Aan het einde van een driejarige huurperiode kunt u als verhuurder ook zonder een van de twee bovenvermelde motieven het huurcontract opzeggen, mits betaling van een schadevergoeding van:

  • 9 maanden huur bij opzeg aan het eind van het 3de jaar
  • 6 maanden huur bij opzeg aan het eind van het 6de jaar.

Vanaf de derde driejarige periode moet u geen schadevergoeding meer te betalen.

Opzeg van levenslange huurovereenkomsten

De verhuurder kan de huurovereenkomst alleen voortijdig beëindigen als dat in de overeenkomst wordt bepaald.

De huurder mag de overeenkomst voortijdig opzeggen:

  • met een opzeggingstermijn van 3 maanden
  • met een opzeggingsvergoeding als de huurder in de eerste 3 jaar opzegt.

Lees de huurovereenkomst na

In het huurcontract vindt u de afspraken terug die u met de verhuurder hebt gemaakt met betrekking tot het einde van de huurperiode. Zo weet u wat u voor uw vertrek zeker nog moet nakijken (bv. herstelling van eventuele schade, onderhoud van de centrale verwarming) en of alles in orde is voor teruggave van de huurwaarborg.

Maak ook een planning op voor de verhuis. Zo bent u zeker dat u de woning tijdig verlaat en in de oorspronkelijke staat.

Veelgestelde vragen