Gedaan met laden. U bevindt zich op: The Human Rights-Based Approach to Environmental Protection in the Context of Corporate Litigation Finalisten Future Proef Award 2026

The Human Rights-Based Approach to Environmental Protection in the Context of Corporate Litigation

Master Economisch Recht

Justien Van Strydonck (VUB)

Ecologische, sociale en juridische systemen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Waar gaat je eindproef over?

In mijn masterproef onderzoek ik in hoeverre een mensenrechtenbenadering van milieubescherming (the human rights-based approach) een effectief juridisch kader kan bieden om bedrijven aansprakelijk te stellen voor milieuschade en om slachtoffers toegang tot gerechtigheid te verlenen. Klassiek milieurecht blijkt vaak tekort te schieten wanneer milieuschade wordt veroorzaakt door multinationale ondernemingen, zeker in grensoverschrijdende contexten.

Mijn onderzoek volgt drie sporen. Ten eerste analyseer ik het gebruik van soft-law instrumenten, zoals de VN-richtlijnen voor bedrijfsleven en mensenrechten. Ten tweede bestudeer ik hoe bestaande mensenrechten worden “vergroend”, onder meer via de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Ten derde onderzoek ik de mogelijke erkenning van een autonoom en afdwingbaar recht op een gezonde leefomgeving binnen Europa.

Daarnaast bevat mijn thesis een casestudy over Cuba, waarin ik onderzoek hoe milieurechten vorm krijgen in een niet-Europees, sociaal en economisch verschillend systeem. Deze vergelijking laat zien dat alternatieve juridische modellen mogelijk zijn en helpt om het debat te ontdoen van een louter eurocentrische benadering.

Mijn thesis maakt duidelijk dat milieuschade niet alleen ecosystemen aantast, maar ook fundamentele mensenrechten zoals het recht op leven, gezondheid en toegang tot drinkbaar water. Door milieubescherming en mensenrechten samen te denken, schuif ik een juridisch kader naar voren dat zowel preventief als herstelgericht kan werken.

Hoe draagt jouw masterproef bij aan duurzaamheid?

Met mijn thesis draag ik bij aan duurzaamheid door milieubescherming te benaderen als een kwestie van mensenrechten en sociale rechtvaardigheid, en niet louter als een technisch of ecologisch probleem. Ik toon aan dat duurzame ontwikkeling onmogelijk is zolang slachtoffers van milieuschade onvoldoende juridische bescherming genieten en bedrijven onvoldoende verantwoordelijk worden gehouden voor hun impact.

Ecologisch versterkt mijn onderzoek de bescherming van het leefmilieu door te pleiten voor een afdwingbaar recht op een gezonde leefomgeving, dat preventief kan werken en verdere schade kan voorkomen. Sociaal benadruk ik dat milieuschade disproportioneel zwaar weegt op kwetsbare groepen zoals vrouwen, kinderen en inheemse volkeren, en dat duurzaamheid daarom onlosmakelijk verbonden is met gelijkheid en toegang tot justitie. Juridisch lever ik een vernieuwende bijdrage door het mensenrechtenrecht in te zetten als instrument om ook private actoren, zoals ondernemingen, aan te spreken.

Een belangrijke meerwaarde van mijn thesis is de maatschappelijke relevantie. Door actuele klimaatzaken en internationale voorbeelden te analyseren, fungeert mijn werk als een call to action voor de Europese Unie om het recht actiever te gebruiken in de klimaat- en duurzaamheidsstrijd. Tegelijk probeer ik complexe juridische concepten op een toegankelijke manier te vertalen, zodat ze ook buiten de academische wereld inzetbaar zijn.

Zo draagt mijn thesis bij aan een rechtvaardige en toekomstbestendige samenleving, waarin milieubescherming, mensenrechten en ondernemingsverantwoordelijkheid samen de basis vormen voor duurzame verandering.