Nieuwsbrief september 2026

Huidige Europese natuurbeleid volstaat niet om de achteruitgang van algemene vogels en vlinders te stoppen

Om de achteruitgang van de biodiversiteit te stoppen, leggen landen natuurdoelen vast, onder meer via de Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen. Doorgaans focussen die op zeldzame soorten, maar wat betekenen die richtlijnen eigenlijk voor de biodiversiteit die we elke dag om ons heen zien, zoals de huismus, de merel of het klein koolwitje?

Onderzoekers analyseerden gegevens van 265 vogelsoorten en 144 vlindersoorten op meer dan 20.000 locaties in 26 Europese landen. Ze onderzochten hoe klimaat, landgebruik en de intensiteit van dat landgebruik de aantallen van deze soorten beïnvloeden. Vervolgens projecteerden ze met modellen hoe de populaties tot 2050 kunnen evolueren onder verschillende toekomstscenario’s.

De resultaten zijn een flinke wake-upcall: zelfs in de meest optimistische toekomstplannen – waarin we de huidige vooropgestelde natuurdoelen halen – stopt de achteruitgang van algemene vogels en dagvlinders niet. Voor dagvlinders verandert er amper iets en hoewel vogels iets minder hard zouden achteruitgaan, blijven hun aantallen dalen. Vooral boerenlandvogels krijgen het zwaar te verduren.

De conclusie van het onderzoek is duidelijk: het huidige Europese natuurbeleid is op zichzelf onvoldoende om de achteruitgang van algemene vogels en dagvlinders een halt toe te roepen. Het halen van de bestaande natuurdoelen alleen blijkt dus niet voldoende. Volgens de onderzoekers is ook een bredere omslag nodig in de manier waarop we naar onze toekomstige behoefte aan land en natuurlijke hulpbronnen kijken.

Dirk Maes

Meer lezen: Rigal et al. (2026) Predicted decline in currently common bird and butterfly species even under conservation policy scenarios in Europe. Nature Ecology & Evolution.

Beeld boven: heivlinder (foto INBO)

Opgelet

  • {{validation.errorMessage}}