Meetnet Biodiversiteit in het Agrarisch Gebied: hoe breng je de biodiversiteit op het platteland in kaart?
Bij het woord ‘biodiversiteit’ denken de meeste mensen automatisch aan bossen en natuurgebieden. Maar ook het Vlaamse platteland herbergt heel wat biodiversiteit. Akkers, graslanden, sloten, houtkanten, boomgaarden en andere landschapselementen vormen samen een leefgebied voor tal van planten en dieren. Die biodiversiteit is bovendien belangrijk voor de landbouw zelf: bestuivers dragen bij aan voedselproductie, bodembiodiversiteit ondersteunt bodemvruchtbaarheid en nutriëntenkringlopen, en soortenrijke landschappen helpen bij waterbuffering, koolstofopslag en natuurlijke plaagbeheersing. De toestand van die biodiversiteit wordt echter niet systematisch opgevolgd.
Het Meetnet Biodiversiteit Agrarisch Gebied (MBAG) brengt daar verandering in. Aan de hand van vijf gekoppelde deelmeetnetten bouwt het aan een geïntegreerd monitoringsplatform om de toestand van de natuur in het Vlaamse landbouwgebied op een wetenschappelijke en betrouwbare manier in kaart te brengen. Zo wordt ook de biodiversiteit die op en rond landbouwpercelen aanwezig is, zichtbaar.
Omdat de biodiversiteit momenteel sterk onder druk staat, ook op het platteland, heeft het beleid robuuste cijfers nodig om veranderingen op te volgen, de effecten van beleids- en herstelmaatregelen te evalueren en beleid waar nodig bij te sturen. MBAG legt de basis om de gegevens te verzamelen die nodig zijn om de toestand en de trends van de biodiversiteit in landbouwgebied op te volgen. Die informatie is bovendien belangrijk om te kunnen voldoen aan Europese rapportageverplichtingen, bijvoorbeeld in het kader van de Natuurherstelverordening en het Gemeenschappelijke Landbouwbeleid.
Een meetnet met deelmeetnetten
MBAG is modulair opgebouwd. Door data slim te combineren, boeken we efficiëntiewinst. In plaats van afzonderlijke veldbezoeken per onderzoek beantwoorden we met één geïntegreerde aanpak meerdere vragen. Dit bespaart tijd en geld, en verstoort de natuur minder.
- Het deelmeetnet Agrarische Soorten onderzoekt de aanwezigheid en trends van boerenlandvogels en zoogdieren. Na een pilootproject in 2022 en 2023 werd in 2024 en 2025 het meetnet over heel Vlaanderen uitgerold. In 2025 gebeurde 40% van de tellingen door goed begeleide vrijwilligers, wat de efficiëntie verhoogt. Ook al vonden we meer vogelsoorten in halfopen landschappen, de typische boerenlandvogels troffen we vooral in open landschappen aan. De monitoring vormt een belangrijke basis om de toestand en trends van boerenlandvogels te beoordelen en de effectiviteit van herstelmaatregelen te evalueren. Continuïteit van het meetnet is daarbij belangrijk ter ondersteuning van de Europese doelstelling om de boerenlandvogelindex tegen 2030 met 5% te doen toenemen.
- Het deelmeetnet Bestuivers telt wilde bijen, zweefvliegen en dagvlinders. Na het testen van enkele methodieken werd het in 2024 en 2025 in de Vlaamse Zandstreek geïmplementeerd. Een gestandaardiseerd monitoringprotocol voor bestuivers werd in 2025 Europees vastgelegd. De monitoring zal helpen om de toestand en trends van bestuivers op te volgen en levert belangrijke gegevens voor het evalueren van herstelmaatregelen en de voortgang bij het keren van de achteruitgang van bestuiverpopulaties tegen 2030.
- Het deelmeetnet Aquatische ongewervelden focust op waterdiertjes in landbouwwaterlopen, aansluitend op de waterkwaliteitsmetingen door de Vlaamse Milieumaatschappij. Daarbij lieten we zien hoe een gerichte selectie van meetpunten kan bijdragen aan een efficiënte opvolging van trends in waterkwaliteit en aquatische biodiversiteit in landbouwgebied. Daarmee leveren we data die kunnen helpen om het mestbeleid te evalueren en bij te sturen.
- Het deelmeetnet Bodembiodiversiteit meet het onzichtbare bodemleven via genetische technieken, in aansluiting op het bodemkoolstofmeetnet. We vonden een afname van de bodembiodiversiteit naarmate de landgebruiksintensiteit hoger is, maar vonden tegelijk ook een toename van schadelijke schimmels naargelang de landgebruiksintensiteit hoger is. Er bleek ook een positief verband tussen koolstofdichtheid en bodembiodiversiteit. De innovatieve methodiek voor monitoring via genetische technieken werd verder op punt gezet.
- Het deelmeetnet Biologische waarderingskaart brengt waardevolle landschapselementen en zeldzame akkerflora in kaart. De efficiëntie van de kartering werd verhoogd door op voorhand de registratie van de landbouwgebruikspercelen te verwerken en bloeiende hoogstamboomgaarden op luchtfoto’s te detecteren. De resultaten suggereren dat langdurige beheerovereenkomsten op akkers gunstig zijn voor zeldzame akkerflora.
Cocreatie: Bouwen aan lokaal vertrouwen
De biodiversiteit in landbouwgebied is onlosmakelijk verbonden met de mensen die het landschap beheren. Landbouwers zijn daarom belangrijke partners in het in kaart brengen en versterken van de natuur op het platteland.
Binnen MBAG is bewust ingezet op dialoog, kennisuitwisseling, vertrouwen en samenwerking op het terrein. Onderzoekers, landbouwers en vrijwilligers gingen samen het veld in, wisselden kennis uit en zochten naar oplossingen die in de landbouwpraktijk haalbaar zijn. Zo onderzochten we bijvoorbeeld, via nestcamera’s, het broedsucces van veldleeuwerik, grauwe gors en geelgors. Dankzij de inventiviteit van een landbouwer slaagden we er ook in het broedsucces van kievit te verhogen.
Een verankerd en permanent MBAG zou een waardevol en kostenefficiënt instrument zijn om de biodiversiteit in het landbouwgebied op lange termijn op te volgen en het Vlaamse en Europese landbouw- en natuurbeleid te ondersteunen. MBAG is daarbij meer dan een verzameling afzonderlijke meetnetten: door soorten, landschapselementen, bodem, water en milieudrukken zoveel mogelijk samen te bekijken, ontstaat een geïntegreerder beeld van het agro-ecosysteem. Daarbij zijn dialoog en burgerwetenschap essentieel: de inzet van burgers verhoogt de kostenefficiëntie, terwijl samenwerking en dialoog met landbouwers cruciaal zijn om de resultaten te verbinden met de realiteit op het terrein en samen te zoeken naar effectieve maatregelen voor natuurherstel en een veerkrachtiger landbouwlandschap.