Effect van een investeringsimpuls is het grootst in de niet-commerciële dienstensector

Een interregionale input-outputtabel laat toe het effect te simuleren van een investeringsimpuls op de economie, zowel op het vlak van bruto toegevoegde waarde als van werkgelegenheid. In de studie wordt gekeken naar het effect van een investeringstoename met 1 miljoen euro, bij wijze van voorbeeld. Daaruit blijkt dat het effect op de Belgische en op de Vlaamse economie het grootst is als die impuls wordt doorgevoerd in de quartaire sector (niet-verhandelbare diensten). Dat is een gevolg van het feit dat deze sector meer dan bijvoorbeeld de industrie voor de binnenlandse markt werkt. Er zijn met andere woorden minder 'lekken' naar toeleveranciers en klanten in het buitenland.

Effect van een investeringsimpuls is het grootst in de niet-commerciële dienstensector

Publicatiedatum
november 2016
Publicatietype
Studie
Auteur(s)
Thierry Vergeynst
Reeks
SVR-St@ts, 2016/11