51 plaatsen voor jongeren met complexe problemen

Voor jongeren met extreme gedrags- en emotionele problemen (GES+) wordt er bijkomend in 51 plaatsen geïnvesteerd. Het is een van de antwoorden van Vlaams minister Vandeurzen op de bezorgdheden die de vakbonden van de gemeenschapsinstellingen naar voor schuiven. Deze GES+jongeren krijgen aangepaste opvang met meer gespecialiseerd personeel. De ondersteuning kan optimaal 24 uur per dag en 7 dagen per week worden aangeboden. In totaal trekt de Vlaamse Regering hiervoor 1,7 miljoen euro uit.
 
Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Jo Vandeurzen: “Deze jongeren krijgen een beveiligde omgeving waarin ze tot rust kunnen komen en zichzelf hervinden. Er wordt hen de nodige structuur en professionele begeleiding geboden. We erkennen de nood aan deze ondersteuning alsook de vraag naar doorstroming van deze jongeren vanuit onder meer de gemeenschapsinstellingen naar andere voorzieningen. Daarom wordt de helft van deze plaatsen voorbehouden voor jongeren met een handicap die nu nog in deze gemeenschapsinstellingen verblijven.”

Verspreid over Vlaanderen komen er 51 plaatsen bij, een stijging van 70% tegenover de huidige 72. In totaal gaat het nu om 123 plaatsen GES+ die in de jeugdhulp ingezet kunnen worden.
 
GES+ en samenwerking tussen sectoren
In de sector met een handicap vormt het omgaan met gedrags- en emotionele stoornissen de basis. Bij extreme stoornissen, in vaktermen de GES+, volstaat die basisondersteuning niet. Het gaat om kinderen en jongeren die een moeizaam, wisselvallig traject met vele breuken hebben afgelegd. Ze lopen vaak vast op verschillende levensdomeinen. In leefgroepen functioneren ze niet altijd, waardoor een gerichte aanpak op hen nodig is. Hun specifieke problematiek vertaalt zich vaak in agressie, die zich tegen zichzelf of tegen de omgeving keert. De bijkomende versterking van de plaatsen biedt een permanente omkadering met rust, structuur, aangepaste infrastructuur en de mogelijkheid tot afzondering. Voor sommige jongeren is een korte opvang voldoende, voor anderen neemt dit meer tijd in beslag. Na een verblijf in een dergelijke unit kan de jongere doorstromen naar gewone opvang of soms ook zelfstandig weer op weg. Tegelijkertijd wordt voor deze jongeren samen met andere sectoren zoals onderwijs, werk en wonen aan een perspectief gewerkt.

Jo Vandeurzen: “Deze aanpak werkt, zo blijkt uit de praktijk. De beslissingen tot uitbreiding van dit aanbod vorig jaar en begin dit jaar worden nu stilaan voelbaar op het terrein. Deel van het succes is de intensieve aanpak van intersectorale werkgroepen uit de jeugdhulp, personen met een handicap en geestelijke gezondheidszorg. Bij complexe zorgvragen volstaat een antwoord uit één invalshoek niet altijd. Jongeren laten zich niet in sectoren opdelen. We moeten naar een gemeenschappelijke financiering en een aanpak met een duidelijke link naar uitstroom uit de gemeenschapsinstellingen.”
 
Dialoog met de vakbonden
De vakbonden zijn opnieuw uitgenodigd om rond de tafel te zitten naar aanleiding van de staking van donderdag 1 februari in de gemeenschapsinstelling De Kempen in Mol. Dit overleg zal volgende week plaatsvinden.
In de gemeenschapsinstellingen is de afgelopen jaren ook geïnvesteerd in infrastructuur en is er personeel bijgekomen. In 2017 zijn er bijvoorbeeld 18,5 personeelsleden extra aangeworven, waarvan 5,5 voor de gemeenschapsinstelling De Kempen. De Kempen telt nu 254 voltijdse krachten voor de begeleiding van 123 jongeren. De afdeling heeft al ervaring met een aparte leefgroep voor GES+jongeren.

Nico Krols
Woordvoerder