Eerste erkennings- en subsidiëringsronde Muziekdecreet

Het Muziekdecreet van 31/3/1998 voorziet in de erkenning
en/of subsidiëring van muziekverenigingen (professionele
muziekensembles, concertorganisaties, muziekclubs,
muziekeducatieve organisaties en festivals) voor een
periode van vier jaar. Terwijl vroeger alleen klassieke
ensembles jaarlijks een aanvraag tot subsidiëring konden
indienen, richt het Decreet zich tot alle muziekgenres en
biedt het de mogelijkheid tot een meerjarenplanning binnen
de muzieksector. In uitvoering van het Decreet kunnen
zowel erkende als niet-erkende muziekverenigingen in
aanmerking komen voor een projectmatige ondersteuning.
Een erkenning geldt als kwaliteitslabel, en is een
voorwaarde om in aanmerking te komen voor een structurele
subsidie van vier jaar.

Voor de eerste erkennings- en subsidiëringsronde, die
loopt van 1999 tot 2002, werden 110 ontvankelijke dossiers
ingediend. Deze dossiers werden voor advies voorgelegd
aan de nieuwe Beoordelingscommissie Muziek, die in het
kader van de Raad voor Cultuur werd geïnstalleerd. Deze
commissie boog zich over de artistieke kwaliteit. De
Administratie Cultuur van het ministerie van de Vlaamse
Gemeenschap adviseerde minister Martens over de formele en
beheersmatige aspecten van de dossiers.

Eind vorig jaar werden voorlopige adviezen aan de
betrokken muziekverenigingen voorgelegd. Zij kregen de
kans om hierop te reageren met een geargumenteerd
bezwaarschrift. Na behandeling van de bezwaarschriften
door beide adviesinstanties werden de definitieve adviezen
voorgelegd aan de minister.

Minister Martens is van oordeel dat zowel de
Beoordelingscommissie Muziek als de Administratie met
kennis van zaken ernstig werk hebben gemaakt van hun
opdracht. Er werd voldoende tijd uitgetrokken voor de
bespreking van de dossiers en voor een evaluatie van de
ingediende bezwaarschriften. Rond alle dossiers werd een
consensus bereikt.

Op basis van de uitgebrachte adviezen besliste de Vlaamse
regering op voorstel van Vlaams minister Luc MARTENS om 71
muziekverenigingen te erkennen en om aan 54 daarvan een
structurele subsidie toe te kennen.

Binnen het kader dat voor de volgende vier jaar
uitgetekend werd, vallen enkele elementen in het bijzonder
op.


Ondersteuning van populaire muziek

Voor de niet-klassieke muziekgenres is het bij de start
van het nieuwe muziekbeleid vooral van belang om het zgn.
intermediaire niveau te ondersteunen en om voorrang te
geven aan voorwaardenscheppende structuren. Er werd dus
ruime aandacht geschonken aan de ondersteuning van de
podia voor populaire muziek (muziekclubs, festivals,...),
maar ook aan muziekeducatieve organisaties die zich
richten tot jongeren met belangstelling voor populaire
muziek.

De professionele muziekensembles

Het Muziekdecreet gaat ervan uit dat de nieuwe regelgeving
een nieuwe periode inluidt en de toekenning van
structurele subsidies niet noodzakelijk in het verlengde
moet liggen van eventuele voorgaande subsidies. De Vlaamse
regering machtigde in het uitvoeringsbesluit op het
Decreet zowel de Beoordelingscommissie Muziek als de
Administratie Cultuur om alle initiatieven te nemen die
nodig werden geacht om de in het Decreet vermelde
beoordelingscriteria te toetsen.

In het algemeen kan worden gesteld dat de beleidslijn uit
het verleden wordt gecontinueerd. Twee middelgrote
orkesten die tot nu toe wel werden gesubsidieerd,
weerstonden de toets van het Muziekdecreet evenwel niet.
Het betreft I Fiamminghi en het Symfonieorkest van
Vlaanderen. De argumentatie om deze orkesten geen
erkenning en dus ook geen structurele subsidie tot te
kennen, werd zowel door de Beoordelingscommissie Muziek
als door de Administratie zorgvuldig uitgewerkt. De
desbetreffende definitieve adviezen zijn goed onderbouwd
en werden geformuleerd na grondige kennisname van de
ingediende bezwaarschriften.

De minister is ervan overtuigd dat, in tegenstelling tot
wat de betrokkenen in hun verweerschriften beweren, de
adviezen voor deze twee ensembles niet werden geformuleerd
in functie van een vermeende partijdigheid van de
beoordelingscommissie. Uit de totaliteit van de adviezen
blijkt immers dat de individuele commissieleden een
strenge gedragsregel hanteerden wanneer er van
betrokkenheid sprake kon zijn. De adviezen werden
bovendien in consensus uitgebracht. Het negatieve advies
over de beide orkesten komt bovendien niet helemaal
onverwacht. In 1998 gaf de toenmalige Vlaamse
Adviescommissie voor de Muziek en van de Administratie
reeds een signaal m.b.t. de artistieke visie en het beheer
van beide ensembles.

Toch zal de beslissing om beide ensembles vanaf dit jaar
niet te erkennen en te subsidiëren, grote gevolgen hebben
(bijv. met betrekking tot personeel en concertagenda). Om
dergelijke gevolgen op te vangen, voorziet het
Muziekdecreet in een aanpassingstermijn van 6 maanden ( =
de termijn tussen de beslissing van de Vlaamse regering en
het ingaan van een nieuwe erkenningsperiode). Omdat de
timing bij deze eerste erkenningsronde erg strikt was,
werd geen aanpassingsperiode voorzien. Daardoor krijgen
het Symfonieorkest en I Fiamminghi niet de kans om hun
werking te heroriënteren. Om die reden werd minister
Martens gevraagd om voor beide orkesten een
overgangsmaatregel uit te werken.


De muziekeducatieve organisaties

De muziekeducatieve organisaties werden opgenomen in het
Muziekdecreet om muziekverenigingen die buiten het
onderwijs op intense wijze activiteiten ontplooien op het
vlak van muziekeducatie, te kunnen ondersteunen.

* * *

De uitvoering van het Muziekdecreet zal ongetwijfeld een
grote invloed hebben op het Vlaamse muzieklandschap.

Een eerste beleidsmatig effect betreft het opheffen van de
schotten tussen de 'klassieke' en de 'populaire' muziek.
De verschillende muziekgenres worden voortaan op dezelfde
manier en met dezelfde basiscriteria beoordeeld, met als
belangrijkste uitgangspunt het centraal stellen van de
kwaliteit. Bij de Vlaamse overheid geldt dus geen
voorkeursbehandeling meer voor een bepaalde soort van
muziek, namelijk de klassieke. Hierdoor wordt recht gedaan
aan het kwaliteitsstreven in de verschillende
muziekgenres, en wordt ook de wederzijdse beïnvloeding
tussen de genres gestimuleerd.

Daarnaast valt ook de waardering voor de werking van
muziekeducatieve organisaties sterk op, ook hier weer
zonder onderscheid tussen de muziekgenres. Deze
organisaties krijgen binnen het Muziekdecreet een goede
kans om zich te ontplooien, met een grote aandacht voor
zowel hun artistieke als hun kunsteducatieve opdracht.

Een ander belangrijk effect zal bestaan in de sanering van
de muzieksector m.b.t. de sociale en fiscale
verplichtingen ten aanzien van de musici. Het
Muziekdecreet legt uitdrukkelijk de toepassing van de CAO
op als erkennings- en subsidiëringsvoorwaarde voor
orkesten en ensembles.

Het nieuwe muziekbeleid van de Vlaamse overheid, dat deze
legislatuur vorm kreeg via een Beleidsbrief van minister
Martens en een nieuw Decreet, wil de diversiteit en de
dynamiek in het muzieklandschap in Vlaanderen stimuleren.
Het wordt een van de taken van het decretaal voorziene
Muziekcentrum van de Vlaamse Gemeenschap om het
muziekbeleid in zijn benadering naar de verschillende
muziekdisciplines, verder te onderzoeken.

Terwijl het budget in 1995 200,1 miljoen fr. bedroeg, is
vanaf dit jaar 381,3 miljoen beschikbaar voor de
uitvoering van het Muziekdecreet.

* * *

Ziehier het overzicht van de erkenning en subsidiëring
voor de periode 1999-2002 :

Erkenning met structurele subsidie van ensembles (telkens
in miljoen fr.) :

Anima Eterna (13) - Beethoven Academie (35) - Blindman (2)
- Brussels Jazz Orchestra (4) - Capilla Flamenca (2,5) -
Carré, blokfluitkwartet voor hedendaagse muziek (1) -
Champ d'Action (12) - Collegium Instrumentale Brugense (9)
- Collegium Vocale (10) - Currende (2,5) - Ex tempore
(3,5) - Spectra Ensemble (2,5) - Huelgas Ensemble (7) -
Ictus (11) - Il Fondamento (6,5) - La Petite Bande (12) -
Octurn (2) - Oxalys (5) - Prima La Musica (7) - Prometheus
Ensemble (6) - Quatuor Danel (1,5) - Spiegel (1) - Vier op
'n Rij (1) - Wolvin (Zita Swoon) - totaal : 158,5 miljoen
fr.

Muziekeducatieve organisaties - erkenning :

CeBeDeM (Belgisch Centrum voor Muziekdocumentatie) -
Educatieve Dienst van de Koninklijke Muntschouwburg -
Rockshop Vlaanderen/Vlaamse Federatie van Jeugdhuizen en
Jongerencentra

Muziekeducatieve organisaties - erkenning met structurele
subsidie (in miljoen fr.) :

De Krijtkring (1,5) - De Pianofabriek (1,5) - Federatie
van Jeugd en Muziek Vlaanderen (17,5) - Filharmonisch
Jeugdorkest van Vlaanderen (7,5) - Musica/Vlaams
Dienstencentrum voor Muziek (10) - Muziek-o-droom (MOD)
(1,5) - totaal : 39,5 miljoen fr.

Festivals - erkenning :

Folkfestival Dranouter - Limelight (Happy New Ears) -
Kunstencentrum Vooruit (Vooruit Geluid Festival) -
November Music Vlaanderen - Open Tropen - Sfinks Animatie
- Trefpunt - W.I.M. (Free Music Festival) -
Wereldculturencentrum Zuiderpershuis (Festival
traditionele muziek)

Festivals - erkenning met structurele subsidie (in miljoen
fr.) :

Festival van Vlaanderen Antwerpen (6,5) - Festival van
Vlaanderen Brugge (6,5) - Festival van Vlaanderen Gent en
Historische Steden (8,5) - Festival van Vlaanderen
Internationaal Brussel/Europa (11) - Festival van
Vlaanderen Kortrijk (4,7) - Festival van Vlaanderen
Limburg (Basilica) (5,5) - Festival van Vlaanderen
Mechelen (5) - Festival van Vlaanderen Vlaams-Brabant
(6,5) - Rembetika (Brugges Festival) (2) - totaal : 56,2
miljoen fr.

Concertorganisaties - erkenning :

Centrum Netwerk - De Spiegel - De Verenigde
Cultuurfabrieken - Filharmonische Vereniging van Brussel
en Vereniging voor Volksconcerten

Concertorganisaties - erkenning met structurele subsidie
(in miljoen fr.) :

Concertvereniging Conservatorium Antwerpen (1) -
Concertvereniging van het Koninklijk Conservatorium
Brussel (1) - Concertvereniging van het Lemmensinstituut
(0,7) - Middagconcerten van Antwerpen (0,5) - Musica
Flandrica (0,75) - Stichting Logos (4) - totaal : 7,95
miljoen fr.

Muziekclubs - erkenning :

Gemeenschapscentrum De Vaartkapoen

Muziekclubs - erkenning met structurele subsidie (in
miljoen fr.) :

4AD (2) - 5 voor 12 (3) - Ancienne Belgique (10) - Cactus
(2,5) - De Kreun (2) - Driewerf Hoera (De Media) (2) - De
Zwerver (2) - Democrazy (2) - Jeugdhuis Nijdrop (2) -
totaal : 27,5 miljoen fr.

Het algemeen totaal bedraagt 289,65 miljoen fr.


info : Veerle Aendekerk, woordvoerster van
minister Martens - tel. (02) 227 28 11
e-mail: persdienst.martens@vlaanderen.be