Voor een breed gedragen toekomstplan

Hoe ontwikkel je onroerend erfgoed in samenwerking met zo veel mogelijk belanghebbenden? Het antwoord ligt bij de onroerenderfgoedrichtplannen. Met dat instrument krijg je een breedgedragen langetermijnvisie én een concreet actieplan voor het erfgoed in kwestie. Er lopen twee proefprojecten, waaraan vorig jaar hard gewerkt werd.

Naam
Anse Kinnaer en Aukje de Haan
Werkt bij
het agentschap Onroerend Erfgoed
Functie
erfgoedonderzoekers

Met de onroerenderfgoedrichtplannen laten we iedereen meedenken: alle meningen zijn waardevol voor het eindresultaat.

Nieuwe aanpak met onroerenderfgoedrichtplannen

Aukje: ‘De nieuwe methode die we gebruiken, heeft twee doelstellingen. Enerzijds willen we zo veel mogelijk belanghebbenden betrekken bij de ontwikkeling van het onroerend erfgoed. Denk daarbij aan eigenaars, buurtbewoners, lokale besturen en middenveldorganisaties. We polsen naar de mening van zo veel mogelijk personen, verenigingen en openbare besturen. Die nieuwe werkwijze is een ommezwaai van de klassieke top-downbenadering waarbij vooral de experts bepalen wat beschermd moet worden. Met de onroerenderfgoedrichtplannen laten we iedereen meedenken: alle meningen zijn waardevol voor het eindresultaat.’

 ‘Anderzijds moet de nieuwe aanpak ook leiden tot een geïntegreerd beleid. Want de Vlaamse overheid komt soms gefragmenteerd over bij de burger en dat leidt tot frustraties. Bijvoorbeeld wanneer het ene agentschap toestemming geeft voor een project, terwijl een ander agentschap eerder opteert om de situatie te behouden zoals ze is. Voor de burger is die tegenspraak onbegrijpelijk. Daarom mikken we op een breedgedragen langetermijnvisie voor het erfgoed en een concreet actieprogramma dat daaruit voortvloeit. Anders gezegd: met een onroerenderfgoedrichtplan krijgen we alle neuzen in dezelfde richting.’

Thematisch of geografisch afgebakend

Anse: ‘Zo’n plan kan worden opgemaakt voor een afgebakend gebied, zoals een riviervallei, fortengordel of netwerk van mergelgroeven. Andere mogelijkheid is dat er een plan wordt opgemaakt rond een specifiek thema, zoals sociale huisvesting of hoogstamboomgaarden. Participatie en samenwerking staan altijd centraal bij de opmaak ervan.

In het onroerenderfgoeddecreet en -besluit is geen uitgeschreven methode opgenomen om zulke onroerenderfgoedrichtplannen op te stellen. Daarom zochten we inspiratie bij collega’s van de Vlaamse overheid die ervaring hadden met participatieprojecten. Op die basis werkten we een methodiek uit en die testen we nu met twee pilootprojecten. We werken aan een geografisch afgebakend plan voor de mergelgroeven in Riemst en een thematisch plan rond de hoogstamboomgaarden.’

Het uiteindelijke doel is dat er concrete beleidsmaatregelen uit voortvloeien – een beleid dat zoveel mogelijk gedragen én gecoördineerd is.

Foto van een hoogstamboomgaard

Boomgaarden in Haspengouw

‘De hoogstamboomgaarden worden gewaardeerd om hun landschappelijke, cultuurhistorische, wetenschappelijke en ecologische waarde. Het behoud ervan is dan ook zeer belangrijk, maar commercieel gezien zijn ze nog weinig interessant. Hoe geef je dan een toekomst aan dat erfgoed? Eerst brachten we alle betrokken overheidspartners in kaart: 17 gemeenten in Haspengouw, provincie Limburg, en heel wat Vlaamse beleidsdomeinen die een beleid (kunnen) voeren rond hoogstamboomgaarden. Al snel kwamen we aan 22 overheidsinstanties, die we in september 2016 voor het eerst bijeenbrachten. Na intensief overleg bereikten we in juni 2017 een akkoord over gemeenschappelijke doelstellingen en een intentieverklaring.’

‘Ook de mening van de eigenaars is heel belangrijk, want die voelen het sterkst de impact van het gevoerde beleid. Uit ons onderzoek bleek dat het leeuwendeel van die boomgaarden in handen is van veehouders. Daarom nemen onze collega’s van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek interviews af bij die doelgroep. De resultaten van dat onderzoek verwachten we zeer binnenkort. Ander kwalitatief onderzoek deden we bij lokale beleidsmakers en inwoners van Haspengouw – onder meer om te achterhalen welk type boomgaard het meest wordt gewaardeerd.’

‘Daarnaast organiseerden we in samenwerking met Het Belang van Limburg een algemene online-enquête – die staat nog steeds op www.hoogstamdroomgaard.be. De deelnemers krijgen een landschapstest gepresenteerd waarbij ze hun voorkeuren duidelijk maken. Als beloning voor hun deelname krijgen ze een aantal wandelroutes die helemaal aansluiten bij hun landschapsvoorkeuren. Zo kregen we input van meer dan 1200 personen.’

‘In een volgende fase toetsen we onze bevindingen af bij het middenveld. Dat doen we onder meer tijdens een studiedag op 31 mei. Dan houden we een aantal sessies rond beleidsopties, economische modellen voor hoogstamboomgaarden en gemeenschapsboomgaarden. Vervolgens leggen we alle puzzelstukken bij elkaar en zoeken we consensus  over het actieplan. Wie doet wat en wanneer? Het uiteindelijke doel is dat er concrete beleidsmaatregelen uit voortvloeien – een beleid dat zoveel mogelijk gedragen én gecoördineerd is.’

Mergelgrotten in Riemst

Aukje: ‘Een soortgelijke aanpak hanteren we voor de mergelgroeven in Riemst. Een aantal van die groeven is instabiel en moet worden gestabiliseerd om de veiligheid voor de bewoners van de gebouwen erboven te garanderen. Maar die groeven zijn wel 500 of 600 jaar oud. Ze bevatten eeuwenoude teksten en tekeningen op de muren, ontginningssporen en sporen van tijden dat mensen er hun toevlucht zochten voor oorlogsgeweld, …

Het gaat hier om een relatief klein gebied waar verschillende belangen moeten worden verenigd. Daarom werken we intensief samen met lokale vrijwilligers om de groeven in kaart te brengen en het erfgoed te waarderen. Ook hebben we contact met het agentschap Natuur en Bos omdat de groeven voor vleermuizen één van de belangrijkste overwinteringsplaatsen van Vlaanderen zijn. Het gemeentebestuur is een belangrijke partner als het gaat om de stabiliteit en natuurlijk betrekken we ook de huiseigenaars om te zien wat hun noden zijn. Samen zoeken we de juiste beleidskeuzes en steunmaatregelen om de problemen op te lossen. Ook daarbij moeten onze inspanningen uitmonden in een gedragen en gecoördineerd actieprogramma.’

Goodwill

‘Een onroerenderfgoedrichtplan opstellen is een evenwichtsoefening. Enerzijds wil je snel resultaten boeken, anderzijds wil je zoveel mogelijk relevante partners bij het plan betrekken. We merken heel veel bereidheid om samen te werken, maar dat gebeurt vandaag vooral op basis van goodwill. Het vraagt nu eenmaal veel tijd om zo’n project structureel te maken. Op tijd met alle partners rond de tafel zitten is de boodschap.’

Meer over onroerenderfgoedrichtplannen