Een heroriëntatie van 'meer' naar 'anders en beter'

Het manifest geeft aan dat er in plaats van maatschappelijke ontwikkelingsmodellen die gericht zijn op ‘meer’, er een heroriëntatie nodig is naar verstedelijking die vertrekt vanuit de overtuiging dat het ‘anders en beter’ kan. ‘Meer’ staat dan voor eeuwige uitbreiding en groei, met meer bebouwing, meer wegen, meer verharding, en dus ook meer geluidsoverlast, luchtvervuiling, hittestress, enz. ‘Anders en beter’ vertrekt van wat er al is, om vervolgens op zoek te gaan naar manieren om zoveel als mogelijk ruimtelijke, sociale, democratische en ecologische meerwaarde te realiseren via stedelijk beleid. Om in de toekomst een grote sprong voorwaarts te maken, zijn er dus ambitieuze antwoorden nodig op de vele gecombineerde stedelijke opgaven waar we vandaag voor staan. Dat vraagt een omslag in ons denken.

Nood aan stadsvernieuwing en verbindende manieren van werken om uitdagingen aan te pakken

Als we in Vlaanderen meer mensen stedelijk willen laten wonen dan is er meer dan ooit nood aan stadsvernieuwing. Er moet extra ruimte worden gevonden binnen de reeds verstedelijkte ruimte. Tegelijk is een ingrijpende renovatie nodig van het bestaande patrimonium, en vraagt de klimaatopgave een vernieuwing van het publiek domein (in functie van de wateropgave, het stedelijk hitte-eiland effect of de modal shift), maar ook de uitrol van nieuwe nutsvoorzieningen (gescheiden rioleringsstelsels, elektrische laadinfrastructuur, het Internet of Things , warmtenetten, gasloze wijken). Dat vraagt om ruimtelijk maatwerk, een geïntegreerde en verbindende manieren van werken en dus om een verderzetting en verbetering van de stadsvernieuwingsaanpak. Stadsvernieuwingsprojecten vergroten namelijk de impact van investeringen door in te zetten op koppelkansen.

Belang van koppelkansen en een plekgerichte benadering

Twintig jaar stadsvernieuwing heeft heel wat ervaringen opgeleverd, en getoond wat de kracht van een plekgerichte transformatieaanpak kan zijn. Meer dan ooit is de geïntegreerde, gebiedsgerichte werkwijze en het ontwerpend of toekomstgericht denken dat stadsvernieuwingsprojecten karakteriseert relevant. Want stedelijke ontwikkeling en de vele opgaven die zich vandaag in de stad manifesteren vergen een geïntegreerde, creatieve en toekomstgerichte aanpak. Dat betekent onder meer dat je de impact van investeringen vergroot door in te zetten op koppelkansen en een platformwerking. Zo kan je de energietransitie niet los zien van alternatieve energiebronnen, duurzame woningrenovatie, en nieuwe vormen van tewerkstelling. Of gaat duurzame mobiliteit niet alleen over andere verkeersinfrastructuur, maar ook over de herinrichting van de publieke ruimte; de creatie van een beter en gezonder leefklimaat; de aanleg van veilige, toegankelijke en kindvriendelijke straten; of de introductie van incentives zoals de ‘garage swap’ om parkeerplaatsen in woonontwikkelingen in te ruilen voor openbaar vervoer of deelmobiliteit. Een plekgerichte aanpak blijkt in de praktijk een beproefde strategie om te ontsnappen aan beleidskokers en aan de sectorale organisatie van het stedelijk (en ander) beleid, het georganiseerde middenveld en het bedrijfsleven. Door letterlijk en figuurlijk ruimte te maken kan stedelijkheid in zijn volle complexiteit worden opgepakt.

Studiedag rond 20 jaar stadsvernieuwing & een toekomstvisie op stedelijkheid

Op 28 april is het manifest voorgesteld op een studiedag rond 20 jaar stadsvernieuwing en een toekomstvisie op stedelijkheid. Dit manifest maakt deel uit van een gans traject waarover je hier meer kan lezen.

Op deze studiedag konden deelnemers ook voor een 1e maal de tentoonstelling ‘stadsvernieuwing is mensenwerk’ bezoeken van Architecture Workroom Brussels en deelnemen aan diverse workshops. Alle presentaties van de studiedag vind je hier.