ploegmaat: ploegmaats / ploegmaten

Het zelfstandig naamwoord ploegmaat heeft twee correcte meervouden, ploegmaten en ploegmaats. Ploegmaats is gebruikelijker in België dan in Nederland.

  • Hazard en zijn ploegmaats kregen gisteren een dagje rust.
  • Jan Raas schold zijn ploegmaten verrot.

Hebt u een taalvraag?

Nieuwsbrief krijgen?

  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 13.000 abonnees

Spellingtests

  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback

Volg ons