Rolstoelgebruiker in zijn assistentiewoning.
© Bas Bogaerts

8 oktober 2021 – In de eerste plaats is deze “Als regels wijzigen rond een schaars goed” een beslissing van de Mensenrechtenkamer om een klacht over het Mozaïekbesluit V (5) van de Vlaamse regering niet langer te behandelen.

Die beslissing kadert in een specifieke (in de RvSt-Wet geregelde) bemiddelingsprocedure, die bedoeld is om een situatie alsnog te proberen te ontmijnen en een rechtszaak te vermijden. Bijna vier maanden bemiddelen leert echter dat de overheid geen financiële ruimte ziet om tegemoet te kunnen komen aan de verzuchting van de verzoekster, een persoon met een handicap (PMH).

Maar deze “Als regels wijzigen rond een schaars goed” is toch meer dan zo’n technische beslissing alleen.

Drie aanbevelingen vertrekken bij de vaststelling dat de bemiddelingsvraag kwam van een PMH die al lange tijd op een wachtlijst voor persoonsvolgende financiering staat omdat aangetoond en erkend werd dat zij meer budget nodig had dan ze tot nu toe kreeg.

Vanop de (lange) wachtlijst doet het Mozaïekbesluit verzoekster plots aankijken tegen regels die wijzigen en op die manier tegen een kleiner budget dan wat haar in het vooruitzicht werd gesteld.

De reden is een zogenaamde budgetactualisatie via het Mozaïekbesluit, dit is het toepassen van nieuwe berekingsmethoden op aanvragen voor een budget. Die nieuwe methode is ook toegepast op alle personen die al op de wachtlijst stonden, maar die nog geen daadwerkelijke terbeschikkingstelling van hun budget kregen.

Een eerste aanbeveling heeft het over heerlijk heldere communicatie. De overheid hoort een lastige financiële tijding niet te verpakken onder een te verhullende term als budgetactualisatie. Die eerste aanbeveling heeft ook aandacht voor de neiging bij de overheid om af te stappen van de goede gewoonte om in het vooruitzicht gestelde concreet becijferde budgetten mee te delen aan PMH op de wachtlijst. Goedbedoelde proactieve communicatie dient om vertrouwen te wekken en het is een kostbaar goed dat best niet te veel teruggeschroefd wordt.

Voorbij het communicatieve aspect, gaat de tweede aanbeveling nog wat dieper en geeft aan hoe belangrijk het vertrouwen tussen overheid en burger is om tot rechtvaardige verdelingen van schaarse goederen te komen. Daartoe is het van belang om drempels voor aanvragen en herzieningen laag te houden en actief weg te werken. De Mensenrechtenkamer formuleert daarbij ook de bereidheid en het voornemen om mee het denken te voeden rond behoorlijk overheidsoptreden in een context waar schaarste een gegeven is.

De derde en laatste aanbeveling past dit alles toe op het Mozaïekbesluit en meer in bijzonder op het Mozaïekbesluit als een instrument dat regels wijzigt. Die invalshoek van het Mozaïekbesluit kwam de Mensenrechtenkamer in deze bemiddeling bijzonder frappant voor.

De Mensenrechtenkamer stelt een deuk in het vertrouwen vast als regels wijzigen rond een schaars goed én de overheid daarbij een onderscheid maakt binnen een categorie van PMH, afhankelijk van de datum van effectieve terbeschikkingstelling van hun budget, iets wat geheel buiten de handelingsmogelijkheden en wil van de betrokkenen ligt.

Lees het volledige rapport (PDF bestand opent in nieuw venster).