Verplichting zonnepanelen voor gebouwen met hoge elektriciteitsafname
Sinds 1 april 2026 zijn zonnepanelen verplicht op gebouwen waar de elektriciteitsafname hoger is dan 1 gigawattuur per jaar. Het zijn de eigenaars, erfpachters en opstalhouders van gebouwen met zo’n afnamepunt die onderworpen zijn aan de verplichting. Voor overheidsgebouwen ligt de drempel op 250 megawattuur per jaar.
Voorwaarden
- De PV-verplichting geldt voor gebouwen gelegen in Vlaanderen die verbonden zijn met een EAN-afnamepunt waar - vanaf 2021 - jaarlijks meer dan 1 gigawattuur (= 1000 megawattuur) elektriciteit van het net gehaald wordt.
- De afname per kalenderjaar bekend bij de netbeheerder bepaalt of een EAN-afnamepunt/gebouw onder de verplichting valt.
- Het zijn de eigenaars, erfpachters of opstalhouders van de gebouwen verbonden met het EAN-afnamepunt die aan de verplichting moeten voldoen.
Het is mogelijk dat er meerdere gebouwen aangesloten zijn op het EAN-afnamepunt.
Als er meerdere partijen eigenaar, erfpachter of opstalhouder zijn, zijn zij in solidum onderworpen aan de verplichting. - Hoe groter de totale dakoppervlakte, hoe meer zonnepanelen vereist zijn. Het is de ‘horizontale’ dakoppervlakte die in rekening wordt genomen.
Om aan de verplichting te voldoen moet de zonnepaneleninstallatie geplaatst zijn op het dak of aan de gevel van de gebouwen die verbonden zijn met het EAN-afnamepunt.
Het is ook toegestaan om de zonnepanelen te plaatsen op de site van het EAN-afnamepunt- op het dak of aan de gevel van een of meerdere gebouwen
- op een of meerdere carports of fietsenstallingen
- op gronden
- op een waterpartij (drijvend)
- overkoepelend binnen agrarisch gebied.
- De zonnepaneleninstallaties kunnen ook geplaatst worden op een andere site dan de eigen site op voorwaarde dat deze installatie levert aan een directe lijn die is verbonden met het EAN-afnamepunt en de installatie valt binnen één van de hierboven vermelde categorieën.
Strengere voorwaarden voor publieke organisaties
Omdat publieke organisaties een voorbeeldrol opnemen, is de verplichting strenger voor deze doelgroep.
- Als publieke organisaties de enige eigenaars, erfpachters of opstalhouders van de gebouwen zijn verbonden met het EAN-afnamepunt, geldt de PV-verplichting al bij een afname van meer dan 250 megawattuur/jaar (MWh/j).
- Vanaf 2030 wordt de verplichting voor publieke organisaties verruimd naar gebouwen verbonden met een EAN-afnamepunt waar vanaf 2026 een afname van meer dan 100 MWh/j geregistreerd wordt.
Procedure
Het verloop van de procedure is afhankelijk van het kalenderjaar waarin de elektriciteitsafname de drempelwaarde overschrijdt.
Mogelijke alternatieven
De eigenaar kan er onder bepaalde voorwaarden ook voor kiezen
- om te investeren in een nieuwe
- windturbine of een repowering van een windturbine
- warmte-krachtinstallatie (WKK) op biomassa of biogas (uitgezonderd biomethaan)
- warmtepomp
- fotovoltaïsch-thermische installatie (zonnepanelen die elektriciteit én warmte opwekken),
- geconcentreerde zonnethermie-installatie (die zonnewarmte op hoge temperatuur opwekt)
- of om te participeren in een nieuwe groene-energie-installatie (zonnepanelen of alternatieven).
Handleiding en rekenblad
U vindt alle informatie over de verplichting in de handleiding(PDF bestand opent in nieuw venster) (versie april 2026).
Met het rekenblad(Excel bestand opent in nieuw venster) (versie januari 2026) kunt u berekenen welk piekvermogen aan zonnepanelen u in dienst moet nemen en tegen wanneer. Het rekenblad toont ook de alternatieve manieren om aan de verplichting te voldoen.
Formulieren voor uitstelaanvraag of melding
In een aantal specifieke gevallen kan afgeweken worden van de PV-verplichting en/of moeten er gegevens gemeld worden. Dit is het geval voor:
Nieuwe vormen van uitstel sinds 16 april 2026:
Het melden van uitstel omwille van de overdracht van een gebouw (meldingstermijn: 60 dagen) ,
Het melden van uitstel omwille van een faillissement of gerechtelijke reorganisatie (meldingstermijn: 60 dagen),
Het melden van uitstel in het geval van een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen tegen een definitieve beslissing over een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een installatie die tot doel heeft om te voldoen aan de PV-verplichting (meldingstermijn: 90 dagen).
Andere vormen van uitstel, melding of uitzondering:
Sancties
Wie de PV-verplichting niet tijdig naleeft, krijgt een niet-bevrijdende geldboete opgelegd. Er is ook een boete voorzien voor wie niet tijdig op een informatievraag van het VEKA reageert. De handleiding geeft meer informatie over deze boetes.
Wetgeving
De verplichting voor het in dienst nemen van fotovoltaïsche zonnepanelen wordt geregeld via het Energiedecreet en het Energiebesluit:
- Het Energiedecreet van 8 mei 2009(opent in nieuw venster) (artikel 1.1.3, 89° en 104/1°, artikel 7.7.3, artikel 12.5.1, artikel 13.4.15)
- Het Energiebesluit van 19 november 2010(opent in nieuw venster) (artikel 1.1.1, §2, 47° /3/1, artikel 3.1.39, artikelen 6.7.1 t.e.m. 6.7.10/1, artikel 10.1.1, §4/1).
- Het Ministerieel Besluit van 8 mei 2023(PDF bestand opent in nieuw venster) tot vaststelling van de voorwaarden waar een gebouw aan moet voldoen in het kader van de verplichte installatie van fotovoltaïsche zonnepanelen op dakoppervlakten.
- het Ministerieel Besluit van 1 april 2026(PDF bestand opent in nieuw venster) tot bepaling van de inwerkingtreding van verschillende bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2025 houdende diverse bepalingen inzake energie en klimaat, wat betreft de inwerkingtreding van bijkomende uitstel- en uitzonderingregelingen voor de PV-verplichting
Op 1 april 2026 is een wijziging aan het Energiedecreet plenair gestemd in het Vlaams Parlement. Deze houdt in dat wanneer het VEKA vaststelt dat niet is voldaan aan de PV-verplichting, de verplichtinghouder een aanmaning ontvangt om zich nog in regel te stellen met de verplichting. De teksten kan u hier (opent in nieuw venster)nalezen in afwachting van de publicatie in het Belgisch Staatsblad.