Gewestelijke sociale correctie - GSC
De Vlaamse overheid probeert de tekorten bij een woonmaatschappij op te vangen die het gevolg zijn van de sociale huuractiviteit. Dit is de Gewestelijke Sociale Correctie (GSC).
Berekening van de gewestelijke sociale correctie - GSC
De berekening van de gewestelijke sociale correctie maakt het verschil tussen geobjectiveerde inkomsten van een maatschappij en bepaalde geobjectiveerde uitgaven. Het gaat uitsluitend om de inkomsten en uitgaven voor sociale huurwoningen en voor niet-residentiële ruimten die gesubsidieerd geweest zijn door het Vlaamse Gewest. Inkomsten en uitgaven voor sociale huurwoningen die opgericht werden via Vlabinvest tellen niet mee.
Als de inkomsten lager zijn dan de uitgaven, dan is er een tekort in een bepaald jaar.
Als de inkomsten hoger zijn dan de uitgaven, dan is er een overschot. Overschotten of tekorten worden gedurende vijf jaar meegenomen in de berekening van de GSC. Als er – rekening houdend met die vijf jaar – een globaal tekort is, krijgt de woonmaatschappij het bijgepast, voor zover het budget van de Vlaamse Gemeenschap dat toelaat.
De GSC over jaar x wordt in twee schijven toegekend: een voorschot in jaar x, een definitieve afrekening in het jaar x+1.
Vereenvoudigd voorbeeld:
| Definitieve afrekening | tekort | overschot | Woonmaatschappij krijgt |
|---|---|---|---|
| jaar 1 | 100 euro | 100 euro | |
| jaar 2 | 300 euro | niets | |
| jaar 3 | 100 euro | niets | |
| jaar 4 | 150 euro | niets | |
| jaar 5 | 100 euro | 50 euro | |
| jaar 6 | 100 euro | 100 euro |
- theoretische huurinkomsten uit residentiële ruimten: dit zijn de huurinkomsten die een maatschappij ontvangen zou hebben als een huurder zijn huur iedere maand correct betaalt (vanaf referentiejaar 2026)
- 50% van de huurinkomsten van niet-residentiële ruimten (zoals gerapporteerd in de jaarrekening van de woonmaatschappij) (vanaf referentiejaar 2026)
- positieve interest op rekening-courant bij de VMSW (min een bepaald bedrag dat gerelateerd is aan het aantal woningen waarvan de woonmaatschappij eigenaar is)
- positieve interest op andere rekeningen dan die bij de VMSW
- subsidies en tegemoetkomingen uit andere bronnen (publiek-private samenwerking, huurtoelage ‘alternatieve financiering’)
- een eventuele korting op de beheersvergoeding die aan het fonds voor de financiering van de VMSW betaald moet worden
- vergoeding voor zonnepanelen die de huurder betaalt als de plaatsing van zonnepanelen werd gefinancierd met een FS3- of FS4-lening
- GSC-compensatie die wordt ontvangen in de eerste 5 jaar na overname via herstructurering van sociale huurwoningen waarvoor GSC werd toegekend tussen 2017 en 2021
- andere inkomsten die de minister bepaalt
- onroerende voorheffing
- kapitaalsaflossingen en interesten van leningen bij de VMSW met een minimale looptijd van 30 jaar, weliswaar verminderd met eventuele tussenkomsten op die leningen
- kapitaalsaflossingen en interesten op leningen bij een andere instelling dan de VMSW aangegaan voor 1 januari 2008
- een forfait voor huurachterstand: 1% op de theoretische huurinkomsten
- een forfait voor leegstand: 1,5% op de theoretische huurinkomsten
- theoretische algemene werkings- en onderhoudskosten (gerelateerd aan de aard en het aantal woningen in het patrimonium)
- theoretische kost voor een sociale dienst (als er een is) (vervalt vanaf referentiejaar 2026)
- theoretische kost voor een conciërge (als er een is)
- vrijgestelde interest op rekening-courantmiddelen
- beheersvergoeding aan de VMSW
- terugbetaalde vermindering onroerende voorheffing
- erfpachtvergoeding van historische SVK-erfpachtconstructies
- harmonisering: bijdrage aan het solidariseringsfonds in het kader van de eengemaakte huurprijzen
- andere kosten
Sociale woonactoren die aanmelden op deze website vinden een handleiding op de centrale documentenpagina.
Besluit Vlaamse Codex Wonen (zie boek 5, deel 2, titel 4)
Sociale woonactoren die aanmelden op deze website vinden een powerpoint met uitleg over de GSC-basisprincipes inclusief financiële impact door de overdrachten in het kader van de vorming van woonmaatschappijen.