Tegen 1 januari 2023 moeten sociale huisvestingsmaatschappijen (SHM’s) en sociale verhuurkantoren (SVK’s) één woonactor vormen met maar één speler per gemeente: de woonmaatschappij. Wonen in Vlaanderen ondersteunt dit traject in nauw overleg met de koepelorganisaties VVH/VLEM, HUURpunt en VVSG. Het ondersteuningstraject bestaat uit twee delen: de vorming van de werkingsgebieden en de vorming van de woonmaatschappijen zelf.

Algemene principes

Bij de vorming van woonmaatschappijen staan de belangen van sociale (kandidaat-)huurders centraal. De woonmaatschappijen moeten zorgen voor een sterkere toename van het sociale woonaanbod, ook voor bijzondere doelgroepen.

De Vlaamse Regering legde een aantal algemene principes vast:

  • Woonmaatschappijen blijven autonome actoren.
  • Lokale besturen bepalen, samen met hun lokale woonactoren, de werkingsgebieden(PDF bestand opent in nieuw venster). Om hierbij te helpen, werkte de Vlaamse overheid criteria uit.
  • De menselijke impact moet zo beperkt mogelijk blijven. Sociale (kandidaat-)huurders moeten zo min mogelijk hinder ondervinden. Er wordt vanuit gegaan dat alle bestaande personeelsleden van SHM’s en SVK’s mee overgaan in de nieuwe woonmaatschappij.
  • Woonmaatschappijen krijgen de rechtsvorm van een besloten vennootschap, wat het nauwst aansluit bij de vroegere coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (cvba). De lokale besturen krijgen de grootste en belangrijkste stem in het bestuur.
  • De expertise van beide organisaties moet gewaarborgd blijven. Hierdoor wordt de woonmaatschappij lokaal hét unieke professionele aanspreekpunt voor burgers, lokale besturen, private partners zoals verhuurders, bouwfirma’s, …
  • De Vlaamse overheid zorgt voor praktische en financiële ondersteuning om de woonmaatschappijen te vormen. Sociale woonactoren kunnen aanmelden om info te bekijken over het raamcontract organisatieontwikkeling en over de planning van aanpassingen in de IT-toepassingen.

Aanpak traject

Binnen de Vlaamse overheid faciliteren en begeleiden we het traject van de woonmaatschappijen. Hiervoor lopen tegelijkertijd twee trajecten: de vorming van de werkingsgebieden en de vorming van de woonmaatschappijen zelf. Om deze trajecten vlot te laten verlopen, werken we met werkgroepen, een coördinatie- en stuurgroep.