Gedaan met laden. U bevindt zich op: De wijziging van verschillende decreten in het kader van de herstructurering van het agentschap Toerisme Vlaanderen. Advies SARiV

De wijziging van verschillende decreten in het kader van de herstructurering van het agentschap Toerisme Vlaanderen. Advies SARiV

De Strategische Adviesraad internationaal Vlaanderen (SARiV) betreurt de gefragmenteerde aanpak van de hervorming van het agentschap. Hij zou liever eerst het globaal strategisch plan zien tot stand komen vooraleer allerhande deelhervormingen op de sporen worden gezet. Het voorontwerp van decreet spoort bovendien niet met de principes van Beter Bestuurlijk Beleid en wijkt af van het principe van “één loket” voor de sector. De Raad vindt de dynamisering van het Raadgevend Comité een stap vooruit, maar heeft nog enkele bedenkingen bij de samenstelling ervan. De Raad betwijfelt ten zeerste of de wijzigingen uit het voorontwerp van decreet een grote stap vooruit betekenen voor de sector.
Publicatiedatum
Februari 2011
Publicatietype
Beleidsadvies
Thema's
Buitenlands beleid
Auteur(s)
Strategische Adviesraad internationaal Vlaanderen
Reeks
SARiV Advies 2011/4
Opmerking

De Strategische Adviesraad internationaal Vlaanderen (SARiV) vormde in de periode 2008-2014 een onafhankelijk adviesorgaan van de Vlaamse Regering. De strategische adviesraden werden per beleidsdomein opgericht in het kader van de herstructurering Beter Bestuurlijk Beleid (kaderdecreet van 18 juli 2003). Het oprichtingsdecreet van 16 mei 2007 maakte de SARiV operationeel. De Raad adviseerde de Vlaamse Regering bij de totstandkoming van haar buitenlands beleid, haar beleid inzake internationaal ondernemen, toerisme en internationale samenwerking. Hij droeg op die wijze bij tot het vormen van de beleidsvisie en de interpretatie van maatschappelijke ontwikkelingen. Hij werkte beleidsgericht zowel reactief (adviezen op vraag van de regering), als proactief en anticiperend (via eigen activiteiten en initiatiefadviezen). In de SARiV zetelden tien leden onafhankelijke leden en tien leden die werden voorgedragen door organisaties uit het maatschappelijk middenveld, telkens voor een mandaatsperiode van vier jaar.