Gedaan met laden. U bevindt zich op: Leerlingenpremie alternerende opleiding

Leerlingenpremie alternerende opleiding

Leerlingen die een duale of alternerende opleiding volgen in het secundair onderwijs leren hun vak zowel op school als op de werkvloer.

Met de leerlingenpremie alternerende opleiding wil de Vlaamse overheid die leerlingen motiveren om de opleiding succesvol te beëindigen.

Werkgevers die leerwerkplekken aanbieden op de werkvloer kunnen in aanmerking voor de premie kwalificerend werkplekleren.

Voorwaarden

Bedrag en uitbetaling

De leerlingenpremie alternerende opleiding bedraagt € 500,00.
De premie wordt 1 keer per schooljaar uitbetaald. De leerling kan de premie maximaal 3 keer ontvangen. Eerder ontvangen startbonussen worden meegeteld.

Aanvraagprocedure

Leerling

Wordt de leerling opgeleid in een onderneming in het Waals gewest of in het buitenland? Dan moet de leerling uiterlijk op 31 augustus van het betrokken schooljaar, een kopie van de overeenkomst en een ondertekende verklaring(PDF bestand opent in nieuw venster), bezorgen via werkplekduaal@vlaanderen.be(opent in uw e-mail applicatie)

Wordt de leerling opgeleid in een onderneming in het Vlaams gewest of in Brussel? Dan neemt de opleidingsverstrekker de aanvraag voor zijn rekening.

Opleidingsverstrekker

De opleidingsverstrekker moet de overeenkomst alternerende of duale opleiding, inclusief de verklaring dat de leerling de premie wenst te ontvangen, opladen in het digitale loket app.werkplekduaal.be. Hij doet dat binnen de 3 maanden na de start van de overeenkomst ( voor overeenkomsten met een startdatum voor 1 september 2023 moet de overeenkomst aangepast worden ten laatste op 30 november 2023).

Belastingen en fiscaliteit

De leerlingenpremie alternerende opleiding moet niet vermeld worden in de aangifte van personenbelasting.

De premie moet wel in rekening gebracht worden om de nettobestaansmiddelen van de leerling te bepalen. Overschrijden de nettobestaansmiddelen een bepaald bedrag dan is de leerling niet meer fiscaal ten laste van de ouders. Voor ouders die gehuwd of wettelijk samenwonend zijn mogen de nettobestaansmiddelen van de leerling niet hoger zijn dan € 3.820 netto (aanslagjaar 2024, inkomsten 2023). Voor leerlingen van een alleenstaande ouder is dat € 5.520 netto (aanslagjaar 2024, inkomsten 2023). Meer informatie over nettobestaansmiddelen vindt u op de website van FOD Financiën(opent in nieuw venster).

Regelgeving en documenten