We schrijven ervan langs altijd in twee woorden. Ervan is een voornaamwoordelijk bijwoord. U kunt het vervangen door het oorspronkelijke voorzetsel en een naamwoord.

  • Emile droomde ervan langs de Côte d'Azur te rijden in een cabriolet. (= hij droomde van iets, bijvoorbeeld van een autorit, langs hoort bij de Côte d'Azur)

Ervan langs wordt ook in twee woorden geschreven in enkele vaste combinaties. In die combinaties kunt u het voornaamwoordelijk bijwoord ervan niet vervangen door een voorzetsel en een naamwoord omdat het samen met het werkwoord een eenheid vormt met een specifieke betekenis.

  • ervan langs geven (= slaan, berispen): De directeur gaf hem ervan langs. Hij heeft hem ervan langs gegeven.
  • ervan langs krijgen (= geslagen worden, berispt worden): Ze kregen ervan langs. Ze hebben ervan langs gekregen.

De delen van het voornaamwoordelijk bijwoord ervan zijn van elkaar gescheiden als er tussen er en van een ander zinsdeel staat. De volgorde met de gesplitste vorm is vaak gebruikelijker dan die met de ongesplitste vorm. Soms is de ongesplitste vorm uitgesloten.

  • Emile droomde er weleens van / weeleens ervan langs de Côte d'Azur te rijden in een cabriolet.
  • Ze kregen er telkens weer van / telkens weer ervan langs.

De spellingen ervanlangs*, in één woord, en er van langs* , in drie opeenvolgende woorden, zijn in geen enkel geval correct.