Bij het werkwoord solliciteren is zowel het voorzetsel voor als naar correct in de betekenis 'zich kandidaat stellen voor een bepaalde functie': solliciteren naar een baan, solliciteren voor een baan.

  • Zij heeft naar een nieuwe baan gesolliciteerd.
  • Hij wilde graag voor die aantrekkelijke baan solliciteren.

In de betekenis 'zich op de hals halen, min of meer bewust aansturen op' is alleen het voorzetsel naar correct.

  • Zij solliciteerde naar haar ontslag.
  • Hij solliciteerde naar bitsige reacties.

Bij het werkwoord solliciteren zijn ook nog de voorzetsels op en bij mogelijk.

  • Hij solliciteerde op een advertentie van de Nederlandse overheid.
  • Zij solliciteerde bij Belgacom.

Taaladvies.net
Solliciteren voor / solliciteren naar ((opent in nieuw venster))