Gedaan met laden. U bevindt zich op: WB 97 - BVR 17 juli 2026 Overzicht wijzigende besluiten VPS

WB 97 - BVR 17 juli 2026

7 juli 2026 - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, wat betreft de flexibilisering van het mantelzorgverlof

Rechtsgronden

Dit besluit is gebaseerd op:
- de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 87, §1, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993, en §3, vervangen bij de bijzondere wet van 8 augustus 1988 en gewijzigd bij de bijzondere wet van 6 januari 2014;
- het bijzonder decreet van 14 juli 1998 betreffende het gemeenschapsonderwijs, artikel 67, §2;
- het Bestuursdecreet van 7 december 2018, artikel III.23.


Vormvereisten

De volgende vormvereisten zijn vervuld:

- De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord gegeven op 19 april 2026;

- Het Sectorcomité XVIII Vlaamse Gemeenschap - Vlaams Gewest heeft protocol nr. 451.1402 gesloten op 5 juni 2026;

- De Raad van State heeft advies 79.506/3 gegeven op 6 juli 2026, met toepassing van artikel 84, §1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

Initiatiefnemer

Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij.

Na beraadslaging,

DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:

Artikel 1. In artikel X 38bis van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 juli 2020 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023, wordt paragraaf 3 vervangen door wat volgt:
“§3. Een personeelslid heeft per zorgbehoevend persoon maximaal recht op:
1° zes maanden voltijdse onderbreking van de loopbaan;
2° twaalf maanden vermindering van de voltijdse arbeidsprestaties met de helft;
3° dertig maanden vermindering van de voltijdse arbeidsprestaties met een vijfde.

Een personeelslid heeft gedurende zijn volledige loopbaan recht op maximaal:
1° zes maanden voltijdse onderbreking van de loopbaan, op te nemen met een volle maand of een veelvoud daarvan;
2° twaalf maanden vermindering van de voltijdse arbeidsprestaties met de helft, op te nemen met twee volle maanden of een veelvoud daarvan;
3° dertig maanden vermindering van de voltijdse arbeidsprestaties met een vijfde, op te nemen met vijf volle maanden of een veelvoud daarvan.

In afwijking van het tweede lid kan een personeelslid na voorafgaand akkoord van de lijnmanager:
1° de voltijdse onderbreking van de loopbaan opnemen in volle weken;
2° de vermindering van de voltijdse arbeidsprestaties met de helft opnemen in volle maanden.

Bij een verandering van opnamevorm wordt het al opgenomen mantelzorgverlof aangerekend volgens het principe dat een maand voltijdse onderbreking gelijk is aan twee maanden vermindering van de voltijdse arbeidsprestaties met de helft en vijf maanden vermindering van de voltijdse arbeidsprestaties met een vijfde.”.

Art. 2. Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op het akkoord van de federale ministerraad.

Art. 3. De Vlaamse minister, bevoegd voor de human resources, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Brussel, 17 juli 2026

De minister-president van de Vlaamse Regering,

Matthias DIEPENDAELE

De Vlaamse minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij,

Hilde CREVITS