WB 98 - BVR 11 september 2026
11 september 2026 - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, wat betreft de overdracht van de personeelsleden van de gemeenschapsinstellingen, het Vlaams detentiecentrum en de begeleiding in het kader van elektronische monitoring aan het Agentschap Justitie en Handhaving en Het Facilitair Bedrijf en diverse bepalingen
Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 87, §1, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993, en §3, vervangen bij de bijzondere wet van 8 augustus 1988 en gewijzigd bij de bijzondere wet van 6 januari 2014;
- het bijzonder decreet van 14 juli 1998 betreffende het gemeenschapsonderwijs, artikel 67, §2;
- het Bestuursdecreet van 7 december 2018, artikel III.23.
Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Vlaamse minister, bevoegd voor het budgettair beleid, heeft zijn akkoord gegeven op 2 april 2026;
- Het Sectorcomité XVIII Vlaamse Gemeenschap - Vlaams Gewest heeft protocol nr. 450.1400 gesloten op 3 juli 2026;
- De Raad van State heeft advies 79.619/1/V gegeven op 6 augustus 2026, met toepassing van artikel 84, §1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
Initiatiefnemer
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij.
Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:
Artikel 1. De artikelen 3, 7, 8, 9, 29 en 30 van dit besluit voorzien in de gedeeltelijke omzetting van richtlijn (EU) 2023/970 van het Europees Parlement en de Raad van 10 mei 2023 ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning van mannen en vrouwen voor gelijke of gelijkwaardige arbeid door middel van beloningstransparantie en handhavingsmechanismen.
Art. 2. In artikel I 2, 1°, d), 1), van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2024, wordt het woord “VMM” vervangen door het woord “VVM”.
Art. 3. Aan artikel III 10, tweede lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 5 september 2025, wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
“5° het niveau, de rang en de graad van de functie en de daaraan gekoppelde salarisschaal.”.
Art. 4. In artikel III 44, §1, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt het eerste lid vervangen door wat volgt:
“Bij een bevordering naar een andere functie:
1° behoudt een contractueel personeelslid zijn contractuele aanstelling;
2° wordt een ambtenaar die vóór 1 juni 2024 ofwel effectief vast benoemd is, ofwel effectief toegelaten is tot de statutaire proeftijd, toegelaten tot een nieuwe statutaire proeftijd. Die nieuwe statutaire proeftijd begint nadat de vorige statutaire proeftijd beëindigd is. Op die nieuwe statutaire proeftijd zijn de bepalingen van deel IV van toepassing;
3° wordt een ambtenaar die vanaf 1 juni 2024 toegelaten is tot de statutaire proeftijd in het kader van de uitoefening van een gezagsfunctie, opnieuw toegelaten tot de statutaire proeftijd als de andere functie ook een gezagsfunctie is. De nieuwe statutaire proeftijd in het kader van de uitoefening van een gezagsfunctie begint nadat de vorige statutaire proeftijd in een gezagsfunctie beëindigd is. Op die nieuwe proeftijd zijn de bepalingen van deel IV van toepassing;
4° wordt een contractueel personeelslid toegelaten tot de statutaire proeftijd als de andere functie een gezagsfunctie betreft. Op die proeftijd zijn de bepalingen van deel IV van toepassing;
5° verliest een ambtenaar die vanaf 1 juni 2024 toegelaten is tot de statutaire proeftijd in het kader van de uitoefening van een gezagsfunctie, zijn statutaire aanstelling als de andere functie niet vermeld is in de lijst die is opgenomen in bijlage 4, die bij dit besluit is gevoegd. Hij krijgt een contract van onbepaalde duur.”.
Art. 5. In artikel III 64 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2025, wordt de zinsnede “veiligheidsattesten,” opgeheven.
Art. 6. In artikel III 65 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt de zinsnede “veiligheidsattesten,” opgeheven.
Art. 7. Aan artikel V 5, §3, tweede lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 5 september 2025, wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
“5° het niveau, de rang en de graad van de functie en de daaraan gekoppelde salarisschaal.”.
Art. 8. Aan artikel V 20, §2, tweede lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 5 september 2025, wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
“5° het niveau, de rang en de graad van de functie en de daaraan gekoppelde salarisschaal.”.
Art. 9. Aan artikel V 36, §4, tweede lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 5 september 2025, wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
“5° het niveau, de rang en de graad van de functie en de daaraan gekoppelde salarisschaal.”.
Art. 10. In artikel V 46, §4, derde lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt de zinsnede “artikel V 39bis, §2, derde lid,” vervangen door de zinsnede “artikel V 39, §2, tweede lid of artikel V 39bis, §2, derde lid”.
Art. 11. In artikel VII 2, §4, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt de laatste zin vervangen als volgt: “Voor personeelsleden die bevorderd zijn naar een hoger niveau vóór 1 juni 2024, gebeurt de inschaling op jaarsalaris en de op het ogenblik van de overstap betaalde bevorderingspremie.
Art. 12. Aan artikel VII 20, §4, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009, wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
“De termijn voor de uitbetaling, vermeld in het eerste lid, kan, zo lang als nodig voor het maken van de noodzakelijke berekeningen, worden verlengd als de beëindiging van de tewerkstelling bij de werkgever of de wijziging van hoedanigheid de vroegtijdige beëindiging van het fietsleasecontract tot gevolg heeft.”.
Art. 13. Aan artikel VII 32, §2, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008, 29 mei 2009, 29 maart 2024 en 19 september 2025, wordt de volgende zin toegevoegd:
“De lijnmanager kent aan het personeelslid van rang A1 dat op regelmatige basis op verzoek van de lijnmanager op zondag werkt, een zondagtoelage toe zoals bepaald in artikel VII 31.”.
Art. 14. In artikel VII 44quater van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021, wordt in de tabel de rij
“
| 7 euro | 10,82 euro | 12,01 euro | 6,07 euro |
“
vervangen door de rij
“
| 8 euro | 12,66 euro | 14,05 euro | 7,10 euro |
“
Art. 15. In deel VII, titel 2, hoofdstuk 3, van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2025, wordt het opschrift van afdeling 1 vervangen door wat volgt:
“Afdeling 1. Personeelsleden van het Agentschap Justitie en Handhaving”.
Art. 16. In artikel VII 45 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 wordt de zinsnede “De volgende toelagen worden toegekend aan het personeelslid van de afdeling Gemeenschapsinstellingen, tewerkgesteld in een gemeenschapsinstelling of in het Vlaams detentiecentrum De Wijngaard:” vervangen door de zinsnede “
De volgende toelagen worden toegekend aan het personeelslid dat in een gemeenschapsinstelling of in het Vlaams detentiecentrum werkt:
2° paragraaf 2 wordt opgeheven.
Art. 17. In deel VII, titel 2, hoofdstuk 3, van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2025, wordt een afdeling 1bis, die bestaat uit artikel VII 45bis, ingevoegd, die luidt als volgt:
“Afdeling 1bis. Personeelsleden van Het Facilitair Bedrijf
Art. VII 45bis. §1. De volgende toelage wordt toegekend aan het personeelslid dat in een gemeenschapsinstelling werkt:
| bedrag | voorwaarden | |
| Jeugdzorgtoelage | 877 euro tegen 100% per jaar | personeelslid werkt in een gemeenschapsinstelling, behalve niveau A |
“.
§2. Als de toelage, vermeld in dit artikel, niet volledig verschuldigd is, wordt ze betaald overeenkomstig artikel VII 6.”.
Art. 18. In deel VII, titel 2, hoofdstuk 3, van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2025, wordt een afdeling 1ter, die bestaat uit artikel VII 45ter, ingevoegd, die luidt als volgt:
“Afdeling 1ter. Personeelsleden van het agentschap Opgroeien
Art. VII 45ter. §1. De volgende toelage wordt toegekend aan het personeelslid dat in de afdeling Ondersteuningscentra en Sociale Diensten bij de jeugdrechtbank of de afdeling Continuïteit en Toegang werkt:
| bedrag | voorwaarden | |
| Jeugdzorgtoelage | 877 euro tegen 100% per jaar | personeelslid van niveau B dat werkt in de buitendiensten van de afdeling Continuïteit en Toegang en de afdeling Ondersteuningscentra en Sociale Diensten bij de jeugdrechtbank, met uitzondering van de administratieve teams |
| jeugdzorgtoelage administratieve personeelsleden met baliefunctie | 439 euro tegen 100% per jaar | personeelslid van niveau C of D met een administratieve functie dat werkt in de afdeling Continuïteit en Toegang of de afdeling Ondersteuningscentra en Sociale Diensten van de jeugdrechtbank, dat gedurende één tot negen volledige dagen per maand een baliefunctie uitoefent |
| 877 euro tegen 100% per jaar | personeelslid van niveau C of D met een administratieve functie dat werkt in de afdeling Continuïteit en Toegang of de afdeling Ondersteuningscentra en Sociale Diensten van de jeugdrechtbank, dat tien of meer volledige dagen per maand een baliefunctie uitoefent |
§2. Als de toelagen, vermeld in dit artikel, niet volledig verschuldigd zijn, worden ze betaald overeenkomstig artikel VII 6.”.
Art. 19. In artikel VII 56, §1, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2025, worden de woorden “agentschap Opgroeien” vervangen door de woorden “Agentschap Justitie en Handhaving”.
Art. 20. In artikel VII 109undecies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 23 september 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° tussen het eerste en het tweede lid wordt een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
“Bij de indiensttreding van personeelsleden wordt, in afwijking van het eerste lid, de waarde van een jaarlijkse vakantiedag die het personeelslid met toepassing van artikel X 9, §4, inzet, berekend op basis van het salaris van de maand van de indiensttreding.”;
2° in het bestaande tweede lid, dat het derde lid wordt, worden volgende wijzigingen aangebracht:
- in punt 1° wordt tussen de zinsnede “artikel VII 91,” en het woord “alsook” de zinsnede “het buitenlandpersoneel van FIT en Toerisme Vlaanderen,” ingevoegd;
- de punten 3° tot en met 6° worden toegevoegd, die luiden als volgt:
3° het personeelslid met een arbeidsovereenkomst voor studenten;
4° het personeelslid van Sport Vlaanderen met een arbeidsovereenkomst voor occasioneel personeel;
5° de occasionele lesgever van de VDAB, vermeld in artikel 1, 10°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 mei 2014 houdende de agentschap specifieke regeling van de rechtspositie van het personeel van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding;
6° de personeelsleden met loonbeslag.”.
Art. 21. In artikel VIIbis 1, zesde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt het woord “derde” vervangen door het woord “vierde”.
Art. 22. Artikel VIIbis 12 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt opgeheven.
Art. 23. Artikel VIIbis 21 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt opgeheven.
Art. 24. In artikel VIIbis 26 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt de zinsnede “artikel VII 113” vervangen door de zinsnede “artikel VIIbis 25”.
Art. 25. In artikel VIIbis 37 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 wordt de zinsnede “van de afdeling Gemeenschapsinstellingen, van de afdeling Elektriciteit en Mechanica Gent en van de afdeling Vloot” vervangen door de zinsnede “die werkt in een gemeenschapsinstelling, de afdeling Elektriciteit en Mechanica Gent en de afdeling Vloot”;
2° in paragraaf 2 worden de woorden “van de afdeling Gemeenschapsinstellingen en van de afdeling Elektriciteit en Mechanica Gent en Antwerpen” vervangen door de woorden “die werkt in een gemeenschapsinstelling en de afdeling Elektriciteit en Mechanica Gent en Antwerpen”.
Art. 26. In artikel VIIbis 69 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, eerste lid, wordt punt 5° opgeheven;
2° er wordt een paragraaf 2bis ingevoegd, die luidt als volgt:
“§2bis. De personeelsleden die vóór 1 december 2012 in dienst zijn getreden bij de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en op 1 januari 2023 worden overgeheveld naar het agentschap Wonen-Vlaanderen, behouden de compenserende toelage, vermeld in paragraaf 1, totdat ze het agentschap Wonen-Vlaanderen vrijwillig verlaten of ontslagen worden.”;
3° in paragraaf 3 wordt de zinsnede “paragraaf 1 en 2” vervangen door de zinsnede “paragraaf 1, 2 en 2bis”.
Art. 27. Aan deel VIIbis, titel 3, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt een Hoofdstuk 9 toegevoegd, dat bestaat uit artikel VIIbis 123, dat luidt als volgt:
“Titel 9 - Overgangsbepaling voor de personeelsleden die vanaf 1 januari 2026 zijn overgeheveld van het agentschap Opgroeien naar het agentschap Justitie en Handhaving
Art. VIIbis 123. ““Een jeugdzorgtoelage van 877 euro tegen 100% per jaar wordt toegekend aan personeelsleden van niveau B met de functie van begeleider elektronische monitoring minderjarigen die voor 1 januari 2026 bij het agentschap Opgroeien werkten, of van wie de vacature werd gepubliceerd vóór 1 januari 2026.”.
Art. 28. In artikel X 9, §3, eerste lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 1 februari 2013 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 en 30 april 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden “agentschap Opgroeien” worden vervangen door de woorden “Agentschap Justitie en Handhaving”;
2° de woorden “De Wijngaard” worden opgeheven;
3° tussen het woord “nachtwaker” en de woorden “of bewakingsassistent” wordt de zinsnede “, veiligheidsmedewerker” ingevoegd.
Art. 29. Aan artikel XIbis 18, §2, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
“5° het niveau, de rang en de graad van de functie en de daaraan gekoppelde salarisschaal.”.
Art. 30. Aan artikel XIbis 33, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
“5° het niveau, de rang en de graad van de functie en de daaraan gekoppelde salarisschaal.”.
Art. 31. Aan artikel XIbis 40, §2, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
“5° het niveau, de rang en de graad van de functie en de daaraan gekoppelde salarisschaal.”.
Art. 32. Aan artikel XIbis 66, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
“Voor de loods op proef, die op basis van artikel XIbis 67 geen recht heeft op de toelagen vermeld in het eerste lid, wordt het bruto maandsalaris verminderd met 80% van een twaalfde van 7460 euro”.
Art. 33. In artikel XIbis 67, laatste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024, wordt de zinsnede “artikel VII 43” vervangen door de zinsnede “artikel VII 42” en de zinsnede “artikel VII 44” door de zinsnede “artikel VII 43”.
Art. 34. Bijlage 5bis bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2024 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2025, wordt vervangen door de bijlage die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 35. Dit besluit treedt in werking op 1 oktober 2026, met uitzondering van:
1° artikel 15 tot en met 19, artikel 25, artikel 27 en 28, die uitwerking hebben met ingang van 1 januari 2026;
2° artikel 21, 24 en 26, die uitwerking hebben met ingang van 1 juni 2024;
3° artikel 32 dat uitwerking heeft met ingang van 1 oktober 2017;
4° artikel 34, dat uitwerking heeft met ingang van 1 oktober 2025.
Art. 36. De Vlaamse minister, bevoegd voor de human resources, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 11 september 2026
De minister-president van de Vlaamse Regering,
Matthias DIEPENDAELE
De Vlaamse minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij,
Hilde CREVITS