Pensioen
Het pensioen verzekert u van een inkomen als uw vaste inkomen wegvalt doordat u stopt met werken, meestal na het bereiken van een bepaalde leeftijd, maar mogelijk ook door een scheiding, arbeidsongeschiktheid of het overlijden van een partner.
Pensioenpijlers
In België kennen we drie pensioenpijlers.
- De eerste pijler in uw pensioenvorming is het wettelijk pensioen of rustpensioen, dat door de overheid wordt georganiseerd.
- De tweede pijler is het aanvullend pensioen dat u als werknemer of zelfstandige mogelijk opbouwt via een pensioenfonds of een groepsverzekering.
- De derde pijler is het aanvullend pensioenkapitaal dat u eventueel zelf op een fiscaal voordelige manier kunt opbouwen via pensioensparen of een individuele levensverzekering.
Mogelijk kunt u daarenboven in de loop van uw leven nog een extra appeltje voor de dorst bijeensparen met het oog op uw pensioen, zonder daarvoor fiscaal aangemoedigd te worden, via een gewone spaarrekening, een effectenportefeuille, bepaalde levensverzekeringen, enzovoort. Dat wordt dan de ‘vierde pijler’ genoemd. Ook een eigen woning of ander vastgoed (soms de ‘vijfde pijler’ genoemd) kan daarin een belangrijk element zijn.
Wettelijk pensioen of rustpensioen
Als u na uw loopbaan stopt met werken, ontvangt u een pensioen. De basis van het inkomen dat u krijgt zodra u de pensioenleeftijd hebt bereikt, is het wettelijke pensioen of rustpensioen. Dat is het pensioen van overheidswege waar iedereen die gewerkt heeft, recht op heeft. Het is wat de meeste mensen onder ‘het’ pensioen verstaan en vormt de zogenoemde ‘eerste pijler’ van ons pensioenstelsel.
De hoogte van het wettelijke pensioen hangt af van uw statuut, het aantal jaren dat u gewerkt hebt en de hoogte van uw inkomen. In België bestaan er drie wettelijke stelsels:
- Hebt u gewerkt als werknemer? Dan hebt u recht op een werknemerspensioen.
- Hebt u gewerkt als statutair ambtenaar? Dan hebt u recht op een ambtenarenpensioen.
- Hebt u gewerkt als zelfstandige? Dan hebt u recht op een zelfstandigenpensioen.
Hebt u in verschillende stelsels gewerkt? Dan krijgt u een pensioen van elk stelsel waarin u gewerkt hebt. De verschillende pensioenen worden dan samen in één bedrag uitbetaald.
Werkte u ook in het buitenland? In de meeste gevallen hebt u in het buitenland ook recht op een pensioen, maar daar kunnen andere regels gelden.
Aanvullend pensioen
Het wettelijk pensioen biedt een basisinkomen, maar veel mensen vinden dat onvoldoende om een zorgeloze oude dag te beleven. Boven op uw wettelijke pensioen kunt u mogelijk op een fiscaal voordelige manier een aanvullend pensioen opbouwen.
- Bent u werknemer (of contractueel ambtenaar)? Mogelijk biedt uw werkgever of uw sector u een aanvullend pensioenplan aan via een groepsverzekering of een pensioenfonds. Dat aanvullend pensioen wordt doorgaans gefinancierd door werkgeversbijdragen, maar wordt vaak aangevuld met werknemersbijdragen: de werkgever houdt dan een deel van het loon in, dat hij doorstort aan de pensioeninstelling.
Niet alle werkgevers en sectoren bieden een aanvullend pensioen aan, ze zijn dat ook niet verplicht. Daarom kunt u als werknemer ook zelf een aanvullend pensioen opbouwen via het Vrij Aanvullend Pensioen voor Werknemers (VAPW). - Bent u zelfstandige? Dan kunt u op eigen initiatief aan pensioenopbouw doen, bijvoorbeeld via een Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen (VAPZ). Er bestaan ook aanvullende pensioenen specifiek voor zelfstandigen die bedrijfsleider zijn van een vennootschap (Individuele Pensioentoezegging of IPT) en voor zelfstandigen die als natuurlijke persoon werken (Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen of POZ).
Pensioensparen en langetermijnsparen
In de derde pijler bouwt u zelf op een fiscaal voordelige manier een aanvullend pensioen op. Dat gebeurt via het pensioensparen en/of het langetermijnsparen.
Pensioenleeftijd
Wettelijke pensioenleeftijd
Uw wettelijke pensioenleeftijd hangt af van uw geboortedatum.
| Geboortedatum | Wettelijke pensioenleeftijd |
|---|---|
| Geboren vóór 1 januari 1960 | 65 jaar |
| Geboren tussen 1 januari 1960 en 31 december 1963 | 66 jaar |
| Geboren vanaf 1 januari 1964 | 67 jaar |
Vervroegd pensioen
Als u aan bepaalde leeftijds- en loopbaanvoorwaarden voldoet, kunt u ook vervroegd met pensioen gaan.
Op mypension.be, de online pensioensite van de federale overheid, ziet u:
- de datum waarop u de wettelijke pensioenleeftijd bereikt
- uw vroegst mogelijke ingangsdatum (als u voldoet aan de voorwaarden voor het vervroegd pensioen).
Het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT), vroeger ook ‘brugpensioen’ genoemd, is geen vervroegd pensioen, maar een regeling waardoor oudere werknemers na ontslag een bedrijfstoeslag krijgen naast de werkloosheidsuitkering. Het SWT wordt vandaag alleen nog uitzonderlijk toegekend om medische redenen.
Pensioenbedrag
Uw rustpensioen wordt berekend op basis van uw professioneel statuut (werknemer, ambtenaar, zelfstandige of een combinatie), uw loon, wedde of beroepsinkomen en uw loopbaan.
Op de website van de Federale Pensioendienst wordt uitgelegd hoe die berekening verloopt. Maar u hoeft de berekening niet zelf te doen: op mypension.be, de online pensioensite van de federale overheid, kunt u uw toekomstige pensioenbedrag simuleren en ziet u al uw gegevens die gebruikt worden om uw pensioen te berekenen. U ziet er ook hoeveel aanvullend pensioen u al hebt opgebouwd.
Andere pensioenen of uitkeringen
In specifieke situaties kunt u ook recht hebben op uitkeringen die niet gebaseerd zijn op uw eigen loopbaan.
Als u gescheiden of feitelijk gescheiden bent, kunt u bijvoorbeeld recht hebben op een pensioen als uit de echt gescheiden huwelijkspartner of een pensioen als feitelijk gescheiden huwelijkspartner.
Als uw huwelijkspartner overleden is, hebt u misschien recht op een overlevingspensioen of een overgangsuitkering.
En als u de wettelijke pensioenleeftijd bereikt hebt en onvoldoende financiële middelen hebt, hebt u mogelijk recht op een inkomensgarantie voor ouderen (IGO).