Doelgroepenbeleid

Het doelgroepenbeleid is een belangrijk instrument om de aanwerving en tewerkstelling van bepaalde kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt aantrekkelijker te maken. Sinds de zesde staatshervorming in 2014 is Vlaanderen bevoegd voor het doelgroepenbeleid. Concreet werden de bijdrageverminderingen voor werknemers met bepaalde persoonskenmerken, zoals leeftijd, opleidingsniveau of werkloosheidsduur overgeheveld naar het Vlaams niveau. Op 1 juli 2016 trad het Vlaamse doelgroepenbeleid in werking.
Het Vlaams doelgroepenbeleid onderging doorheen de jaren een aantal wijzigingen, en richt zich tot 3 groepen:

  1. kortgeschoolde jongeren en leerlingen
  2. oudere werknemers
  3. personen met een arbeidshandicap.

De aanwerving en tewerkstelling van jongere en oudere werknemers wordt ondersteund met een vermindering op de RSZ-bijdrage van de werkgever. Voor werknemers met een arbeidshandicap worden werkgevers ondersteund met de Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP); dit is een loonpremie.

Onderzoek naar aanpassingen voor ouderen

In het kader van de Vlaamse Brede Heroverweging onderzocht Idea Consult in samenwerking met het Departement Werk en Sociale Economie de doelgroepenkorting voor zittende oudere werknemers. Het rapport omvat het volgende:

  • een schets van de Vlaamse context van de doelgroepenkorting
  • een uitgebreide literatuurstudie over dit soort activeringsmaatregelen in binnen- en buitenland
  • een onderzoek naar de impact van verschillende besparingsscenario’s op de uitgaven en werkgelegenheid in Vlaanderen
  • beleidsaanbevelingen voor de doelgroepkorting voor zittende oudere werknemers.

Een van de vaststellingen is dat een selectievere korting voor oudere werknemers de kosteneffectiviteit van de maatregel kan verhogen.

Jaarrapport 2020

Het jaarverslag over het Vlaams doelgroepenbeleid, voor het jaar 2020, bespreekt volgende aspecten:

  • een korte omgevingsanalyse om de arbeidsmarktpositie van de jongeren, ouderen en personen met een arbeidshandicap op de Vlaamse arbeidsmarkt te schetsen
  • het aantal personen, per doelgroep, dat met een doelgroepvermindering of VOP werd tewerkgesteld en het bedrag dat besteed werd
  • cijfers per sector, om te illustreren in welke mate de doelgroepverminderingen de tewerkstelling van Vlaamse jongeren, oudere werknemers en personen met arbeidshandicap in bepaalde sectoren ondersteunen
  • de impact van de coronacrisis, door de kerngetallen van 2020 te vergelijken met de kernindicatoren van 2019.

De belangrijkste bevindingen zijn de volgende:

  • Er wordt vastgesteld dat in 2020 de doelgroepvermindering voor oudere zittende werknemers met voorsprong de grootste maatregel binnen het Vlaams doelgroepenbeleid is.
  • In het tweede kwartaal van 2020 werd de tewerkstelling van 8,3% van de werknemers in Vlaanderen ondersteund met een doelgroepvermindering of een VOP. Dat is 1,5 procentpunten minder dan in hetzelfde kwartaal één jaar eerder. Dat komt door de impact van de coronacrisis op de Vlaamse arbeidsmarkt. We stellen in alle maatregelen van het doelgroepenbeleid een terugval vast in de indicatoren in het tweede kwartaal van 2020 ten opzichte van één jaar eerder.
  • De maatregelen die de kleinste afname noteren in de uitgaven zijn de VOP en de doelgroepvermindering voor oudere zittende werknemers.