Centrale verwarming - Luchttoevoer, rookgasafvoer en ventilatie

De ruimte waarin uw cv-installatie zich bevindt, moet voldoende verlucht worden. Ook de afvoer van de rookgassen moet correct gebeuren. Dat is nodig voor een goede werking en de veiligheid (bv. om CO-vorming te vermijden). De eisen en normen voor luchttoevoer, ventilatie en rookgasafvoer zijn afhankelijk van een hele reeks dingen:

  • soort toestel: centraal stooktoestel of individueel stooktoestel
  • brandstof: stookolie, gas, ...
  • vermogen: u vindt het vermogen op het kenplaatje op uw cv-ketel, het vermogen wordt meestal uitgedrukt in kilowatt (kW)
  • bouwjaar van het stooktoestel
  • type toestel:
    • open (type B, ‘atmosferisch’: gebruikt verbrandingslucht uit het stooklokaal). Dit zijn doorgaans de klassieke vloerketels of oudere wandketels.
    • gesloten (type C: gebruikt verbrandingslucht van buiten via een kanaal door muur of dak). Dit zijn doorgaans condensatieketels.
  • in een nieuw of een bestaand gebouw
  • stookplaats:
    • wat is de functie van de ruimte: badkamer, wasplaats, garage, ...?
    • is er verluchting aanwezig?
    • zijn er mechanische ventilatievoorzieningen (bv. een extractor)?
    • zijn er andere toestellen die lucht aanzuigen (bv. een dampkap, droogkast)?

Toestellen in badkamers, wc’s, slaapkamers, doucheruimtes of opschikkamers

Sinds september 2014 is het plaatsen van open toestellen (type B, ‘atmosferische’) verboden in badkamers, WC’s, slaapkamers, stortbadruimtes of opschikkamers. Bestaande toestellen mogen wel in gebruik blijven.

Bij vervanging van een open toestel (type B) in een van de genoemde ruimtes, moet dus gekozen worden voor een gesloten toestel (type C). Dat zijn doorgaans condensatieketels, die veiliger en zuiniger zijn.

Vervanging van toestellen in appartementsgebouwen

Bij vervanging van een open toestel (type B) in een appartementsgebouw door een gesloten toestel (type C), is het ten zeerste aanbevolen de syndicus of technisch verantwoordelijke te contacteren, aangezien mogelijk aanpassingen aan het gemeenschappelijk afvoerkanaal nodig zijn.

Vuistregels volgens type stooktoestel

  • Type B: een stooklokaal waarin een open, ‘atmosferisch’ toestel is opgesteld, moet altijd voorzien zijn van een boven- en onderverluchting om CO-vorming te vermijden. De grootte van de luchttoevoer en luchtafvoeropeningen is toestelafhankelijk en wettelijk bepaald in de normen. In bepaalde gevallen is alleen een onderverluchting noodzakelijk.
  • Type C: een stooklokaal waarin een gesloten toestel is opgesteld, is doorgaans geen bijkomende verluchting nodig. Enkel als het toestel in een kast of zeer kleine ruimte geplaatst werden, moet er ventilatie voorzien worden. Dat is wettelijk bepaald in de normen.

Doe een beroep op een professional

De regelgeving voor verluchting en ventilatie is zeer technisch en complex. Om na te gaan of het stooklokaal aan de vereisten voldoet en uw veiligheid gegarandeerd is, is het aanbevolen een beroep te doen op een erkende technicus. Erkende technici moeten de Vlaamse wetgeving en de Belgische normen voor luchttoevoer van centrale stooktoestellen kennen en respecteren. U vindt erkende technici in deze overzichtslijsten (zoek op ‘Technici vloeibare brandstof, Technici gasvormige brandstof, Technici verwarmingsaudit).

Veelgestelde vragen