Gedaan met laden. U bevindt zich op: Verdeling werkingsmiddelen Algemene omkadering en werkingsmiddelen

Verdeling werkingsmiddelen

Ieder schooljaar krijgen de schoolbesturen een werkingsbudget (euro’s) voor de werking en de uitrusting van hun scholen.

Voor wie?

Deze pagina is voor directies en administraties van het basisonderwijs en het secundair onderwijs.

Hoe worden werkingsmiddelen berekend?

Objectiveerbare verschillen

De berekening van de werkingsmiddelen is voor alle netten dezelfde. Wel worden in het leerplichtonderwijs objectiveerbare verschillen in rekening gebracht:

  • Alle scholen van het gesubsidieerd officieel onderwijs en van het GO! ontvangen extra middelen omdat zij verplicht zijn verscheidene levensbeschouwelijke vakken aan te bieden.
  • Het GO! ontvangt extra middelen omdat dit onderwijsnet grondwettelijk verplicht is de vrije keuze te garanderen.

Schoolkenmerken

Het grootste deel van het budget wordt toegekend op basis van de schoolkenmerken: niveau, type, onderwijsvorm en studiegebied

Leerlingenkenmerken

4 leerlingenkenmerken spelen een rol bij de verdeling van de middelen in het leerplichtonderwijs:

  • opleidingsniveau van de moeder
  • thuistaal
  • ontvangen van een schooltoelage
  • buurt waar de leerling woont

De berekeningen tonen per schooljaar de manier waarop de geldwaarden en puntwaarden uit de werkingsmodellen worden berekend.

Een deel van de werkingsmiddelen van het basis- en secundair onderwijs wordt toegekend op basis van deze 4 leerlingenkenmerken.