Zwarte mensen benoemen (inclusief taalgebruik)
Het is aan te bevelen om alleen te vermelden dat iemand zwart is als dat echt relevant is. Vaak maak je een formulering neutraler door zo’n persoonskenmerk niet op te nemen. Bijvoorbeeld:
- Chris Sigura is een Vlaamse econoom die geregeld als financieel expert te gast is in radio- en tv-programma’s.
Als het relevant is om te vermelden dat iemand zwart is, wordt tegenwoordig de voorkeur gegeven aan combinaties waarin zwart als bijvoeglijk naamwoord gebruikt wordt. Het gebruik van het zelfstandig naamwoord (een) zwarte wordt in het algemeen afgeraden, omdat het een persoon lijkt te reduceren tot één kenmerk, namelijk zwart zijn.
- zwarte persoon
- mensen die zwart zijn
- iemand met een zwarte huidskleur
Zwarte persoon en zwart zijn zijn aanduidingen die naar iemands huidskleur verwijzen, maar tegelijk ook naar iemands culturele en etnische identiteit. Een Indische persoon met een heel donkere huid bijvoorbeeld zal niet als zwart beschouwd worden, ook al heeft die een donkerdere huidskleur dan sommige zwarte mensen. Met een zwarte huidskleur wordt in de praktijk bijna altijd gebruikt om zwarte mensen te benoemen, maar kan in principe ook wel naar bijvoorbeeld zo’n Indische persoon verwijzen.
Het gebruik van de woorden neger en negerin is helemaal af te raden. Die woorden worden zodanig met het traumatische verleden (en heden) van kolonialisme, verdrukking en racisme geassocieerd dat ze maatschappelijk niet meer aanvaard worden. Meestal wordt de aanduiding n-woord gebruikt om ernaar te verwijzen. Mensen die zelf zwart zijn, kunnen het n-woord eventueel wel gebruiken, als geuzennaam. Het n-woord kan uitzonderlijk ook voorkomen als iemand rechtstreeks uit een historische bron citeert of een historische context schetst met woorden die in het verleden algemeen gebruikelijk waren. Het is dan aan te raden om extra duiding te geven bij het gebruik van de historische woorden.
Er zijn vaak nog andere (soms preciezere) omschrijvingen mogelijk om iemands huidskleur of culturele en etnische identiteit te benoemen. Het gaat dan om aanduidingen die ook op niet-zwarte mensen van kleur en in sommige gevallen ook op witte mensen kunnen slaan. Enkele voorbeelden:
- persoon met een bruine huid(skleur)
- mensen met een donkerbruine huid(skleur)
- vrouw met een lichtbruine huid(skleur)
- man met een donkere huid(skleur)
- acteur van Afrikaanse afkomst / origine
- chirurg met Afrikaanse roots
- Belgisch-Congolese voetballer
- Zimbabwaanse vader
In de praktijk kan het nuttig zijn om te achterhalen aan welke omschrijving de persoon zelf de voorkeur geeft.