Digitale overheid
In 2025 gaf 87% van de inwoners van het Vlaamse Gewest tussen 16 en 74 jaar aan dat zij tijdens het jaar voorafgaand aan de bevraging contacten hadden met de overheid via websites of mobiele applicaties. Dit aandeel bleef nagenoeg constant van 2022 tot 2025.
Evolutie in (interactieve) grafiek
De meest voorkomende redenen om via websites of mobiele applicaties met de overheid te interageren waren in 2025 het ontvangen van officiële documenten of berichten bijvoorbeeld via de e-box (59% van de 16- tot 74-jarigen) of het opzoeken van informatie over zichzelf zoals informatie over het pensioen, de gezondheid of het werk (57%).
Daarnaast zochten 4 tot 5 op de 10 personen van 16 tot 74 jaar contact met de overheid via websites of mobiele applicaties om officiële documenten te printen of te downloaden, om hun persoonlijke belastingaangifte te vervolledigen, wijzigen, raadplegen of goedkeuren, om algemene informatie over diensten, rechten, en dergelijke meer te verwerven of om een afspraak of reservatie te maken zoals een reservering van een boek in een openbare bibliotheek, een afspraak met een overheidsfunctionaris of een overheidsdienst voor gezondheidszorg.
Het opzoeken van informatie in openbare databanken zoals het opzoeken van informatie over de beschikbaarheid van boeken in de openbare bibliotheken of in kadastrale registers of in het ondernemingsregister; of het aanvragen van officiële documenten of getuigschriften voor onderwijs, geboorte, huwelijk, scheiding, overlijden, en dergelijke meer werden in het afgelopen jaar respectievelijk uitgevoerd door 28% en 27% van de personen van 16 tot 74 jaar.
Aanvragen van uitkeringen of toelagen was een reden voor 17% en het indienen van andere aanvragen, vorderingen of klachten zoals de aangifte van een diefstal, een juridische klacht, rechtsbijstand of een burgerlijke vordering voor 4%.
Er zijn uitgesproken verschillen in het gebruik van het internet bij contacten met de overheid naargelang het opleidingsniveau. Zo lag het aandeel in 2025 bij hooggeschoolden op 96%, bij laaggeschoolden was dat 69%. Daarnaast maken 16- tot 54-jarigen het vaakst gebruik van het internet in hun contact met de overheid. In 2025 ging het om 90% van de 16- tot 54-jarigen tegenover 77% van de 55-plussers.