De internationale benchmark is een nieuwe stap in de uitvoering van het decreet Basisbereikbaarheid. De benchmark zou de toekomst van VVM De Lijn duidelijk maken binnen het aanbod van openbaar vervoer in Vlaanderen en bepalen of ze voldoet om als interne exploitant van het kern- aanvullend net te blijven opereren.

Op vraag van de Vlaamse regering vergeleek het onafhankelijk adviesbureau inno-V de afgelopen maanden VVM De Lijn met tien vergelijkbare Noord- en West-Europese exploitanten van openbaar vervoer, o.a. in Nederland, Noorwegen, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Zwitserland, Oostenrijk en Groot-Brittannië. De vergelijking gebeurde aan de hand van 10 groepen van indicatoren: eenheidsprijzen, kwaliteit middelen, kostenopbouw, productiviteit, gemiddelde kosten, aanbodkwaliteit, kostendekking, gemiddelde reizigerskosten, dienstkwaliteit en publiek nut. De verzamelde gegevens werden vervolgens gebundeld tot 4 efficiëntieconcepten om tot een totaaloordeel in een gemotiveerde eindconclusie te kunnen komen.

Resultaten benchmark

De resultaten van de benchmark werden opgeleverd en besproken op 11 november 2020. VVM De Lijn behaalde de eindscore ‘gematigd negatief’. Dit betekent dat De Lijn niet zonder meer “slecht” scoort, maar op een aantal vlakken wel minder dan het gemiddelde van vergelijkbare gebieden en bedrijven. Het gaat onder meer over om de productiviteit, de gemiddelde kosten, de kostendekking en de reizigerstevredenheid. Voor sommige aspecten is de achterblijvende performantie niet enkel aan VVM De Lijn toe te schrijven. Bijvoorbeeld het gekozen tariefbeleid dat door de Vlaamse regering wordt uitgezet, heeft een positieve invloed op de betaalbaarheid van het openbaar vervoer maar een negatieve invloed op de kostendekking.

Aandacht voor duurzaamheid en de milieunorm en de gemiddelde bezetting van het openbaar vervoer werden wél positief beoordeeld.

VVM De Lijn blijft interne operator voor volgende 10 jaar

De Vlaamse regering heeft beslist om deze benchmark als een ‘nulmeting’ te beschouwen en de VVM De Lijn als interne operator aan te duiden voor het kern- en aanvullend net voor de volgende 10 jaar. De verbeterpunten die uit de studie naar voor komen, worden omgezet en verfijnd naar (tussentijdse) meetbare doelstellingen die mee opgenomen zullen worden in de nieuwe beheersovereenkomst. Over vijf jaar volgt een tussentijdse evaluatie waarbij er financiële sancties zullen opgelegd worden indien VVM De Lijn de tussentijdse doelstellingen niet haalt.