Projectoproep 'leerkansen, oefenkansen en gebruikskansen Nederlands in onze hoofdstad'
Andere organisatie - Burger - Onderneming - Vereniging
21.11.2025
Situering
De projectoproep kaderde binnen het Totaalplan Nederlands Brussel, dat op integrale wijze de doelstellingen en acties van de Vlaamse Regering om het Nederlands te versterken in haar hoofdstad beschrijft. Het Totaalplan Nederlands Brussel focust op Nederlands leren, oefenen en gebruiken.
Het Totaalplan heeft drie prioriteiten:
- De Nederlandse taalkennis bij Brusselse kinderen en jongeren versterken: kinderen en jongeren zijn de toekomst van Brussel als hoofdstad van Vlaanderen. Als zij Nederlands gebruiken en met het Nederlandstalige netwerk in contact treden, zijn zij de beste garantie op een sterke Nederlandstalige verankering in de hoofdstad. Via kinderen en jongeren komen ook hun vrienden en familie op een positieve wijze in aanraking met het Nederlands. Het zet anderen zo aan om Nederlands te leren en aansluiting te zoeken bij het Nederlandstalig netwerk.
- Het Nederlands promoten als de weg naar een betere toekomst van de Brusselaars: hoe beter volwassenen het Nederlands beheersen, hoe meer kansen ze hebben op een goede job binnen of buiten Brussel en een vlotte integratie in de samenleving. Ook als ouders Nederlands kennen, heeft dat een positieve invloed op de schoolcarrière van hun kinderen in het Nederlandstalig onderwijs.
- De overheid moet het Nederlands kennen en de Nederlandstalige dienstverlening garanderen: vandaag is Brussel nog te vaak enkel op papier een tweetalige stad. De Brusselse openbare besturen, de gewestelijke en GGC-voorzieningen en ziekenhuizen dienen gerichte stappen te nemen om daar verandering in te brengen. De taalrechten van de Vlamingen en Nederlandstaligen mogen geen dode letter blijven. Als de overheid alvast zelf het goede voorbeeld geeft, zou dat ongetwijfeld een pak Brusselaars inspireren om ook een extra inspanning te leveren en zich de taal eigen te maken.
Het ToTaalplan gaat uit van een maximale toepassing van een ketenbenadering: elke Nederlandstalige dienstverlening verwijst vanaf geboorte tot latere leeftijd structureel door naar ander aanbod van de Vlaamse Gemeenschap in onze hoofdstad en daarbuiten.
Doelstelling en afbakening
De projectoproep speelde in op de prioriteiten van het Totaalplan Nederlands Brussel en had als doel om (vernieuwende) projecten te ondersteunen die het Nederlands in Brussel versterken door het creëren en aanbieden van meer leer-, oefen- en gebruikskansen. De focus lag op initiatieven die leer-, oefen- en gebruikskansen structureel inbedden in organisaties om een blijvende impact na te streven.
Nederlands leren, oefenen en gebruiken zijn drie aspecten van het taalverwervingsproces. In de praktijk verlopen ze voor een groot stuk simultaan. Mensen leren de taal bijvoorbeeld in een klas van een Centrum voor Volwassenenonderwijs (CVO), oefenen daarnaast de taal op een conversatietafel in het gemeenschapscentrum in de buurt en gebruiken in de supermarkt Nederlands met de winkelbediende.
Dit waren een aantal uitgangspunten van de oproep:
- Zowel nieuwe initiatieven (vernieuwend/experimenteel) als de opschaling/verbreding van bestaande initiatieven, waarvan de goede methodiek bewezen is, kwamen voor de projectoproep in aanmerking. Subsidies konden worden aangevraagd voor de uitbreiding of verbreding van een bestaande kwalitatieve werking, dienstverlening of aanbod.
- Er was bijzondere aandacht voor initiatieven die moeilijker inbedding en financiering vinden bij andere beleidsdomeinen.
- De doelgroep was breed met initiatieven voor jongeren en volwassenen die hun kennis van het Nederlands wensen te verhogen en met initiatieven die het gebruik van het Nederlands stimuleren en de taal zichtbaarder maken in het dagelijkse leven in Brussel.
De Vlaamse minister bevoegd voor Brussel maakte een bedrag van 1 miljoen euro vrij voor deze projectoproep met een maximum van 200.000 euro per project.
Voorwaarden
Hieronder kan je het kader van de projectoproep raadplegen:
Procedure
Beoordelingscriteria en jury
De projectvoorstellen werden aan de volgende inhoudelijke criteria getoetst:
- De mate waarin het project de verwerving en het gebruik van het Nederlands bij de doelgroep stimuleert;
- De mate waarin de positie van het Nederlands in Brussel in alle opzichten wordt versterkt;
- De mate waarin wordt aangetoond hoe de opgebouwde kennis, expertise of ontwikkelde instrumenten na afloop van de projectperiode verder kunnen worden gebruikt of kunnen worden overgedragen naar andere organisaties of andere regio’s (duurzame toepasbaarheid).
Er werd ook rekening gehouden met de volgende kwantitatieve en procesmatige criteria:
- Het aantal mensen dat wordt bereikt;
- De planmatige en doelgerichte aanpak van het projectvoorstel en de geboden garanties voor een kwaliteitsvolle uitvoering van het project;
- De proportionele verhouding tussen de ingezette middelen en de beoogde resultaten van het project.
De voorstellen werden beoordeeld door een jury bestaande uit ambtenaren, deskundigen en kabinetsleden (waarnemend). De uiteindelijke beslissing lag bij de Vlaamse minister bevoegd voor Brussel
/
/
Financiële criteria
/
/
/