Skip to main content
Derde Arbeidscircuit (DAC) Derde Arbeidscircuit (DAC)

Derde Arbeidscircuit (DAC)

Het Derde Arbeidscircuit (DAC) is een tewerkstellingsmaatregel die ontstaan is in 1982 met het oog op jobcreatie. Doel van de maatregel was langdurig werklozen te werk te stellen in de niet-commerciële sector. Op dit ogenblik zijn de meeste DAC-projecten geregulariseerd en geïntegreerd in de decreten, en dus uitdovend.
Nieuwe aanvragen voor de opstart van een DAC-project zijn dan ook niet meer mogelijk.

De regularisatie van de DAC-projecten binnen de sectoren Cultuur en Jeugd zijn geregeld met het DAC-decreet van 7 mei 2004.

Uitdovende projecten

Op dit moment doven de DAC-projecten uit. Dat wil zeggen dat de subsidiëring van de loonkosten van een geregulariseerde DAC-werknemer of vervanger op termijn stopt en dat de DAC-budgetten geïntegreerd worden in de decreten van de sector.

De datum van stopzetting van de subsidiëring van het DAC-project is voor:

  • Cultureel-Erfgoed: erkende niet-regionaal ingedeelde musea: 1/1/2021
  • Sociaal-Cultureel Werk: niet-erkende organisaties: 1/1/2021.
    Uitzondering: organisaties die hun DAC-werknemers voor 1/6/2019 uit dienst hebben gezet. De opzegperiodes worden dan volledig gesubsidieerd, ook als de einddatum na 31/12/2020 valt.
  • Sociaal-Cultureel Werk: erkende organisaties: 1/1/2021
  • Lokaal Cultuurbeleid: 1/1/2021
    Uitzondering: organisaties die hun DAC-werknemers voor 1/6/2019 uit dienst hebben gezet. De opzegperiodes worden dan volledig gesubsidieerd, ook als de einddatum na 31/12/2020 valt.
  • Kunsten: niet-erkende organisaties: 1/1/2022
    Uitzondering: organisaties die hun DAC-werknemers voor 1/6/2019 uit dienst hebben gezet. De opzegperiodes worden dan volledig gesubsidieerd, ook als de einddatum na 31/12/2021 valt.
  • Kunsten: erkende organisaties: 1/1/2023.
  • Gemeentelijk Jeugdwerkbeleid: Het recht op subsidiëring blijft behouden zolang een geregulariseerde DAC-werknemer (titularis) in dienst is. Bij uitdiensttreding van een titularis wordt een vervanger gesubsidieerd tot 31 december van het jaar na het jaar van de uitdiensttreding van een titularis.
  • Landelijk georganiseerd Jeugdwerk: Het recht op subsidiëring blijft behouden zolang een geregulariseerde DAC-werknemer (titularis) in dienst is. Bij uitdiensttreding van een titularis wordt een vervanger gesubsidieerd tot het einde van de lopende beleidsplanperiode. De huidige beleidsplanperiode loopt tot 31/12/2021. De volgende beleidsplanperiode loopt van 1/1/2022 tot 31/12/2026.
  • Sport: In 2020 is Sport Vlaanderen begonnen met de opstart van de uitdoving van de DAC-projecten van sportorganisaties. Voor meer informatie contacteer je Stijn De Bie.

Wat wordt gesubsidieerd tot de datum van de stopzetting?

  • Het brutoloonDe barema’s voor de functies, zoals die op het ogenblik van de regularisatie door de VDAB werden betaald of die na de regularisatie in samenspraak met de sociale partners werden ingeschaald in de functies en barema’s van de respectieve sectoren uit PC 329.01 en PC 304.
  • de verplichte sociale en fiscale bijdragen;
  • de eindejaarspremie;
  • de arbeidsongevallenverzekering;
  • het vakantiegeld;
  • de anciënniteit:
    Anders dan bij de VDAB-regeling, waarbij de anciënniteit maximaal kon teruggaan tot 1987, subsidieert het Departement Cultuur, Jeugd en Media en Sport Vlaanderen de volledige anciënniteit, opgebouwd binnen het DAC-statuut.
  • Outplacementkosten en werkgeverskosten in het kader van het Stelsel van Werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT)Deze kosten worden enkel en alleen gesubsidieerd als dat toegelaten is in het kader van de integratie van de DAC-projecten in de decreten. Organisaties die deze kosten mogen inbrengen, ontvingen daarover een brief. 

Wat wordt niet gesubsidieerd?

  • Het sociaal secretariaat;
  • vergoedingen voor extra prestaties;
  • arbeider wordt bediende: aangezien een organisatie door de regularisatie zelf ten volle werkgever is geworden van haar gewezen DAC-werknemers, is het mogelijk een arbeider te laten overgaan naar het statuut van bediende. Alle financiële consequenties zijn dan ten laste van de organisatie als werkgever.
  • bepaalde loonkosten verbonden aan personeelswijzigingen: dit zijn de loonkosten die het gevolg zijn van wijzigingen in het personeelsbestand, bv. een personeelslid aannemen in een hogere functie dan de functie gekoppeld aan het DAC-project en dus met een hoger loon.
  • maaltijden-, geschenken-, ecocheques en andere extralegale voordelen;
  • alle niet-verplichte loonkosten.

Vragen

Heb je vragen over de DAC-tewerkstelling, contacteer het team Transversaal en bovenlokaal.