Waarom een decreet gemeentewegen?

Door de vorige regelgeving werden de wegen voor niet-gemotoriseerd vervoer (de zogenaamde ‘trage wegen’) te weinig beschermd. Die wegen werden vaak ingenomen voor privédoeleinden en vervielen wanneer ze lange tijd niet gebruikt werden als buurt- of voetweg.

De gemeenten hadden te weinig slagkracht om daar iets aan te doen of om een beleid uit te tekenen voor het niet-gemotoriseerd vervoer (of ‘zachte mobiliteit’) op hun grondgebied.

Met het nieuwe decreet gemeentewegen komt hier verandering in: de gemeenten krijgen bevoegdheden die hen in staat stellen een veilig, fijnmazig netwerk van gemeentewegen uit te bouwen.

De belangrijkste krachtlijnen

Eén statuut voor alle gemeentewegen

Het decreet bepaalt één juridisch statuut voor alle wegen in beheer van de gemeente, wat de procedures en handhaving moet vereenvoudigen. Het onderscheid tussen gewone gemeentewegen en buurtwegen verdwijnt dus.

De regelgeving voor gemeentewegen in de wet van 10 april 1841 op de buurtwegen en in het Rooilijnendecreet van 2009 wordt vanaf nu meegenomen in het nieuwe decreet. Concreet betekent dit dat de wet van 10 april 1841 wordt opgeheven en dat het Rooilijnendecreet van 2009 voortaan niet langer van toepassing is op gemeentewegen.

Bevoegdheid naar de gemeenten

De gemeenteraad krijgt voortaan de exclusieve bevoegdheid om te beslissen over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen. Zo komt er een einde aan de beslissingsbevoegdheid van de provincie over buurtwegen.

De gemeenten kunnen hun visie op gemeentewegen en zachte mobiliteit vastleggen in een beleidskader en concrete actieplannen opstellen voor de uitvoering ervan. Het beleidskader kan bijdragen tot een grotere bewustwording rond het belang van trage wegen en helpen in de afweging bij wijzigingen aan het lokale wegennet en de trage wegen.

Verjaring verdwijnt

Vóór het nieuwe decreet konden buurt- en voetwegen verjaren wanneer ze 30 jaar niet gebruikt werden. Die verjaring kon met afdoende bewijs voor de rechtbank afgedwongen worden.

Die verjaring verdwijnt. Het decreet stelt nu uitdrukkelijk dat gemeentewegen enkel opgeheven kunnen worden door een beslissing van de gemeenteraad en niet langer door niet-gebruik. Zo beslist de gemeenteraad voortaan dus over elke afschaffing van een gemeenteweg.

Strengere handhaving door de gemeenten

Gemeenten kunnen een reglement opmaken over de toegang, het gebruik en het beheer van de gemeentewegen.

Gemeenten kunnen overtreders ook opleggen de vorige situatie te herstellen of de herstelling uit te voeren op kosten van de overtreder. Om de overtreder aan te sporen de bevolen herstelmaatregelen uit te voeren, kunnen gemeenten een bestuurlijke dwangsom opleggen.

Die bestuurlijke maatregelen zijn onderworpen aan het bestuurlijk toezicht (decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (opent in nieuw venster)).

Het decreet omschrijft ook een aantal duidelijke verbodsbepalingen rond de wijzigingen, het gebruik en de toegang van gemeentewegen, die verder kunnen worden uitgewerkt in een gemeentelijke uitvoeringsreglementering. De gemeente kan een gemeentelijke administratieve sanctie (GAS) opleggen aan wie die niet respecteert.

Aanleg, wijziging, verplaatsing en opheffing van gemeentewegen

Rooilijnplannen

De gemeenten leggen de ligging en de breedte van de gemeentewegen vast in gemeentelijke rooilijnplannen. De opheffing van een gemeenteweg gebeurt door een besluit tot opheffing van de rooilijn. De herinrichting van een bestaande gemeenteweg, zonder wijziging van de rooilijn, moet u niet voorleggen aan de gemeenteraad.

Die procedure kan ook geïntegreerd worden in:

De beslissing met betrekking tot gemeentewegen volgt dan de bovenstaande procedures.

Lees meer over de verhouding met de aspecten van ruimtelijke ordening (opent in nieuw venster).

Gemeentewegenregister

De gemeente moet een gemeentewegenregister opmaken en bijhouden. Dat register bevat:

  • alle bestaande en toekomstige administratieve en gerechtelijke beslissingen over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen
  • en de administratieve en gerechtelijke beslissingen over de huidige en toekomstige rooilijnen en rooilijnplannen.

Openbaar onderzoek

Met het decreet moeten de opmaak van gemeentelijke rooilijnplannen en de opheffing van gemeentewegen voortaan onderworpen aan een openbaar onderzoek.

Daarnaast moeten minstens de volgende instanties geïnformeerd worden:

  • eigenaars van onroerende goederen die gevat zijn door het plan of de omwonenden van het betrokken wegdeel
  • aanpalende gemeenten, als de weg paalt aan de gemeentegrens en deel uitmaakt van een gemeentegrensoverschrijdende verbinding
  • beheerders van aansluitende openbare wegen
  • maatschappijen van openbaar vervoer
  • provincie (deputatie)
  • en het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.

Advies

De provincie en het Departement Mobiliteit en Openbare Werken kunnen louter adviserend optreden. Bovendien kunnen ze enkel advies geven rond de overeenstemming van het ontwerp van grafisch plan tot opheffing van een gemeenteweg of van het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan, met de basisdoelstellingen en -principes uit het decreet. Als er geen advies wordt verleend binnen een termijn van 30 dagen, mag aan de adviesvereiste worden voorbijgegaan.

Adviesvragen aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken kunt u indienen via het aanvraagformulier (opent in nieuw venster).

Beroepsprocedure

Het Departement Mobiliteit en Openbare Werken voorziet een beroepsprocedure tegen een gemeentelijk rooilijnplan en tegen de opheffing van een gemeenteweg.

Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de beslissing in beroep.

Het besluit kan alleen worden vernietigd door:

Wie kan een beroep aantekenen?

Enkel de volgende belanghebbenden kunnen een beroep aantekenen:

  1. elke natuurlijke persoon of rechtspersoon, of elke vereniging, organisatie of groep met rechtspersoonlijkheid die (waarschijnlijk) gevolgen ondervindt van of belanghebbende is bij de beslissing tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan of de opheffing van de gemeenteweg.
  2. het college van burgemeester en schepenen van de aanpalende gemeenten, op voorwaarde dat het nieuwe, gewijzigde, verplaatste of op te heffen wegdeel paalt aan de gemeentegrens en deel uitmaakt van een gemeentegrensoverschrijdende verbinding, en voor zover de gemeente in kwestie tijdig advies heeft verstrekt of ten onrechte niet om advies werd verzocht.
  3. de deputatie en de leidend ambtenaar van het departement of, bij zijn afwezigheid, zijn gemachtigde. Hij kan een beroep aantekenen op voorwaarde dat ze tijdig advies hebben verstrekt of ten onrechte niet om advies werden verzocht.
  • Stap 1

    Indiening

    • U dient uw beroepschrift via een beveiligde zending in bij het Departement Mobiliteit en Openbare Werken. Binnen een termijn van 30 dagen na de betekening van de beslissing van de gemeenteraad stuurt u de beveiligde zending naar:

         Departement Mobiliteit en Openbare Werken - Stafdienst
         Koning Albert II-laan 20 bus 2
         1000 Brussel.

    • Als u als natuurlijke persoon of rechtspersoon, of als vereniging, organisatie of groep met rechtspersoonlijkheid een beroepschrift indient, moet u ook de volgende documenten aan uw beveiligde zending toevoegen:
      • uw bewijs van betaling van de dossiervergoeding: vooraleer u een beroepschrift indient, moet u een dossiervergoeding van 100 euro betalen op het rekeningnummer BE28 3751 1109 7920 met als mededeling 'Beroep decreet Gemeentewegen'. 
      • uw rijksregisternummer (als natuurlijk persoon) OF uw btw-nummer (als rechtspersoon).
    • U bezorgt gelijktijdig een afschrift van het beroepschrift via een beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen en aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
  • Stap 2

    Beslissing

    Het Departement Mobiliteit en Openbare Werken streeft ernaar om uiterlijk 90 dagen na ontvangst van het dossier een beslissing over het beroep te nemen.

    Het departement brengt de indiener van het beroepschrift, de bevoegde overheid en de gemeente onmiddellijk op de hoogte van zijn beslissing.