Regel 1

Schrijf een echte afkorting met een of meer punten.

Meestal staat er na elk afgekort woord een punt. De punten blijven behouden als een echte afkorting als initiaalwoord, dus letter voor letter, wordt uitgesproken.

Voorbeelden

a.u.b. (alstublieft, of als initiaalwoord /aa uu bee/), bv. of bijv. (bijvoorbeeld), d.w.z. (dat wil zeggen), etc. (et cetera), m.a.w. (met andere woorden), m.b.t. (met betrekking tot), m.n. (met name), n.v.t. (niet van toepassing), prof. (professor), z.o.z. (zie ommezijde)

Regel 2

Behoud in een echte afkorting de hoofdletters die ook in de voluit geschreven woorden voorkomen.

Voorbeelden

Fr. (Frans), Z.K.H. (Zijne Koninklijke Hoogheid)

Regel 2.1

UITZONDERING: Neem de schrijfwijze uit een vreemde taal over als we een echte afkorting nog als uitheems aanvoelen (donorprincipe).

Voorbeeld

Ltd (limited)