Gedaan met laden. U bevindt zich op: bovenop / boven op Taaladviezen

bovenop / boven op

Bovenop kan altijd in één woord geschreven worden als het deel van een zinsdeel is of op zichzelf een zinsdeel vormt. Als boven weggelaten kan worden, is ook de spelling in twee woorden correct.

  • De vaas staat bovenop / boven op de kast.
  • Het rapport ligt bovenop / boven op de kartonnen dozen.
  • Je ontvangt extra voordelen bovenop je salaris.
  • Hoeveel mag je bijverdienen bovenop je pensioen?
  • De vaas staat bovenop.
  • Het rapport ligt bovenop.

Boven op wordt altijd in twee woorden geschreven als beide woorden tot een verschillend zinsdeel behoren.

  • De beek stroomt ondergronds en komt weer boven op het einde van de Bloemistenstraat. (boven en komen vormen samen het werkwoord bovenkomen)