Gedaan met laden. U bevindt zich op: katern: de katern / het katern Taaladviezen

katern: de katern / het katern

Katern kan in het Nederlands zowel een mannelijk de-woord als een het-woord zijn. Je kunt je taalgevoel volgen, maar pas je keuze wel consequent toe.

  1. Als je de katern zegt, zeg je ook die/deze katern, elke katern, onze katern en krijgt een bijvoeglijk naamwoord altijd een buigings-e: de uitneembare katern, een uitneembare katern, uitneembare katern.
  2. Als je het katern zegt, zeg je ook dit/dat katern, elk katern, ons katern en krijgt een bijvoeglijk naamwoord geen buigings-e na bijvoorbeeld een en elk: een uitneembaar katern, elk uitneembaar katern, uitneembaar katern.