Wanneer moet het EPC GD aanwezig zijn?

Sinds 2022 moet er voor de gebouwen met minstens 2 wooneenheden een EPC Gemeenschappelijke Delen (EPC GD) beschikbaar zijn.

Wanneer het EPC GD moet aanwezig zijn, hangt af van de grootte van het gebouw.

Datum waarop het EPC GD verplicht moet aanwezig zijnGebouw met
1 januari 202215 of meer gebouweenheden

1 januari 2023

5 t/m 14 gebouweenheden
1 januari 20242 wooneenheden t/m 4 gebouweenheden

Zie ook Energiebesluit artikel 9.2.5/1(opent in nieuw venster).

De verplichting voor gebouwen om te beschikken over een EPC van het gebouw staat los van verkoop, overdracht of verhuur.

EPC per gebouw

  • Het EPC wordt opgemaakt per gebouw.

    Wat een gebouw is staat los van
    • de eigendomsstructuur of VME-structuur.
    • de adresgegevens. Een gebouw kan meerdere huisnummers hebben (bijvoorbeeld bij meerdere ingangen) of meerdere adressen (bijvoorbeeld bij een hoekgebouw).

Uitstel op de verplichting

  • Voor een nieuwbouw gebouw is de verplichting pas van toepassing tien jaar na het verkrijgen van de stedenbouwkundige vergunning of de omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen.
    Binnen één maand na het verstrijken van deze periode moet het EPC Gemeenschappelijke Delen beschikbaar zijn.
  • Gebouwen die een ingrijpende energetische renovatie (IER) hebben ondergaan, vallen niet onder ‘nieuwbouw’ en kunnen dus niet genieten van dit uitstel.
Voorbeeld

Een gebouw met 20 wooneenheden verkreeg de bouwvergunning in 2013. Dit gebouw zal in 2023 (en niet in 2022) over het EPC gemeenschappelijke delen moeten beschikken.

EPC nodig?

Veelgestelde vragen

  • Situatie
    • Op het EPC van de gemeenschappelijke delen van een gebouw (EPC GD) staat geen adres vermeld.
    • De gemeente kent niet altijd een adres toe aan de gemeenschappelijke delen van een gebouw. In dergelijke gevallen verschijnt er dan ook geen adres op het EPC.
    • Elk gebouw krijgt wel een gebouwID.
    • Hoe kunt u nagaan of het gebouw ID dat op het EPC vermeld staat wel degelijk overeenstemt met uw gebouw (en u dus voldoet aan de verplichting om te beschikken over een EPC GD)?
    Besluit
    1. Ga naar de website van Geopunt(opent in nieuw venster) Vlaanderen.
    2. Klik rechts onderaan op ‘Kaarten’ zodat de informatie over de kaarten rechts in beeld verschijnt. Vervolgens kan u de juiste kaart zoeken: ‘Bouwen en wonen’ → ‘Gebouwen’ → ‘Gebouwenregister: gebouw gerealiseerd’.
    1. Zoek het gebouw op de kaart door bovenaan in de zoekbalk het adres te typen.
    1. Klik op het gebouw. Klik vervolgens op ‘GR – Gebouw – Gerealiseerd’.
    1. Bij de kenmerken kan u het ID terugvinden. Het nummer achteraan is het gebouwID.
    • Het EPC Gemeenschappelijke Delen wordt opgemaakt per gebouw.
    • De gebouwafbakening wordt bepaald door het Gebouwenregister.
    • Wat een gebouw is, staat dus los van de eigendomsstructuur of VME-structuur (Vereniging van Mede-Eigenaars).
    • Het is bijvoorbeeld mogelijk dat een VME is ingericht voor een gebouwencomplex dat in werkelijkheid door het Gebouwenregister beschouwd wordt als 3 aparte gebouwen. Eveneens is het mogelijk dat er 3 VME’s zijn voor een situatie die door het Gebouwenregister als één gebouw wordt beschouwd.
  • Situatie
    • Een gebouwencomplex met een gemeenschappelijk stooklokaal in de kelder heeft 3 ingangen en 3 gebouw-ID’s in het Gebouwenregister.
    • Hoeveel EPC’s Gemeenschappelijke Delen moeten er opgemaakt worden?
    Besluit
    • Bij de bepaling van het aantal EPC’s GD moet rekening gehouden worden met de opsplitsing van het gebouwencomplex die de basiskaart van het GRB hanteert. Aangezien dit gebouwencomplex op de kaart in 3 gebouwdelen is opgedeeld (met elk hun eigen gebouw-ID), moeten er 3 EPC’s GD worden opgemaakt, ook al is er interne circulatie mogelijk tussen de gebouwdelen via de kelder.
    • In dit geval moeten er dus 3 EPC’s GD ingediend worden en dit telkens onder het juiste gebouw-ID. Het juiste gebouw-ID is van belang, anders krijgen de appartementen onder de respectievelijke gebouw-ID’s het bijhorende EPC Gemeenschappelijke Delen niet te zien.
    • Als de opsplitsing op de kaart onlogisch is kan dit gemeld worden aan het VEKA. Volg hierbij de opgelegde werkwijze.
  • Situatie

    Moet er een EPC Gemeenschappelijke Delen worden opgemaakt als de appartementen elk een eigen toegang hebben rechtstreeks naar buiten (via de weg, het erf, een passerelle) en dus geen circulatieruimte delen?

    Besluit
    • Ja, de regelgeving bepaalt dat een gebouw met minstens 2 wooneenheden vanaf 2022 over een EPC Gemeenschappelijke Delen moet beschikken. Er is dus geen eis over de aanwezigheid van gemeenschappelijke ruimten. Met andere woorden: het is niet van belang of (woon)eenheden gemeenschappelijke ruimten delen, zoals circulatieruimtes of stooklokalen.
    • Het EPC GD omvat immers niet zozeer (enkel) de gemeenschappelijke ruimtes, maar ook alle schildelen (vloeren, daken, muren, vensters en deuren) en technische installaties die gemeenschappelijk beheerd worden door de Vereniging van Mede-Eigenaars (VME).
  • Het kan voorkomen dat aan het ‘gemeenschappelijk deel’ geen adres werd toegekend, zoals in situaties waar een huisnummer i.p.v. een busnummer aan de gebouweenheden werd toegewezen. De gemeente zal aan het gemeenschappelijk deel zelf meestal geen eigen huisnummer toewijzen.

    • Ook als er geen adres werd toegekend aan het gemeenschappelijk deel, kan het EPC GD opgemaakt worden.
    • De energiedeskundige gaat te werk zoals gewoonlijk door bij de aanmaak van het EPC het gemeenschappelijke deel (zonder adres) te selecteren.
    • Op het certificaat verschijnen bij het adres dan alle huisnummers die voorkomen in het gebouw.
    • Bij de aanmaak van een EPC GD moet het ‘gemeenschappelijk deel’ geselecteerd worden in de Energieprestatiedatabank. Elk gebouw met meerdere gebouweenheden (= appartementen of niet-residentiële eenheden) kan slechts één gemeenschappelijk deel hebben.
    • Als de gebouweenheden meerdere huisnummers of meerdere straatnamen hebben, dan zal het gemeenschappelijk deel automatisch ook meerdere adressen krijgen. Dit komt voor bij hoekgebouwen en gebouwen met meerdere ingangen.
    • Het gebouw ID (nummer) is echter uniek aangezien het ID betrekking heeft op hetzelfde ‘gemeenschappelijk deel’.
    • Bij de aanmaak van het EPC moet de energiedeskundige werken via de kaart en op het gebouw klikken. Hij kiest één van deze gemeenschappelijke delen (die beide eenzelfde ID hebben). Het is dit adres dat op het certificaat zal verschijnen.

    Ook als er verschillende VME’s zijn voor de verschillende adressen, moet er 1 EPC GD opgemaakt worden voor het volledige gebouw.

    Als er vanuit 1 van deze VME’s de opdracht gegeven wordt voor de opmaak van het EPC GD, moet er dus gemeld worden dat het EPC GD opgemaakt moet worden voor het volledige gebouw en dat hierover afspraken gemaakt moeten worden met de andere VME(’s).

Ook interessant