Stimuli voor gemeentefusies
Op 16 januari 2026 hechtte de Vlaamse Regering haar goedkeuring aan een conceptnota over de aanpak vrijwillige fusies van gemeenten.
De Vlaamse Regering neemt verschillende maatregelen om vrijwillige gemeentefusies te stimuleren. Ze werkte een financieel ondersteuningspakket uit voor fusies die ingaan op 1 januari 2031: die fusies kunnen genieten van een schuldovername door de Vlaamse overheid. Daarnaast is er een garantieregeling voor het Vlaams Gemeentefonds en een tijdelijke verhoging van het maximale aantal schepenen in de fusiegemeente.
Schuldovername
De Vlaamse Regering voorziet in een schuldovername voor vrijwillige fusies van gemeenten die ingaan op 1 januari 2031, de start van de nieuwe lokale bestuursperiode. Deze schuldovername wordt deels gebaseerd op het aantal inwoners van de fusiegemeente, en deels op de transitiekosten die een vrijwillige fusie met zich meebrengt.
Voor de berekening van de schuldovername gelden de volgende parameters:
- Voor elke fusie, ongeacht de schaal, wordt een forfaitair bedrag van 1.000.000 euro toegekend als tussenkomst in de transitiekosten.
- Voor fusies met een schaalgrootte van minstens 20.000 inwoners wordt een bijkomende schuldovername voorzien, gedifferentieerd op basis van de grootte van de fusiegemeente, maar met verschillende bedragen per inwonersschijf.
- 300 euro per inwoner op de schijf van 1 tot en met 19.999 inwoners
- 400 euro per inwoner op de schijf van 20.000 tot en met 29.999 inwoners
- 500 euro per inwoner op de schijf van 30.000 tot en met 39.999 inwoners
- 400 euro per inwoner op de schijf van 40.000 tot en met 49.999 inwoners
- 300 euro per inwoner op de schijf vanaf 50.000 inwoners.
De maximale schuldovername voor een fusietraject met 2 deelnemende gemeenten bedraagt 16 miljoen euro. Voor een fusietraject met 3 of meer deelnemende gemeenten bedraagt de maximale schuldovername 20 miljoen euro.
Door de schuldovername neemt de Vlaamse overheid als nieuwe debiteur een deel van de uitstaande schulden van de vroegere debiteurs (gemeenten, openbare centra voor maatschappelijk welzijn, autonome gemeentebedrijven) over. Daardoor is ze verplicht de schuld (kapitaalaflossingen en interesten) terug te betalen aan de financiële instellingen.
Garantieregeling
De garantieregeling voor het Vlaams Gemeentefonds blijft bestaan. Daardoor ontvangt de fusiegemeente nooit minder dan de som van de samengevoegde gemeenten. De garantieregeling kent geen beperking in tijd.
Tijdelijke verhoging aantal schepenen
Fusiegemeenten worden in de eerste jaren na de fusie geconfronteerd met bestuurlijke uitdagingen van allerlei aard die een ‘gewone’ gemeente niet heeft. Om die reden is het verantwoord dat in de lokale bestuursperiode na de fusie het schepencollege van de fusiegemeente versterkt kan worden met één extra schepenmandaat in vergelijking met de reeds bestaande gemeenten met eenzelfde aantal inwoners. Deze verhoging is tijdelijk en loopt af na de lokale bestuursperiode 2031-2036.
Het engagement van de vorige Vlaamse Regering naar de fusiegemeenten van 2025 wordt gehonoreerd. Dat impliceert dat ook zij in 2031-2036, de tweede bestuursperiode na de fusie, een beroep kunnen doen op één extra schepen.
Verbetering organiek kader voor gemeentefusies
Bij de evaluatie van de vrijwillige fusieoperatie van 2025 is gebleken dat het organiek kader in het decreet over het Lokaal Bestuur (DLB)(opent in nieuw venster) op een aantal punten geoptimaliseerd kan worden. De Vlaamse Regering zal de volgende wijzigingsvoorstellen voorleggen aan het Vlaams Parlement.
- De deadline voor het gezamenlijke voorstel tot fusie wordt vervroegd naar 31 december van het derde jaar dat voorafgaat aan de fusiedatum. In de praktijk zal er daardoor minimaal 2 jaar zitten tussen het gezamenlijke voorstel tot fusie en de fusiedatum.
- De start van de periode van lopende zaken wordt vastgesteld op de datum van de goedkeuring van het fusiedecreet in het Vlaams Parlement.
- Er worden twee fusiescenario’s decretaal verankerd: de klassieke fusie met opheffing van de oorspronkelijke besturen en oprichting van een nieuw bestuur enerzijds, en de fusie met behoud van de rechtspersoonlijkheid van 1 van de oorspronkelijke besturen anderzijds. De keuze tussen de twee scenario’s ligt volledig bij de lokale besturen zelf. In het geval van een fusie met behoud van rechtspersoonlijkheid bepalen zij ook welke entiteit haar rechtspersoonlijkheid behoudt.
- Het uitstel van de fusie omwille van een lopende bezwaarprocedure tegen de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen wordt geschrapt. Er wordt in een overgangsregeling voorzien waarbij de gemeenteraden van de oorspronkelijke gemeenten in functie blijven, elk voor hun grondgebied. Hetzelfde geldt voor de colleges van burgemeester en schepenen, voor de burgemeesters en voor de organen van de oorspronkelijke OCMW’s.
- De overgangsregeling voor de besluiten, reglementen en verordeningen wordt versoepeld. Voor ICT-contracten voorzien we een specifieke regeling zodat fusiebesturen geen nieuwe aanbesteding moeten opstarten zolang ze kiezen voor 1 van de leveranciers van hardware of software van de oorspronkelijke besturen.