Voorwaarden

De periodieke keuring voor oldtimers is verplicht voor voertuigen

  • van de categorie M, N, O, T (Txb of T5 > 40 km/h)
  • die al meer dan 25 jaar in gebruik genomen zijn én die ingeschreven zijn onder
    • een O-nummerplaat
    • of een gepersonaliseerde nummerplaat met een O-vignet.

Onderstaande voertuigen met O-nummerplaat zijn vrijgesteld van de periodieke oldtimerkeuring:

  • voertuig voor traag vervoer
  • voertuig uitgerust met rupsbanden.
  • voertuig van de categorie TL, Txa (< 40 km/u), C of R.

Hoe vaak moet een oldtimer naar de periodieke keuring?

Een voertuig

  • vanaf 25 tot 30 jaar: periodieke oldtimerkeuring jaarlijks (normale periodiciteit).
  • vanaf 30 t.e.m. 50 jaar: periodieke oldtimerkeuring om de 2 jaar.
  • ouder dan 50 jaar: periodieke oldtimerkeuring om de 5 jaar.

De termijn waarbinnen uw oldtimer naar de periodieke keuring moet, kan worden ingekort naar aanleiding van specifieke keuringen (bijv. geldigheid van het LPG-reservoir, de dichtheidsbeproevingstest bij een LPG- of CNG-installatie, de koppelingsinrichting voor M1-voertuigen*...).

*M1-voertuigen zijn voertuigen voor personenvervoer met max. 8 zitplaatsen (exclusief de bestuurder). Dit zijn vooral personenauto's, auto's voor dubbel gebruik, minibussen ...

Procedure

Oldtimers die nog niet zijn ingeschreven onder een O-nummerplaat

  • Een voertuig moet vóór de (her)inschrijving onder een O-nummerplaat altijd een eerste oldtimerkeuring ondergaan.
  • Voor een voertuig dat na 20 mei 2018 voor het eerst wordt (her)ingeschreven onder een O-nummerplaat wordt de datum van de eerste oldtimerkeuring als referentiedatum genomen voor de periodieke oldtimerkeuring.
  • U krijgt een oproepingskaart om met uw oldtimer naar de periodieke keuring te gaan. Die oproepingskaart is een administratieve herinnering om uw oldtimer tijdig aan te melden. Het is geen verplichting voor de keuringsstations om vooraf zo'n oproepingskaart uit te sturen. U bent wettelijk verplicht om zelf na te gaan wanneer u uw voertuig moet laten keuren.

Oldtimers die vóór 20 mei 2018 zijn ingeschreven onder een O-nummerplaat

  • De referentiedatum zal de dag en maand zijn van de datum van de eerste inverkeerstelling (zie 'datum eerste inschrijving' op het kentekenbewijs).
  • U krijgt een groene kaart (= oproepingskaart) om met uw oldtimer naar de periodieke keuring te gaan. Als u geen oproepingskaart hebt gekregen, is dat geen geldige reden om niet naar de keuring te gaan. Het is uw taak om zelf de vervaldatum van het keuringsbewijs in het oog te houden.
  • Wanneer moet uw voertuig voor het eerst naar de periodieke oldtimerkeuring?
    • Voertuigen die in 2020 30 jaar of meer in het verkeerd gesteld zijn (en die dus voor 1 januari 1990 ingeschreven zijn), worden in 2020 voor de eerste keer opgeroepen voor de periodieke oldtimerkeuring.
    • Alle andere voertuigen worden in 2019 voor de eerste keer opgeroepen voor de periodieke oldtimerkeuring. 

Vroeger of later naar de oldtimerkeuring?

  • Een voertuig kan vanaf 2 maanden vóór de referentiedatum aangeboden worden voor periodieke oldtimerkeuring met behoud van de referentiedatum.
  • Als u vroeger naar de periodieke oldtimerkeuring gaat (méér dan 2 maanden voor de referentiedatum), dan wordt de referentiedatum vervroegd naar de datum waarop het voertuig wordt aangeboden.
  • Later aanbieden wijzigt de uiterlijke datum van de keuring niet. De geldigheidsperiode van het keuringsbewijs begint dan ook te lopen vanaf de referentiedatum. 
  • Als u uw voertuig te laat aanbiedt, moet u een toeslag betalen. De tarieven worden om de 2 jaar aangepast.

    • Maximum 1 maand te laat: €7,80

    • Meer dan 1 maand en maximum 3 maanden te laat: €11,10

    • Meer dan 3 maanden en maximum 6 maanden te laat: €16,70

    • Meer dan 6 maanden te laat: €27,80.

  • Het niet aanbieden van een voertuig heeft ook gevolgen voor de verzekering. Bij een ongeval kan de verzekeringsmaatschappij weigeren om de kosten te vergoeden. Bij een controle door de politie zal het ontbreken van het keuringsbewijs leiden tot een boete.

Uw voertuig in een ander gewest laten keuren?

Het is wettelijk toegestaan om uw voertuig in een ander gewest te laten keuren. In dat geval moet u wel rekening houden met de volgende voorwaarden:

  • Het voertuig wordt steeds gekeurd volgens de wetgeving die van toepassing is op het gewest waar u uw voertuig hebt ingeschreven.
  • U hebt geen recht op een vrijstelling van de keuringsplicht die in het andere gewest geldt.
  • Het keuringsbewijs dat u in een ander gewest gekregen hebt, wordt enkel aanvaard als de normale geldigheidsduur (periodiciteit) van het keuringsbewijs niet werd overschreden.
    • Bijvoorbeeld: een Vlaamse oldtimer die ouder is dan 50 jaar kan geldig gekeurd worden in het Waals Gewest op voorwaarde dat het keuringsbewijs niet ouder is dan 5 jaar.

Bedrag

De tarieven voor de periodieke oldtimerkeuring zijn dezelfde als de tarieven voor de periodieke keuring (PDF bestand opent in nieuw venster) van voertuigen met een gewone nummerplaat.

Wetgeving

Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van diverse besluiten met betrekking tot de technische keuring (27 april 2018).

Artikel 6, §1, XII, 4° van de Bijzondere Wet tot hervorming der instellingen voorziet in de mogelijkheid om een voertuig te laten controleren in een centrum voor technische keuring dat in een ander gewest gelegen is, maar niet in de mogelijkheid om gebruik te maken van een vrijstelling van de keuringsplicht die in een ander gewest geldt. De keuring van het voertuig dient steeds conform te zijn met de wetgeving die van toepassing is op de plaats waar het voertuig ingeschreven staat. Keuringsbewijzen, uitgereikt door een keuringsstation dat gelegen is in een ander gewest, worden aanvaard op voorwaarde dat de periodiciteit (normale geldigheidsduur van het keuringsbewijs) die op het voertuig van toepassing is, niet werd overschreden.

Contact

Hebt u een praktische vraag over de autokeuring? Neem contact op met een autokeuringscentrum.

Andere vragen over de autokeuring (bijv. over de regelgeving) kunt u stellen via het Contactpunt Departement Mobiliteit en Openbare Werken.