Mensen kunnen via verschillende worden blootgesteld aan PFAS. In volgorde van belang gebeurt dat via:

  • voeding en drinkwater
  • bodem- en stofdeeltjes (inslikken > spijsvertering)
  • inademing (bijvoorbeeld huiselijk stof > ademhaling)
  • huidcontact (bijvoorbeeld behandeld textiel).

Algemeen wordt voeding als een van de belangrijkste PFAS-blootstellingsroutes beschouwd voor mensen. Uit Europese studies blijkt dat de aanwezigheid van PFAS vooral in vis en zeevruchten een belangrijke impact heeft op de blootstelling. PFAS kunnen ook voorkomen in vlees (met de hoogste concentraties in orgaanvlees en afgeleiden), eieren, melkproducten, fruit, aardappelen en groenten.

Voor wie woont in de buurt van een verontreinigde site kunnen groenten en fruit uit de eigen moestuin, en zelf gekweekte kippen en hun eieren een bron zijn van extra blootstelling aan PFAS. Dat zal vooral het geval zijn wanneer die met regelmaat op het menu voorkomen.

De besmetting van onze voeding kan plaatsvinden tijdens de voedselverwerking, bewaring (bijvoorbeeld door contact met PFAS-houdende verpakking) en bereiding (bijvoorbeeld door contact met PFAS-houdend kookgerei).

Meetwaarden voor PFAS in ons lichaam

De European Food Safety Authority (EFSA) voorziet een toelaatbare wekelijkse inname van 4,4 ng/kg lichaamsgewicht voor de som van deze 4 PFAS: PFOS, PFOA, PFNA en PFHxS. Uit hun studies blijkt dat de Belg in bijna elke leeftijdscategorie de toelaatbare wekelijkse inname van deze stoffen via voeding overschrijdt.

De gemiddelde van wat wij wekelijks opnemen, liggen tussen de 3,8 en 10,6 ng/kg lichaamsgewicht per week – afhankelijk van de leeftijdscategorie. Voor de berekening daarvan werd alleen rekening gehouden met voeding die werd aangekocht in de winkel, niet met zelf geteelde voeding zoals groenten en eieren uit eigen tuin. De EFSA houdt per leeftijdscategorie rekening met de gemiddelde Belg en veronderstelt dat hij of zij een gemiddeld voedingspakket consumeert dat overeenstemt met zijn of haar leeftijd. Zo ligt de inname van melkproducten bij jonge kinderen ligt bijvoorbeeld iets hoger en daar wordt dan ook rekening mee gehouden. Alleen de groep van adolescenten (10-17 jaar) overschrijdt die gezondheidskundige grenswaarden niet, volgens de -aannames.

Het tussentijdse verslag van de opdrachthouder (PDF bestand opent in nieuw venster) bevat meer details over die studie en meetgegevens.

In de komende maanden willen we onze inzichten rond PFAS-blootstelling verbeteren. Blootstellingsscenario’s, bloedonderzoek en metingen van achtergrondwaarden zullen toelaten om het beeld scherper te stellen. Die informatie, gecombineerd met data over PFAS-waarden in voedingsproducten, water en bodem, zullen toelaten om de bestaande eventueel te verfijnen en gericht bij te sturen.

Basisprincipes rond voedselveiligheid

Eerst en vooral is er de professionele voedselketen, van boer tot bord. De eerste verantwoordelijkheid bij het op de markt brengen van veilige levensmiddelen ligt volgens de Europese regelgeving bij de bedrijven die voedsel produceren. Het is hun individuele verantwoordelijkheid om alleen veilige producten op de markt te brengen die conform zijn met alle normen en voorschriften. Het is aan de landbouwer zelf om de nodige afwegingen te maken over de veiligheid van zijn productie, voor:

  • de productiewijze (bijvoorbeeld volle grond of serres)
  • het al dan niet gebruik van grond- en/of oppervlaktewater als irrigatiewater
  • het kweken van dieren met of zonder buitenloop
  • het al dan niet gebruiken van grondverbeteraars.

Als daaruit blijkt dat het onduidelijk is of er in die omstandigheden wel veilige producten kunnen geproduceerd worden, dan zal de landbouwer aan de hand van steekproeven analyses moeten laten uitvoeren om de voedselveiligheid van zijn producten te garanderen.

Het Federaal Agentschap voor Voedselveiligheid (FAVV) zal vervolgens nagaan of de voedselproducenten die verantwoordelijkheid opnemen en alle maatregelen treffen om aan te tonen dat hun producten veilig zijn. Het FAVV doet dat via het implementeren van een risicogebaseerd controleprogramma, bestaande uit inspectiebezoeken en monsternemingen van producten die onder de bevoegdheid van het FAVV vallen.

Op dit moment bestaan er nog geen geharmoniseerde Europese maximumgehalten (normen) voor PFAS in levensmiddelen. Daarover wordt wel al overlegd. In afwezigheid van Europese normen hanteert het FAVV .

Voeding van eigen kweek

Kip met eieren

Voor wie zelf voedsel teelt of kweekt – van de peren- of vijgenboom in de tuin tot een uitgebreide moestuin en een kippenren – bestaan er geen . Voor wie regelmatig voeding uit eigen tuin op het menu plaatst, en woont in de buurt van een (mogelijk) verontreinigde site, worden no regret-maatregelen voorzien op deze website.

Het is de gemeente die, op basis van aanbevelingen van de OVAM en het Agentschap voor Zorg en Gezondheid, maatregelen adviseert rond voeding uit eigen tuin. Ze gelden als aanbevelingen om de betrokken omwonenden een houvast te bezorgen en zijn niet bindend.

De tool ‘Gezond uit eigen grond ((opent in nieuw venster))’ helpt u om op een zo gezond mogelijke manier (met een zo laag mogelijke blootstelling aan vervuilende stoffen) groenten kunt telen en kippen kunt kweken. Momenteel zijn PFAS nog niet opgenomen. Als er meer gegevens beschikbaar zijn – over PFAS in zelf geteelde voeding (groenten en eieren) en bodem, en over de relatie tussen concentraties in het milieu en in zelf geteelde voeding – wordt de website aangepast.

PFAS in landbouwproducten

Het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen onderzocht de aanwezigheid van PFAS in plantaardige en dierlijke landbouwproducten bij landbouwbedrijven op uiteenlopende locaties in Vlaanderen. Uit die studie blijkt dat er geen PFAS worden gemeten in groenten en fruit – met uitzondering van een laag gehalte PFOA in 1 staal bloemkool. Voor dierlijke producten (vlees, melk, eieren), worden in een beperkt aantal stalen meetbare concentraties PFAS gevonden, en dat alleen voor producten van dieren die buiten lopen.

De gemeten waarden zijn vergelijkbaar met de waarden die de Europese voedingsautoriteit EFSA rapporteerde als achtergrond. Deze meetwaarden zijn vergelijkbaar met ons omringende landen. Ze veroorzaken geen gezondheidsrisico maar tonen wel aan dat PFAS verontreiniging ook kan voorkomen op onverdachte plaatsen. Tegelijk zien we dat de voedingsmiddelen die in Vlaanderen worden aangeboden in de handel veilig kunnen worden geconsumeerd.

Deze studie past in een groter geheel van metingen rond achtergrondwaarden, (ook water, lucht, bodem…) waarvan we tijdens de eerste helft van 2022 een ruimer beeld verwachten. Ook in het verleden werden dergelijke metingen verricht. Kenmerkend is dat we nu beschikken over betere meetinstrumenten, waardoor ook veel kleinere hoeveelheden PFAS kunnen worden gemeten, die vroeger onder de radar zouden zijn gebleven.

Lees ook het persbericht ‘Milieuverontreiniging PFAS: Onderzoek naar achtergrondwaarden in Vlaamse landbouwproducten afgerond ((opent in nieuw venster))’.

Risico’s van PFAS in voeding   

De opname van PFAS heeft in principe geen onmiddellijke impact op onze gezondheid. Maar PFAS die, vooral door voeding, in ons lichaam terechtkomen stapelen zich wel op en worden doorgaans maar heel langzaam uitgescheiden. De termijn waarop de verschillende soorten PFAS verbindingen in het lichaam aanwezig kunnen blijven, is zeer verschillend.

Langdurige en intensieve blootstelling aan PFAS kan een impact hebben op onder andere onze hormoonwerking, ons cholesterolgehalte, het immuunsysteem en de werking van de lever. Hoewel de relatie tussen PFAS en kanker niet eenduidig is aangetoond, is die voor sommige PFAS niet uit te sluiten.

De bekende gezondheidseffecten door PFAS kunnen ook het gevolg zijn van andere oorzaken. Op individueel niveau is het niet mogelijk om een bepaald gezondheidseffect direct te koppelen aan PFAS.

Ook wie niet woont of werkt in de directe buurt van een bekende bron van PFAS-verontreiniging, heeft doorgaans PFAS in het lichaam. Deze zogenaamde komt vooral via onze voeding en het inslikken van stofdeeltjes in ons lichaam terecht. Daarom is het altijd verstandig om bijkomende blootstelling te beperken waar dat mogelijk is. Vanuit dit voorzichtigheidsprincipe zijn de zogenaamde no regret-maatregelen van belang die worden aanbevolen in de nabijheid van verontreinigde sites.

Zoals met andere verontreinigingen zoals dioxines, pcb’s of stoffen waar we zelf bewust voor kiezen zoals tabak en alcohol, weten we dat de impact op de gezondheid op lange termijn voor iedereen anders is. Voor de ene persoon is er zelfs na lange blootstelling geen enkel gevolg, voor anderen is de impact zeer ernstig.

Sommige personen zijn kwetsbaarder dan andere, en er geldt altijd extra voorzichtigheid voor:

  • kinderen en pasgeborenen
  • ouderen
  • wie zwanger is of zwanger wil worden
  • wie die borstvoeding geeft
  • personen met een verstoorde of verzwakte immuniteit.

Zelf gevangen vis

De aanwezigheid van dikwijls zeer hoge concentraties aan polluenten in vissen is al meerdere jaren gekend. Het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) heeft verschillende analyses laten uitvoeren.

Het eten van zelf gevangen vis kan de consument blootstellen aan meerdere bekende en onbekende verontreinigingen, zoals dioxines en dioxine-achtige pcb’s, vlamvertragers, zware metalen, PFAS-verbindingen… Om die reden wordt er op het Vlaamse visverlof uitdrukkelijk op gewezen dat het eten van zelf gevangen vis mogelijke gezondheidsrisico’s kan inhouden. Ook de consumptie van zelf geplukte mosselen wordt best vermeden.

Niet alleen de mogelijke graad van verontreiniging telt, ook de frequentie. Regelmatige consumptie wordt in elk geval afgeraden.

PFAS in drinkwater

jongen drinkt een glas water

Ook drinkwater kan ons blootstellen aan de opname van PFAS. Daarbij maken we een belangrijk onderscheid tussen de openbare watervoorziening (kraantjeswater, leidingwater) en water dat we halen uit eigen waterputten.

Leidingwater is in Vlaanderen een streng gecontroleerd product. Gebruik het dus gerust. De aanwezigheid van PFAS in kraantjeswater wordt niet stelselmatig gemeten. Zowel in Vlaanderen als op Europees niveau wordt daarover verder onderzoek verricht. Metingen begin 2019 tonen wel aan dat we het in alle veiligheid kunnen drinken (drinkwater, koffie, thee, ijsblokjes) en gebruiken in de keuken (bijvoorbeeld voor het koken van aardappelen, rijst en pasta). Lees meer over leidingwater en PFAS in het tussentijdse PFAS-rapport van de opdrachthouder, hoofdstuk 6.3 (PDF bestand opent in nieuw venster).

Momenteel zijn PFAS nog niet genormeerd in de Vlaamse drinkwaterwetgeving. Dat is wel het geval in de nieuwe Europese drinkwaterrichtlijn die op 16 december 2020 werd goedgekeurd: daarin zijn 20 PFAS-verbindingen opgenomen. Voor de som van die 20 verbindingen is een parameterwaarde voorzien van maximum 100 ng/l. De richtlijn moet tegen eind 2022 zijn omgezet in de Vlaamse wetgeving.

Niet alle adressen in Vlaanderen zijn aangesloten op de openbare watervoorziening. Voor wie gebruikmaakt van eigen putwater als drinkwater, gelden dezelfde kwaliteitseisen als voor de openbare watervoorziening. Zolang putwater niet is getest, wordt in de buurt van gekende risicosites aanbevolen om putwater niet te gebruiken als drinkwater of voor gebruik in de keuken. Volg de eventuele aanbevelingen op de webpagina voor uw gemeente. In elk geval wordt aanbevolen om alle adressen, waar die mogelijkheid beschikbaar is, aan te sluiten op de openbare watervoorziening.

Putwater kan hoe dan ook veilig worden gebruikt om uw toilet door te spoelen, auto te wassen en buitenplaatsen schoon te maken – ook op plaatsen waar wordt aanbevolen om putwater niet te drinken.

Voeding en overheid

De veiligheid van de commerciële voedselketen en de basisprincipes rond voedselveiligheid worden in ons land beheerd door verschillende overheidsdiensten.

Voor landbouwproducten afkomstig van professionele operatoren in de voedselketen inclusief de biolandbouw en de korte keten zoals zelfpluktuinen (als het handel betreft) onderscheiden we:

  • De Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu (FOD VVVL): Belgische autoriteit bevoegd om de nationale normen voor voedselveiligheid te bepalen en de bespreking van de normen op Europees niveau op te volgen
  • Het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV): Belgische autoriteit bevoegd voor het toezicht (controle en handhaving) op de veiligheid van de voedselketen.

Goede praktijk

Gezien bepaalde PFAS zich doorheen de jaren kunnen opstapelen in het menselijk lichaam, is het aangeraden om enkele regels van goede praktijk in de bouwen.

  • Personen met een kwetsbare gezondheid, denk aan kinderen, ouderen en zwangere vrouwen zijn het best extra voorzichtig.
  • Varieer in uw voeding. Varieer in de soort (evenwichtig voedingspatroon) en de oorsprong (eigen kweek afwisselen met voeding uit de handel).
  • Hoewel de klemtoon van deze webpagina’s ligt bij PFAS, kunnen we via onze voeding ook worden blootgesteld aan andere soorten verontreiniging die bij langdurig gebruik een impact kunnen hebben op onze gezondheid. Waar de aanwezigheid van pesticiden, vlamvertragers, kwik, lood, en vele andere stoffen wordt gecontroleerd bij voedsel in de handel, is dat niet het geval bij voedingsmiddelen die we zelf kweken in de tuin.
  • Gezond eten gaat over veel meer dan opletten voor verontreiniging. Het Vlaams Instituut Gezonder Leven ((opent in nieuw venster)) biedt hierover realistisch en wetenschappelijk onderbouwd advies.

Meer over voeding en PFAS

Het tussentijdse PFAS-rapport van de opdrachthouder voorziet heel wat bijkomende informatie rond voeding en drinkwater. Zoals rond het gebruik van water in de voedselproductie, blootstelling van de Belgische bevolking aan PFAS via voeding, berekeningswijzen en meetresultaten in de buurt van de 3M-fabriek in Zwijndrecht. Het rapport wijst ook op een aantal specifieke aandachtspunten, leemtes en geplande acties met betrekking tot de aanwezigheid van PFAS in voeding en drinkwater.