Gedaan met laden. U bevindt zich op: Site Slachthuizen Stadsvernieuwingsprojecten

Site Slachthuizen

Projectsubsidie • de Vlaamse Gemeenschapscommissie voor Brussel (VGC)
In uitvoering

Het stadsvernieuwingsproject Site Slachthuizen/Abattoir beoogt een nieuwe stedelijke plek te creëren in de dichtbevolkte Brusselse wijk Kuregem, die zowel een rol zal spelen op schaal van de metropool als op schaal van de wijk, waar vele uitdagingen liggen op vlak van leefkwaliteit en er een grote nood is aan buurtvoorzieningen. De bouw van een zwembad op het geplande Manufakture gebouw komt tegemoet aan een nood op de beide schalen.

Type subsidie

Projectsubsidie

Thema

(Circulaire) economie, Klimaat, Mobiliteit, Ruimte, Samenleven

Locatie

de Vlaamse Gemeenschapscommissie voor Brussel (VGC)

Jaar

2022

Beschrijving

Het project Site Slachthuizen/Abattoir past in een lang proces van transformatie van de industriële slachthuissite tot een multifunctionele en geïntegreerde stedelijke ruimte. Er werden de afgelopen jaren verschillende masterplannen en ruimtelijke visies uitgewerkt voor de site, die op elkaar verder bouwden en nieuwe inzichten toevoegden. De herontwikkeling is gekenmerkt door de jarenlange samenwerking met twee private partners, die beiden belangrijke en stuwende partijen zijn en de ambitie hebben om van de site een plek met maatschappelijke meerwaarde te maken die de eigen werking overstijgt:

  • Abattoir nv die hun slachthuis- en marktactiviteiten stelselmatig hebben verbreed naar een hub voor stedelijke voedselverwerking.
  • De Erasmus Hogeschool (EhB) die een campus heeft vlakbij de site (het aanpalende terrein campus Kaai), waar uitbreidingsplannen op tafel liggen voor onder andere een theaterzaal en een filmstudio, en met de ambitie om ook sport- en buitenruimte te delen met buurt.

Abattoir nv liet al in 2009 een masterplan opmaken voor de eigen terreinen, door het bureau ORG. Onder impuls van het Vlaamse Stedenbeleid en de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) werd de aanpalende campus van de Erasmus Hogeschool bij het stadsproject betrokken. Een conceptsubsidie leidde tot een onderzoek en masterplan voor een geïntegreerde planning en een combinatie van zowel de eigen onderwijs- en industriewerking met het openstellen van de ruimte en de activiteiten voor het diverse Brusselse publiek. Dat gaf aanleiding tot opmerkelijke ontwikkelingen zowel inzake publieke activiteiten (bijvoorbeeld de verschillende projecten van Cultureghem, de socio-artistieke vzw actief op de site) als inzake duurzame ontwikkeling (de Fresh-market met daarboven de grootste stedelijke agroboerderij van Brussel met geïntegreerd circulair energiegebruik en met verschillende aan elkaar verbonden teelten).

De constructie van publiek-private samenwerking én publiek-publieke samenwerking in één project met sterk draagvlak bij gebruikers en publiek is vandaag op punt gesteld en biedt de nodige garanties om het project ook te realiseren. Daarenboven is de Vlaamse partner Erasmushogeschool met een nieuwe directie en ook met nieuwe meer publieksgerichte opleidingen vandaag een enthousiaste deelnemer aan het stadsproject.

De ondersteuning vanuit stadsvernieuwing laat toe twee nieuwe ontwikkelingen op de site te implementeren:

  • De uitvoering van het ruimtelijk masterplan dat beide campussen (Abattoir en Erasmus) integreert, die de site beter doorwaadbaar maakt door een nieuwe publieke oost-west doorsteek, inclusief de aansluiting op een nieuwe fietsersbrug, en waarbij de publieke ruimte anders ingericht wordt om zowel de terreinen van de slachthuissite als de scholencampus, binnen bepaalde randvoorwaarden, open te stellen en te delen met de buurt. Tevens wordt de parking aan de kanaalzijde de plek van een gebouwenontwikkeling met gemengd programma die (eindelijk) een voorgevel richting kanaal oplevert.
  • Het voorzien van een nieuwe zweminrichting (overdekt bad + openluchtbad + instructiebad) op het dak van het door Abattoir nv geplande Manufakture-gebouw, waarin ook voedselverwerkende ateliers en een parkeergarage wordt ondergebracht.

Voor het ontwerp van Manufakture werd, met ondersteuning van de Brusselse Bouwmeester, een ontwerpwedstrijd georganiseerd. Dat het dak een publieke voorziening krijgt ligt vast in een afspraak met de private partner, en zowel de VGC als het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kenden al subsidies toe om de funderingen en de structuur hiertoe te verstevigen. De subsidie stadsvernieuwing moet dienen voor de realisatie van de zweminfrastructuur en de nodige omkadering (horeca, wellness, enz). Daarbij voorziet het project een duurzame en zeer vernieuwende energetische synergie: de zwembaden worden verwarmd met surplusenergie uit de koelinginstallaties in het gebouw. De coproductie-structuur met de organisaties Pool is Cool en Cultureghem, zorgt ervoor dat zowel de bovenlokale Brusselse lobby voor publieke (openlucht)zwembaden als de zeer lokale publiekswerking in de projectstructuur zitten.

De urgentie voor een bijkomende zwembadinrichting in Brussel, en in het bijzonder in deze erg kwetsbare buurt in Anderlecht, is duidelijk: er is slechts 1 openbaar zwembad per 67.000 inwoners, wat in vergelijking met Vlaanderen (1 zwembad per 22.000 inwoners) tot grote tekorten leidt en waardoor de eindtermen op vlak van zwemmen niet gehaald worden. Met de subsidie vanuit stadsvernieuwing wil de VGC ervoor zorgen dat de exploitatievergoeding van de DBFMO naar beneden kan, en dat Nederlandstalige organisaties zoals scholen, zwemclubs etc. aan een voordelig tarief gebruik kunnen maken van de zwemfaciliteiten.

Inbreng Vlaams Stedenbeleid

Aan het project Slachthuissite werd een subsidie van 3.440.000 euro toegekend. De subsidie zal worden besteed aan de realisatie van het zwembad en de inrichting van een groene ruimte op campus Kaai.

Motivering van de jury

Dit project maakt deel uit van een langlopende stadsontwikkeling op een cruciaal knooppunt in Brussel. De Slachthuizensite kent een postindustriële ontwikkeling tot voedsel-hub in Brussel, dichtbij het Zuidstation. De nieuwe activiteiten zijn complementair aan de nog steeds bestaande slachtactiviteit en de wekelijkse, drie dagen durende (grootste) markt. De reconversie van de slachthuizensite tot stedelijke ruimte werd gevoed door verschillende, opeenvolgende ruimtelijke (master)plannen, die op elkaar verder bouwden maar ook ruimte lieten voor nieuwe en evoluerende maatschappelijke inzichten. De ontwikkeling van de ideeën gebeurde in een constructieve samenwerking met private partners, waarbij het publiek openstellen van de ruimte gepaard gaat met een aantal sociale integratieactiviteiten.

De gehele ontwikkeling gebeurt met een aantal innovaties inzake duurzaamheid en ecologische optimalisatie (bvb recuperatie van voedsel op het einde van de markt ter verdeling bij daklozen en sociale keukens; de energetische integratie van de fresh-market en de op het dak ontwikkelde stadsboerderij). De in dit project voorgestelde verdere ontwikkeling bouwt voort op de bestaande expertise waarbij een nieuwe ontwikkeling op de markt wordt vervolledigd met een openbaar zwembad, opnieuw met maximale energetische integratie. Daarenboven gaat de ontwikkeling nu in de richting van een echte ruimtelijke integratie van de site met de campus van de Erasmushogeschool. Beide ontwikkelingen zijn niet alleen stedenbouwkundig van groot belang maar verankeren de Vlaamse aanwezigheid in de ontwikkeling van de site (zwembad + opening Erasmuscampus).

Innovatieve realisaties

  • Stapelen van functies: Om binnen de stedelijke omgeving in het algemeen, en binnen de herontwikkeling van de Slachthuizensite in het bijzonder, maximale kansen te bieden aan publiek toegankelijke en groene open ruimte, wordt in het project een innovatieve stapeling van functies toegepast die zorgt voor een zuinig ruimtegebruik en een vernieuwend concept oplevert van een publiek (openlucht)zwembad op het dak van een gebouw met een productieve functie
  • Ecologisch: recuperatie restwarmte voor zwembad: Voor de verwarming van het zwembadcomplex op het dak van het gebouw van de Manufakture wordt gebruik gemaakt van de restwarmte die vrijkomt in de koelcellen van het gebouw. Dit is naar analogie met het concept dat reeds toegepast werd op het dak van de Foodmet (de overdekte voedingshal van Abattoir). Wat met de serres op het dak begon als ecologische duurzaamheid, wordt zo verder ontwikkeld tot een sociale duurzaamheid, op het dak van de Manufakture.
  • Sociale functie van zwemmen en sporten in open lucht: Veel belangrijke steden in Europa hebben publieke zwemfaciliteiten in openlucht. In Brussel is er sinds de jaren ’70 geen openluchtzwembad meer. Zwemmen in open lucht is een sportieve activiteit, bevordert daarnaast ook de sociale interactie en laat mensen in contact komen met hun omgeving. Mensen met verschillende culturele achtergronden en verschillende leeftijdscategorieën kunnen elkaar op een ongedwongen manier ontmoeten rond het water. Zwemmen in open lucht heeft het potentieel om maatschappelijke verschillen te overbruggen. Plezier maken, zich ontspannen met vrienden of familie is een algemeen belang dat iedereen verbindt.

Deelaspecten

  • Ecologische duurzaamheid: De gehele site wordt ontwikkeld met een zeer hoge graad van vernieuwende energetische integratie zowel voor de private als de publieke activiteiten. Daarnaast worden op de site pilootprojecten uitgewerkt die in lijn zijn met de belangrijkste ecologische transitieprioriteiten van het Brusselse beleid (bv. stadslandbouw; een autoluwe stad; nieuwe stedenbouwkundige ingrepen, enz).
  • Sociale duurzaamheid: De Abattoir site heeft zich doorheen de graduele openstelling voor het publiek ontwikkeld tot een speel- en ontmoetingsplek, ook buiten de marktdagen. Er zijn structurele werkingen met zowel de wijkbewoners als met een breder jongerenpubliek.
  • Economische duurzaamheid: De ontwikkeling van de site is een voorbeeld van hoe stadsvernieuwing niet hoeft te leiden tot verdringing van economische activiteiten en een residentialisering van de functionele mix. De NV-structuur van Abattoir laat toe om de economische meerwaarde van de blijvende slachthuisactiviteit, het economisch belang van de markt en de beoogde vastgoedontwikkeling niet tegen elkaar uit te spelen maar economisch te integreren. De ontwikkeling van de site combineert erfgoed en het behoud van de oude slachthuisactiviteit met vernieuwende tijdelijke en permanente markten en de introductie van nieuwe publieke voorzieningen en woningen.
    Deze en ook de voorgaande fases in de ontwikkeling van de site getuigen van een duurzame samenwerking tussen de overheid en een private onderneming, die zich bewust is van het belang van de site in het stadsweefsel en van het algemeen belang. Het programma van de site stelselmatig ontwikkeld in een goede synergie tussen alle partners.
  • Ruimtelijke duurzaamheid: De site is gekoppeld aan het openbaar vervoer (twee metrostations) en voorziet in deze fase verschillende doorsteken die de doorwaadbaarheid zullen vergroten. De Manufakture is een uitwerking van één van de bouwvelden vastgelegd in het masterplan voor de site. Het geeft een gepaste en vernieuwende invulling aan het pakhuisconcept waarin een robuuste ruimtelijke structuur als drager fungeert voor diverse gestapelde functies, die relatief onafhankelijk van elkaar hun werking op deze locatie kunnen ontwikkelen.
  • Mobiliteit:
    • Een site op maat van voetgangers en fietsers.
    • De nieuwe publieke oost-west doorsteek maakt een permanente doorwaarbaarheid van het bouwblok mogelijk voor een stadsdeel dat hier behoefte aan heeft. Deze doorsteek biedt nieuwe mogelijkheden voor duurzame mobiliteit en wordt verlengd in een nieuwe brug voor zacht verkeer over het kanaal. De publieke doorsteek wordt, samen met de nieuwe fiets- en voetgangersbrug een onderdeel van het gewestelijk fietsnetwerk. De grote stroom aan doorgaand verkeer wordt verplaatst van de New Orleansstraat naar de Port Arthurlaan.
    • De heraanleg en verbreding van de kanaalkade zorgt voor een betere en veiligere voetgangers- en fietsersverbinding langsheen het kanaal. Momenteel is deze voetgangersverbinding tussen metrostation Delacroix en de EhB-campus allesbehalve comfortabel en veilig, terwijl een groot deel van het personeel en de studenten van EhB met de metro naar de campus komt.

Partners

  • De Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC)
  • Brussels Hoofdstedelijk Gewest (nl. Maatschappij voor Stedelijke Inrichting)
  • Gemeente Anderlecht
  • Europa (EFRO)
  • Abattoir nv
  • Sport Vlaanderen
  • Erasmus Hogeschool Brussel
  • Pool is cool

Locatie