Gedaan met laden. U bevindt zich op: Overmacht door defecte OBU’s en foutieve blacklisting Vlaamse Belastingdienst

Overmacht door defecte OBU’s en foutieve blacklisting

Rechtspraak
Nummer

2020/AF/362

Datum beslissing

19 november 2025

Publicatiedatum

6 mei 2026

Rechtbank

Hof van Beroep te Brussel

Status

Definitief

Heffing

  • Kilometerheffing

Wettelijke basis

  • art. 3.3.1.0.13. VCF

Samenvatting

VLABEL stelde in meerdere processen-verbaal vast dat de bestelwagen van de belastingplichtige de weg gebruikte zonder geldige dienstverleningsovereenkomst voor de kilometerheffing. De belastingplichtige betwist niet dat ze onderworpen is aan de kilometerheffing, maar wel de vastgestelde feiten.

De belastingplichtige voert aan dat er sprake was van overmacht door voortdurende technische problemen met haar OBUtoestellen en door gebrekkige dienstverlening van haar dienstverlener. Ze verwijst naar verschillende publieke bronnen die wijzen op algemene problemen met OBUs en de GPStracking. Ze toont daarnaast aan dat haar OBU’s meerdere keren vervangen werden en dat zij de problemen telkens onmiddellijk meldde aan de dienstverlener, zoals wettelijk vereist.

Uit de overgelegde stukken blijkt onder meer dat:

  • de OBU op 6 maart 2017 werd vervangen,
  • appellante op 10 maart 2017 opnieuw een defect meldde, waarna het toestel manueel op een “blacklist” werd gezet,
  • op 11 maart 2017, 1 april 2017 en 8 april 2017 weer nieuwe OBU’s werden geplaatst,
  • appellante op 20 april 2017 naar eigen zeggen het probleem voorlegde aan medewerkers van ‘Viapass’ (toezichthoudend orgaan) door langs de weg spontaan halt te houden bij een controlevoertuig van ‘Viapass’ en de bedrading van haar voertuig liet controleren — die bleek volledig in orde,
  • uit informatie van de dienstverlener blijkt dat de blacklisting op 10 maart gebeurde terwijl belastingplichtige toen net een nieuw toestel gebruikte.

Het Hof is bijgevolg van oordeel dat de algemene opmerkingen over het OBUsysteem irrelevant zijn, maar de concrete stukken aantonen dat belastingplichtige onmiddellijk en herhaaldelijk actie ondernam en dat de problemen niet aan haar te wijten waren. Ook de dienstverlening door/van/met de dienstverlener verliep stroef.

De defecten en blacklisting waren het gevolg van omstandigheden buiten de wil van de belastingplichtige.

Het hoger beroep van de belastingplichtige wordt aanvaard en de bestreden aanslagen worden vernietigd.