Oudergroep: parental Phubbing
Graduaat Orthopedagogische Begeleiding
Bewustwording ontstaat niet door te vingerwijzen, maar door ouders te versterken in hun ouderschap.
Waar gaat je eindproef over?
In mijn graduaatsproef Oudergroep: parental phubbing richt ik mij op een vaak onzichtbaar, maar maatschappelijk relevant probleem: parental phubbing, het negeren van het kind door ouders als gevolg van smartphonegebruik. In een tijd waarin digitale technologie constant aanwezig is, heeft dit gedrag een directe invloed op de emotionele en sociale ontwikkeling van jonge kinderen en op de kwaliteit van de ouder-kindinteractie.
Tijdens mijn stage bij ILT Wiegwijs Antwerpen en verschillende Huizen van het Kind stelde ik vast dat ouders tijdens spel- en ontmoetingsmomenten vaak hun smartphone gebruiken. Dit gedrag lijkt onschuldig, maar wanneer ouders langdurig niet reageren, voelen kinderen zich genegeerd. Vanuit deze observaties ontwikkelde ik een laagdrempelig en interactief project om ouders bewust te maken van hun smartphonegebruik, zonder te moraliseren of te veroordelen.
Ik verdiepte mij in de wetenschappelijke literatuur rond parental phubbing en werkte mijn project uit in overleg met medestudenten, het pedagogisch expertenteam en externe experten. In de oudergroepen gingen ouders actief aan de slag met stellingen over smartphonegebruik, reflecteerden ze over hun schermtijd en bekeken ze samen een moderne variant van het still-face-experiment. Zo kregen ouders inzicht in de impact van hun gedrag op hun kind en ontdekten ze haalbare alternatieven.
Een belangrijke meerwaarde was de samenwerking met een klinisch psycholoog, die vragen rond kindgedrag deskundig toelichtte. Het project werd uitgerold op meerdere locaties van de Huizen van het Kind in Antwerpen en kreeg ook aandacht van de Stad Antwerpen, die het verder inzet in workshops en overlegplatforms.
Hoe draagt je bachelorproef bij aan duurzaamheid?
Met mijn graduaatsproef draag ik bij aan duurzaamheid door in te zetten op sociale duurzaamheid en relationele kwaliteit binnen gezinnen. Ik benader duurzaamheid niet ecologisch, maar vanuit het versterken van menselijke relaties, welzijn en opvoedingscontexten in een digitale samenleving.
Mijn project sluit aan bij de doelstellingen van spel- en ontmoetingsmomenten: het stimuleren van ouder-kindinteractie en het versterken van diverse, vaak kwetsbare gezinnen in een grootstedelijke context. Door parental phubbing bespreekbaar te maken op een respectvolle en empowerende manier, krijgen ouders inzicht in hun gedrag en tools om bewuster met hun smartphone om te gaan.
Maatschappelijk draagt het project bij doordat het werd toegepast in meerdere oudergroepen en locaties, waardoor de impact verder reikt dan één setting. De betrokkenheid van eerstelijnspsychologen zorgde bovendien voor een duurzaam structureel effect: zij worden sindsdien standaard betrokken bij gelijkaardige initiatieven binnen Wiegwijs en de Huizen van het Kind.
Systeemgericht kreeg het project vervolg binnen de Stad Antwerpen, waar het wordt opgepikt in workshops en netwerkoverschrijdende overlegmomenten met verschillende stakeholders en lokale besturen.
Mijn graduaatsproef toont dat duurzame verandering binnen welzijnswerk ontstaat door bewustwording, samenwerking en versterking van ouders, niet door schuld of controle. Door ouders te ondersteunen in hun rol, draag ik bij aan duurzame ouder-kindrelaties die standhouden in een steeds digitaler wordende samenleving.