Gedaan met laden. U bevindt zich op: Een duurzaamheidstoets van het nieuwe goederenrecht in relatie tot ondernemingen: was duurzaamheid écht een belangrijke doelstelling? Genomineerde masterproeven 2026

Een duurzaamheidstoets van het nieuwe goederenrecht in relatie tot ondernemingen: was duurzaamheid écht een belangrijke doelstelling?

Master of Laws in de Rechten

Noor Buyssens (UGent)

Mijn onderzoek toont aan dat duurzaamheid in het goederenrecht pas betekenis krijgt wanneer eigendom expliciet wordt gekoppeld aan maatschappelijke verantwoordelijkheid.

Waar gaat je eindproef over?

In mijn masterproef voer ik een kritische duurzaamheidstoets uit van het nieuwe Belgische goederenrecht, met een specifieke focus op de rol van ondernemingen. Eigendomsrecht is historisch opgebouwd als een quasi absoluut recht, maar staat vandaag onder druk door ecologische grenzen en maatschappelijke verwachtingen. Hoewel de hervorming van het goederenrecht in 2021 duurzaamheid expliciet benoemt als doelstelling, stel ik de vraag of deze ambitie ook daadwerkelijk wordt gerealiseerd.

Mijn onderzoek analyseert het goederenrecht door de lens van ecologische duurzaamheid, met aandacht voor drie cruciale rechtsfiguren die bijzonder relevant zijn voor ondernemingen: res communes (bescherming van fundamentele natuurelementen), opstalrechten (in relatie tot circulaire vastgoedeconomie) en de milieu-erfdienstbaarheid (als instrument om milieubescherming op private gronden te verankeren). Voor elk van deze figuren onderzoek ik welke juridische knelpunten duurzaamheid belemmeren en hoe het recht hier vandaag tekortschiet.

Naast een technisch-juridische analyse bevat mijn thesis ook een filosofische reflectie op het goederenrecht als systeem. Ik toon aan dat veel duurzaamheidsinitiatieven in het recht blijven steken op een symbolisch niveau, omdat het goederenrecht nog steeds rust op liberale en kapitalistische fundamenten die structureel botsen met duurzame ontwikkeling. Mijn werk sluit af met denkpistes en concrete voorstellen die kunnen bijdragen aan een verdere verduurzaming van het goederenrecht, zowel op korte als op lange termijn.

Hoe draagt jouw masterproef bij aan duurzaamheid?

Met mijn thesis draag ik bij aan duurzaamheid door het juridisch fundament van eigendom kritisch te herdenken in het licht van ecologische, sociale en economische grenzen. Ik maak duidelijk dat duurzaamheid niet kan worden gerealiseerd zolang het eigendomsrecht wordt opgevat als een absoluut en vrijblijvend recht, los van verantwoordelijkheid tegenover de samenleving en toekomstige generaties.

Mijn onderzoek levert een bijdrage op drie niveaus. Ecologisch benadruk ik het belang van juridische mechanismen die bescherming van ecosystemen, natuurlijke hulpbronnen en biodiversiteit mogelijk maken, ook wanneer deze zich op private gronden bevinden. Economisch toon ik aan hoe het goederenrecht een sleutelrol speelt in de transitie naar een circulaire economie, onder meer via een herinterpretatie van opstalrechten. Sociaal leg ik bloot hoe bestaande machtsverhoudingen in het eigendomsrecht ongelijkheden bestendigen en duurzame verandering afremmen.

Een belangrijke meerwaarde van mijn thesis is dat ik kritiek combineer met constructieve oplossingen. Door zowel op microniveau (concrete rechtsfiguren) als op macroniveau (het systeem als geheel) na te denken over haalbare hervormingen, reikt mijn werk praktische handvatten aan voor wetgever, rechtspraktijk en beleid. Zo draagt mijn onderzoek bij aan een rechtssysteem dat duurzaamheid niet louter benoemt, maar ook daadwerkelijk mogelijk maakt, en daarmee aan een rechtvaardigere en toekomstbestendige samenleving.