Gedaan met laden. U bevindt zich op: Meer koet, minder afval Genomineerde masterproeven 2026

Meer koet, minder afval

Master in Arts Autonomous Design

Jaron Vandevelde (Hogent)

Mijn project nodigt uit tot een andere blik op de dieren met wie we onze steden delen en verkent ethisch verantwoorde vormen van samenleven met onze niet-menselijke buren.

Waar gaat je eindproef over?

In mijn masterproject Meer koet, minder afval onderzoek ik hoe het aangepaste nestgedrag van afvalverzamelende watervogels kan worden ingezet binnen een samenwerking tussen mens en dier.

In Gent ontwikkelde ik een pilootproject waarbij watervogels worden uitgenodigd om gebruik te maken van veilige broedplaatsen, iets wat in veel stedelijke contexten ontbreekt. De meerkoeten die er broeden verzamelen uiteenlopend nestmateriaal, waaronder een aanzienlijke hoeveelheid menselijk afval.

Tijdens de testfase werden zeven drijvende platformen geplaatst in de Gentse waterwegen. Na het broedseizoen, wanneer de watervogels het nest niet meer nodig hebben, werden de nesten, vol met menselijk afval, zorgvuldig verwijderd, gesorteerd en gerecycleerd. Op die manier werd het aangepaste nestgedrag van de afvalverzameldende meerkoeten onderdeel van een stedelijke, circulaire afvalcyclus. De resultaten waren opvallend: de vogels verzamelden grote hoeveelheden plastic, textiel en ander zwerfvuil, waardoor de waterwegen lokaal iets schoner werden met behulp van ons gevleugelde buren.

De platformen werden gebouwd uit gerecupereerde materialen en voorzien van handgetekende illustraties, waardoor ze ook functioneren als publieke kunstwerken en op een speelse manier de samenwerking en het afvalprobleem in de stad zichtbaar maken. Het project wekte brede interesse bij voorbijgangers, media, scholen en culturele organisaties.

Mijn eindproef toont zo hoe ontwerp, kunst en ecologie samen kunnen leiden tot nieuwe vormen van samenwerking tussen mens en dier, en hoe kleine, lokale ingrepen een grotere bewustwording rond afval en stedelijke natuur kunnen stimuleren.​​​​

Hoe draagt je masterproef bij aan duurzaamheid?

Met mijn eindproef benader ik duurzaamheid als een samenwerking tussen menselijke en niet-menselijke actoren. Ik laat zien dat stedelijke natuur niet afzonderlijk moet worden beschouwd, maar dat we deze wereld samen delen. Bovendien toon ik aan dat er alternatieve manieren van samenleven mogelijk zijn, waarin respect centraal staat.

Ecologisch draagt het project bij aan biodiversiteit en waterkwaliteit door veilige broedplaatsen te creëren en tegelijk zwerfvuil uit waterwegen te verwijderen. Circulair transformeert het project afval in een grondstof binnen een zichtbaar hergebruikssysteem, waarbij materialen na het broedseizoen opnieuw worden gesorteerd en gerecycleerd. Sociaal en cultureel stimuleert mijn werk bewustwording, verwondering en dialoog in de publieke ruimte, en nodigt het mensen uit om anders te kijken naar hun relatie met natuur en afval.

Een belangrijke meerwaarde van mijn eindproef is de creatieve en inclusieve aanpak. Door kunst, design en ecologie te combineren, wordt duurzaamheid niet abstract maar ervaarbaar en verbeeldbaar. Het project opent de deur naar een meer relationeel en zorgend duurzaamheidsdenken.

Mijn eindproef toont dat duurzaamheid niet alleen een technische uitdaging is, maar ook een culturele en verbeeldingsvraag. Door samen te werken met stedelijke dieren, lokale gemeenschappen en publieke instellingen, draagt dit project bij aan een inclusievere, veerkrachtige en toekomstgerichte stad, waarin mens en natuur niet tegenover elkaar staan, maar één zijn.