Jaarrekening (BBC 2020)
De jaarrekening van een lokaal bestuur bevat de evaluatie van het beleid en de financiën voor het afgelopen jaar. Het bestaat uit een beleidsevaluatie, een financiële nota en een toelichting. De vorm en inhoud van de jaarrekening moet, bovenop de algemene voorwaarden voor beleidsrapporten, voldoen aan een aantal specifieke regels.
Samenstelling
De jaarrekening bevat een beleidsevaluatie, een financiële nota en een toelichting.
Zodra het bestuur het ontwerp van de jaarrekening aan de raadsleden bezorgt, stelt het hen ook de bijbehorende documentatie ter beschikking. De documentatie bevat minstens:
- het overzicht van alle beleidsdoelstellingen die in de jaarrekening zijn opgenomen, met de bijbehorende actieplannen, acties, ontvangsten en uitgaven
- een overzicht van de toegestane werkings- en investeringssubsidies voor het boekjaar in kwestie
- een overzicht van de beleidsvelden per beleidsdomein
- een overzicht van de verbonden entiteiten
- een overzicht van de personeelsinzet
- een overzicht van de opbrengst per belastingsoort.
De documentatie biedt de raadsleden achtergrondinformatie bij de jaarrekening. De raad moet er niet over beslissen. Ze moet ter beschikking zijn vanaf het ogenblik dat de raadsleden het ontwerp van de jaarrekening ontvangen. De wijze van terbeschikkingstelling regelen de raden zelf in hun huishoudelijk reglement.
Bedragen voor de toekomstige jaren in de toelichtende schema’s van de jaarrekening
De toelichtende schema’s van de jaarrekening (schema T1, T2 en T4) moeten voor de toekomstige jaren de bedragen weergeven van het laatste (aangepaste) meerjarenplan dat de raad heeft vastgesteld, maar met inbegrip van de kredietgedeelten die voor de investeringen en de bijbehorende financiering zijn overgedragen vanuit het boekjaar waarvoor de rekening wordt opgemaakt.
De toelichtende schema’s van de jaarrekening voor het boekjaar 2020 bijvoorbeeld (boekjaar 1 in de schema’s) moeten voor het jaar 2021 en de volgende jaren (boekjaren 2 t.e.m. 6) de bedragen weergeven volgens de aanpassing van het meerjarenplan waarbij de raad de kredieten voor het boekjaar 2021 heeft vastgesteld. De kredietgedeelten die zijn overgedragen van 2020 naar 2021 moeten mee vervat zitten onder de geraamde bedragen voor 2021.