Gedaan met laden. U bevindt zich op: Sterfte Bevolking

Sterfte

Gepubliceerd op 6 juli 2023 • Volgende update: juli 2024
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden

Aantal overlijdens in 2022 gestegen

In 2022 stierven er in totaal 67.528 inwoners van het Vlaamse Gewest (bij de ). Dat zijn er 3.020 meer dan in 2021, ofwel een stijging van 4,7%. In vergelijking met het piekjaar 2020 stierven er bijna 3.400 inwoners van het Vlaamse Gewest minder (-4,8%).

In 2022 opnieuw minder geboorten dan overlijdens

In 2022 waren er opnieuw minder geboorten dan in het Vlaamse Gewest: 63.284 geboorten tegenover 67.528 overlijdens. Dat resulteerde in een negatief van -4.244. Ook in 2020 overschreed het aantal overlijdens het aantal geboorten. Er waren toen 70.919 overlijdens tegenover 62.798 geboorten (negatief natuurlijk saldo van -8.121).

Tussen 2000 en 2019 alsook in 2021 waren er steeds meer geboorten dan overlijdens in het Vlaamse Gewest. Dat gaf telkens een positief natuurlijk saldo.

Aandeel vroegtijdige sterfte daalt

slaat op de overlijdens vóór de leeftijd van 75 jaar. In 2022 vonden 18.264 overlijdens plaats vóór de leeftijd van 75 jaar, wat neerkomt op 27% van het totaal aantal overlijdens. Bij mannen was dat 34%, bij vrouwen 21%. Hiermee lag het aandeel vroegtijdige sterfte in 2022 in lijn met de waargenomen evolutie uit het verleden. De figuur vertoont een kleine knik naar beneden in 2020. In dat jaar met een hoog aantal overlijdens ten gevolge van de Covid-19-pandemie lag het aandeel vroegtijdige sterfte in de totale sterfte nog wat lager dan verwacht volgens de evolutie: 33% van de overlijdens bij mannen en 20% van de overlijdens bij vrouwen vond in 2020 plaats vóór de leeftijd van 75 jaar.

In het Vlaamse Gewest waren er in 2022 10 overlijdens per 1.000 inwoners. In het Waalse Gewest lag dat hoger (10,9 per 1.000 inwoners), in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest lager (7,2 per 1.000 inwoners).

In het Vlaamse Gewest waren er tussen 2000 en 2022 nooit meer dan 10 overlijdens per 1.000 inwoners. Enkel in 2020 lag het bruto sterftecijfer op 10,7.

Bruto sterftecijfers hangen samen met de leeftijdsopbouw van de bevolking. Anders dan in het Vlaamse en Waalse Gewest was er over de afgelopen jaren een verjonging van de bevolking van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (relatief meer jongeren, minder ouderen), wat de daling van het bruto sterftecijfer in dat gewest mee verklaart.

Grote gemeentelijke variatie in het bruto sterftecijfer in 2022

De helft van de steden en gemeenten had in 2022 een bruto sterftecijfer hoger dan het gemiddelde voor het Vlaamse Gewest (10 per 1.000) inwoners. Vooral, maar niet uitsluitend in de kustgemeenten, met hun oudere bevolking, werden relatief hoge waarden genoteerd. Gemeenten met een relatief laag bruto sterftecijfers waren er in de noordelijke helft van Limburg, de Noorderkempen en in een uitgebreide regio rond het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest.

Van de centrumsteden scoorden Leuven (8,2), Mechelen (8,6), Antwerpen (8,8), Gent (9,0), Sint-Niklaas (9,8) en Roeselare (9,9) lager dan het Vlaamse gemiddelde. Turnhout (10,4), Aalst (10,5), Genk (11,0), Hasselt (11,1), Kortrijk (11,4), Brugge (12,0) en Oostende (14,9) noteerden bovengemiddelde waarden.

Vlaams Gewest onder het EU-gemiddelde voor het bruto sterftecijfer

Het Vlaamse Gewest (9,6) en België (9,7) scoren voor het bruto sterftecijfer van 2021 lager dan het Europese gemiddelde (11,9). Lidstaten met relatief hoge scores zijn Bulgarije, Letland en Roemenië. Lidstaten met lage scores zijn Ierland, Luxemburg en Cyprus. Ten dele weerspiegelt de rangschikking ook de leeftijdsopbouw van de totale bevolking in de lidstaten, met gewoonlijk hoge scores voor landen met een oudere bevolking en lage scores voor landen met een jongere bevolking.

Cijfers voor 2022 zijn nog niet voor alle EU-landen beschikbaar.

Info over definities en bronnen

Lees deze pagina in: